Behandeling |
|
|
|
In heel wat gevallen van unilateraal retinoblastoom (wanneer maar een enkel oog is getroffen), is men verplicht om over te gaan tot enucleatie, de chirurgische verwijdering van de oogbol en het plaatsen van een prothese. Bij een bilateraal retinoblastoom (wanneer beide ogen getroffen zijn), probeert men om minstens een van de twee ogen te reden. Dat kan door de combinatie van verschillende behoudsgezinde behandelingen. In 60 % van de gevallen volstaat de chirurgische ingreep om te overleven. Als dat mislukt, kan een lichte chemotherapie zonder bestraling soelaas brengen bij minder ernstige gevallen en een zware aangevuld met radiotherapie bij ernstige gevallen. Sinds een tiental jaren zijn er ook andere behandelingsstrategieën ontwikkeld. Vandaag begint de behandeling vaak met chemotherapie. In 90 % van de gevallen laat dat toe om het gezwel te controleren als het niet groter is dan 15 mm. Zodra de chemotherapie aanslaat, kunnen de andere behandelingen volgen. Indien mogelijk kiezen artsen voor behoudende behandelingen om een operatie van het kind en verlies van een oog te vermijden. In die context zijn verschillende manieren van aanpakken mogelijk:
- thermochemotherapie: combineert de warmte van een laser met chemotherapie;
NeveneffectenIn de ontwikkelde landen kan men vrijwel alle kinderen met retinoblastoom redden. Het kind zal echter vaak nog gevolgen ervan ondervinden in zijn zicht. De ernst daarvan hangt af van de gebruikte behandelingen en de plaats van het gezwel op het netvlies. Momenteel zijn wetenschappers bezig om behandelingen te zoeken die het oog niet teveel aantasten en die het zicht en de gezondheid van de getroffen patiënten in de toekomst bewaren. |
|
| Laatste update op ( 12-03-2009 ) |












