Bijwerkingen van behandelingen tegen kanker

Chemotherapie heeft als bedoeling om de kankercellen te doden, maar tast helaas ook de gezonde cellen aan. Vooral de snelgroeiende gezonde cellen ondervinden er last van, zoals:

  • cellen van het beenmerg 
  • slijmvliescellen van de mond 
  • slijmvliescellen van de darmen
  • haarcellen

De bijwerkingen verschillen van patiënt tot patiënt en van behandeling tot behandeling

Het is die schade aan gezonde cellen die verantwoordelijk is voor de bijwerkingen. Tijdens de rustperioden tussen twee chemokuren, krijgen de gezonde cellen de tijd om te herstellen, en dan kunnen de bijwerkingen verminderen of verdwijnen. De mogelijke bijwerkingen zijn afhankelijk van:

  • het soort cytostatica – een cytostaticum, meervoud cytostatica, is een medicijn dat gebruikt wordt bij de behandeling van kanker; het beoogt de deling van cellen te stoppen (cytos = cel; stasis = stilstand)
  • de combinatie met andere cytostatica
  • de dosis cytostatica
  • de manier van toediening
  • de duur van de behandeling
  • de combinatie met andere medicijnen en/of behandelingen
  • de algehele lichamelijke conditie

Het valt niet te voorspellen hoe je op chemotherapie reageert. Sommige patiënten hebben veel last van bijwerkingen, anderen merken er veel minder van. De oncoloog of verpleegkundige kan je vertellen welke bijwerkingen je kunt verwachten in functie van je behandeling.

Hebben andere behandelingen ook bijwerkingen?

Radiotherapie, chirurgie, nieuwe doelgerichte behandelingen ... ze kunnen allemaal bijwerkingen hebben. Zoals gezegd variëren ze van patiënt tot patiënt en van behandeling tot behandeling. In het menu hieronder kan u een lijst met alle mogelijke bijwerkingen vinden.

"Ik zie af, dus de behandeling werkt?"

De ernst van de bijwerkingen zegt niets over het resultaat van de behandeling. Wie veel hinder ondervindt, mag niet bij voorbaat besluiten dat de chemotherapie effectief werkt. En omgekeerd: geen last betekent niet dat de chemotherapie geen effect heeft.

De meeste bijwerkingen zijn tijdelijk en nemen geleidelijk af. Het is belangrijk alle klachten te bespreken met de specialist. Misschien is er een manier of een middel om de hinderlijke bijwerkingen tegen te gaan. Soms wordt de hoeveelheid cytostatica (tijdelijk) aangepast of wordt de toediening ervan een of twee weken uitgesteld.

Voor informatie en advies kun je ook terecht bij de oncologieverpleegkundige of verpleegkundig specialist. Deze gespecialiseerde verpleegkundigen zijn in veel ziekenhuizen aanwezig. Denk ook aan je huisarts en patiëntenorganisaties.

Getuigenissen

Jacqueline is 47 als ze met abnormale buikpijn en aanhoudende vermoeidheid naar de huisarts gaat. Na een uitvoerig onderzoek valt de diagnose: eierstokkanker. Om de bijwerkingen van de ziekte en de behandelingen beter het hoofd te bieden, kiest de thuisverpleegkundige voor een combinatie met niet-klassieke geneeswijzen.Lees verder