Begrijpen wat er juist gebeurt en hoe daaraan het hoofd bieden |
|
|
|
Gemakkelijker gezegd dan gedaan? In eerste instantie omdat de medische waarheden noodzakelijkerwijze relatief zijn. Elke situatie is anders en moet opnieuw worden bekeken in functie van het resultaat van de behandeling. Vervolgens omdat de emoties van de patiënt een invloed hebben op de waarheid die hij of zij wil horen op een bepaald moment, afhankelijk van zijn defensiemechanisme, bewust of onbewust (zie hoofdstuk 1: Voornaamste emotionele reacties). Elkeen trotseert zijn waarheid op zijn eigen ritme en niemand kan deze waarheid weigeren of opdringen aan de patiënt. Een zieke die vandaag liever niets weet, zal later misschien vragen beginnen stellen. Het zijn de geneesheer en de omgeving die zich aan zijn gevoelens moeten aanpassen en niet omgekeerd. Maar, moet je dan liegen? Algemeen is het beter eventuele leugens te vermijden omdat de patiënt, wanneer hij ze ontdekt, alle vertrouwen in de arts dreigt te verliezen. Ter herinnering, in de geneeskunde zijn waarheden relatief. Dat biedt bijna altijd ruimte voor een gerechtvaardigde hoop. De manier waarop de dingen worden gezegd, is al net zo belangrijk en de arts kan de informatie geleidelijk aan meedelen, aangepast aan het tempo waaraan de patiënt zijn vragen stelt en aan datgene wat hij wil horen. De patiënt kan zelf ook beslissen wat hij wil dat de geneesheer aan zijn familie meedeelt. Ideaal is het wanneer de communicatie zo breed mogelijk verloopt, in functie van de verwachtingen van de omgeving en van haar vermogen om de realiteit te aanvaarden. Het gebrek aan informatie is vaak zorgwekkender dan de werkelijkheid zelf. Veel mensen associëren kanker immers altijd met dramatische beelden, die meestal zelfs achterhaald zijn. In extreme gevallen, wanneer de zieke de arts verbiedt om gegevens omtrent zijn toestand aan de familie door te geven, is de geneesheer verplicht deze keuze te eerbiedigen. Praktische tips Om de uitwisseling van informatie te vergemakkelijken, is het vaak erg nuttig dat een familielid bij de medische consultaties aanwezig is. Het is natuurlijk vanzelfsprekend dat de patiënt hiermee akkoord gaat en dat de derde persoon vermijdt een hinderpaal te zijn tussen de arts en de patiënt. Deze aanwezigheid kan bijdragen tot een rustigere sfeer en de communicatie verbeteren. Aangezien deze derde persoon gehoord heeft wat de arts heeft gezegd (en aangezien de patiënt dit vaak moeilijk kan onthouden door de emoties die zich van hem meester maken), kan hij achteraf alles opnieuw overlopen met de patiënt op diens eigen tempo en de andere familieleden op de hoogte brengen. Degene die de patiënt vergezelt, kan hem tijdens de consultatie ook aanmoedigen om bijkomende vragen te stellen (zonder die zelf in zijn plaats te stellen), hem herinneren aan de vragen die hij zou kunnen vergeten en mag er niet aan twijfelen om, indien nodig, toe te geven dat hij de uitleg niet heeft begrepen. |












