Onthaal > Publicaties > Nieuws voor u gelezen > 2010 Archief Preventienieuws > Massale borstkankerscreening? “Irrationeel”?

Massale borstkankerscreening? “Irrationeel”?

Afdrukken E-mail

Terwijl TV-spots vrouwen tussen 50 en 69 aansporen om een borstkankerscreening te ondergaan (systematisch opsporingsonderzoek voor borstkanker) klonk er in de media recent scherpe kritiek over de gegrondheid van een dergelijke aanpak.

Bronnen: Belga, 15-02-10 ;  Le Soir, 15-02-10 ; La Nouvelle Gazette, 16-02-10

Commentaar van de Stichting tegen Kanker

De geneeskunde lijkt bijzonder vatbaar voor het virus van de polemiek. Denk maar aan de epische debatten over de vaccinatie tegen de AH1N1 griep.

Laatste slachtoffer: systematische opsporing van borstkanker.

Om te beginnen, is het belangrijk om te weten dat er een verschil in grootte bestaat tussen volksgezondheid en individuele begeleiding, ook inzake opsporing

Systematische opsporing omvat de voor een grote bevolkingsgroep nuttigst geachte onderzoeken. Dat is hier het geval voor borstkankerscreening, die om de twee jaar wordt aanbevolen voor vrouwen tussen 50 en 69.

Een behandelende arts kan sommige vrouwen aanraden om vroeger met de opsporing te beginnen, om verder te doen na de “uiterste” leeftijdsgrens of om andere onderzoeken te ondergaan (zoals echografie) naast de mammografie. In dat geval is er sprake van een senologische balans. Die individuele opvolging wordt geval per geval bekeken, rekening houdende met een welbepaald risicoprofiel.

Betekent dat dan dat een van deze twee benaderingswijzen beter is dan de andere?

Nee. De eerste is een zaak van volksgezondheid en de tweede een individuele opvolging. Het is dus absurd om ze tegenover elkaar te plaatsen.

Systematische opsporing van borstkanker(volksgezondheid) heeft trouwens als niet te verwaarlozen verdienste dat het de technische controle van apparaten voor borstkankerscreening gevoelig verbeterd heeft. Dat geldt zowel voor borstkankerscreening als voor individuele opvolging. Beiden hebben er dus baat bij.

Het nut van opsporing (systematisch of via individuele opsporing) bestaat erin om de genezingskansen te vergroten. Daar bestaan trouwens voldoende bewijzen voor in het geval van borstkanker, baarmoederhalskanker en darmkanker.

In het geval van prostaatkanker ligt het struikelblok voor de opsporing in het risico om een overbodig ziektecijfer te creëren te wijten aan een behandeling voor een kanker die, in zijn natuurlijke evolutie, de levensverwachting niet beïnvloedt.

Om met een aanbeveling te eindigen, raadt de Stichting alle dames aan om regelmatig hun borsten te bekijken. Vrouwen tussen 50 en 69 ondergaan zelfs best een opsporingsonderzoek door middel van mammografie!

Praat er gerust over met uw behandelende arts. Hij/zij is de best geplaatste persoon om het gepaste onderzoek aan te raden.

Dr. D. Vander Steichel,
medisch en wetenschappelijk directeur
Laatste update op ( 01-03-2010 )
 

Zoeken

Zich inschrijven voor een nieuwsbrief