Inleiding |
|
|
|
Borstkanker bij mannen komt zelden voor, goed voor slechts 1 % van het totaal aantal gevallen borstkanker (cijfers van 2005 voor België: 81 gevallen van borstkanker bij mannen tegenover 9405 bij vrouwen). De gemiddelde leeftijd van mannen met borstkanker ligt ergens tussen 60 en 65, dus gemiddeld vijf jaar later dan bij vrouwen.
RisicofactorenElementen zoals erfelijkheid, blootstelling aan stralingen en voorgeschiedenis met een goedaardige ziekte van de borsten vormen risicofactoren die mannen en vrouwen gemeenschappelijk hebben. Toch bestaan er ook factoren die typisch zijn voor mannen zoals bijvoorbeeld: afgenomen werking van de testikels (minder aanmaak van testosteron), het syndroom van Klinefelter (zeldzame aandoening gekenmerkt door de aanwezigheid van een extra X chromosoom, weinig ontwikkelde geslachtsorganen, hormonale afwijkingen en een gynecomastie, d.w.z. een toename van de grootte van de borsten) en verschillende aandoeningen aan de testikels (teelbalontsteking, traumatisme of niet ingedaalde testikels). Op het vlak van erfelijke voorbeschikking kan het BRCA2 gen worden geassocieerd met een toegenomen risico op borstkanker bij mannen. Tussen het BRCA1 gen, dat vaak wordt gekoppeld aan borstkanker bij vrouwen, en borstkanker bij mannen lijkt er geen verband te bestaan. Nog andere factoren lijken risicofactoren te vormen zonder dat men goed waarom. Het gaat bijvoorbeeld om:
SymptomenBorstkanker bij mannen vertoont heel wat gemeenschappelijke kenmerken met borstkanker bij vrouwen, op enkele histologische bijzonderheden na, zoals de afwezigheid van de lobulaire vorm. Het merendeel van de borstkankers bij mannen zijn, net zoals bij vrouwen, carcinomen. De meest voorkomende vorm is het carcinoom dat in de melkgangen binnendringt (73 % van het aantal kankers bij mannen). Mannen kunnen ook de ziekte van Paget of een ontstekingscarcinoom krijgen. Er kunnen zich ook bepaalde sarcomen voordoen, maar die zijn eerder zeldzaam. Onderzoek naar de aanwezigheid van hormonale receptoren bij mannen met borstkanker toont aan dat de borstkanker in 80 % van de gevallen hormoonafhankelijk is. Een kleine pijnlijke massa, meestal opgemerkt door de patiënt zelf, is het vaakst voorkomende symptoom in het geval van borstkanker bij mannen. Meestal ontstaat een "knobbel" onder de tepelhof (gekleurde zone rond de tepel) waar het borstweefsel geconcentreerd is. Vaak doet er zich ook bloedverlies of verlies van bloederig vocht via de tepel voor. Zoals bij vrouwen kan de diagnose van borstkanker bij mannen maar worden vastgesteld na anamnese, onderzoek, mammografie en bevestiging ervan na wegzuigen van weefsel met een fijne naald en/of chirurgische biopsie. Een caryotype (techniek gebruikt om het chromosoomprofiel van de patiënt te analyseren) kan worden uitgevoerd als men vermoedt dat het syndroom van Klinefelter in het spel is.
BehandelingenDe behandelingen zijn een beetje afhankelijk van de graad van uitzaaiing van de ziekte, maar lopen over het algemeen nogal gelijk met die bij vrouwen.
Tot voor kort was de gangbare behandeling voor een gelokaliseerde borstkanker een mastectomie (borstamputatie) met verwijdering van de lymfeklieren onder de oksel. Toch is een recent procédé, biopsie van de sentinellymfe, steeds gangbaarder om te bepalen of de kankercellen zich al dan niet hebben uitgezaaid naar de okselklieren. Dat heeft als voordeel dat een te ingrijpende chirurgie wordt vermeden, net als de neveneffecten ervan (lymfoedeem bijvoorbeeld, d.w.z. opzwelling van de arm te wijten aan een abnormale lymfeophoping in de weefsels).
Bepaalde artsen raden een radiotherapie aan na de mastectomie. De voordelen van deze radiotherapie in het geval van borstkanker bij mannen (en niet bij vrouwen) zouden volgens bepaalde experts discutabel zijn.
Radiotherapie kan ook worden voorgesteld aan patiënten wiens fysieke conditie geen verdoving of chirurgische ingreep toelaat.
Een hormoonbehandeling kan worden voorgesteld aan de patiënt in combinatie met een plaatselijke radiotherapie. De vaakst voorkomende behandeling is de inname van Tamoxifen bij patiënten die positieve hormonale receptoren hebben. Mannen verdragen Tamoxifen goed, maar kan ook bepaalde neveneffecten veroorzaken: haaruitval, verzwakt libido, gewichtstoename, slapeloosheid, depressie.
Chemotherapie wordt het vaakst voorgesteld aan patiënten met negatieve hormonale receptoren, in combinatie met een plaatselijke radiotherapie.
AanbevelingenBorstkanker bij mannen komt relatief zelden voor. Mannen besteden weinig aandacht aan borstonderzoek. Zo gebeurt het dat bepaalde mannen bij de consultatie al een goed ontwikkelde kanker hebben. Het is dus belangrijk om bijzondere aandacht te schenken aan de volgende tekenen:
Net zoals bij vrouwen verhogen een vroegtijdige diagnose en behandeling gevoelig de kansen op genezing.
BibliografieWebsite:
|
|
| Laatste update op ( 10-08-2009 ) |










