De klachten die iemand van strottenhoofdkanker kan ondervinden, zijn afhankelijk van de plaats van de tumor.
In een vroeg stadium kunnen de volgende klachten voorkomen.
- Een glottische tumor (aan de stembanden) geeft als eerste klacht aanhoudende heesheid. Aanvankelijk heeft de patiënt soms meer, soms minder last van heesheid. Op de duur wordt de heesheid heviger, waardoor het spreken moeilijker wordt. Omdat tweederde van de patiënten met strottenhoofdkanker een glottische tumor heeft, is dat de herkenbaarste klacht bij strottenhoofdkanker.
- Verschijnselen bij een supraglottische en een subglottische tumor: verandering van de hoogte van de stem en een vage pijn in de keel, vergelijkbaar met de pijn van een visgraat in de keel. Ook kan de patiënt het gevoel hebben van 'een krop in de keel'.
In een later stadium kunnen verschillende klachten optreden die met pijn gepaard gaan.
- Bij een supraglottische tumor en een glottische die zich naar de supraglottis uitgebreid heeft, kan een wat merkwaardige pijn optreden, die zich voordoet bij het ademhalen of bij het slikken en vaak naar één of beide oren uitstraalt. Daarnaast kunnen verschijnselen opduiken als chronische hoest of af en toe vage klachten bij het slikken.
- Als een supraglottische en een subglottische tumor in een later stadium de stembanden of de stembandspieren aantast, veroorzaakt dat heesheid.
- Een supraglottische tumor kan tevens veel slijm in de keel geven.
- Een grote strottenhoofdtumor kan de doorvoer van lucht en/of voedsel belemmeren, waardoor kortademigheid of problemen met het doorslikken van voedsel kunnen ontstaan.
Heesheid is een klacht die bij verschillende aandoeningen kan optreden. Niet elke heesheid is het gevolg van een tumor in het strottenhoofd. Het is in elk geval verstandig om met heesheid die langer dan enkele weken aanhoudt, naar de huisarts te gaan. Dat geldt ook voor vage slikklachten die maar niet overgaan.