2007 Archief - Medisch nieuws |
|
|
|
-Risico op kinderkanker in de buurt van kerncentrales? Nieuws 14-12-07 -GSM & kanker: een nieuw onderzoek heropent het debat Nieuws 11-12-07 -Nachtwerk mogelijk kankerverwekkend ? Nieuws 08-12-07 -Longkanker: de genoomkaart biedt nieuwe perspectieven! Nieuws 14-11-07 -Verbetering van de anti-angiogenesebehandelingen in zicht! Nieuws 13-11-07 -Witboek Kanker Nieuws 27-10-07 -HIFU tegen prostaatkanker Nieuws 01-10-07 -De pil zou het risico op kanker niet doen stijgen Nieuws 15-09-07 -Het Asbestfonds is operationeel Nieuws 04-09-07 -Borstklinieken: wat nieuws? Nieuws 03-09-07 -Kindersterfte te wijten aan milieuvervuiling News 30-08-07 -Endeldarmkanker en radiotherapie Nieuws 09-08-07 -Vooruitgang in de behandeling van melanoom in België Nieuws 08-08-07 -Verband tussen alcohol en darmkanker duidelijker Nieuws 06-08-07 -Verhoogd borstkankerrisico door pompelmoes? Nieuws 01-08-07 -Eierstoktransplantatie: een Belgische première! Nieuws 17-07-07 -Radiotherapie in het UZ Gent: wachten op de resultaten van het onderzoek! Nieuws 05-07-07 -Verbetering in de behandeling van hoofd- en nekkankers dankzij Cetuximab Nieuws 28-06-07 -Borstkanker: een genetische test om herval te vermijden Nieuws 27-06-07 -Nexavar: ook doeltreffend tegen leverkanker! Nieuws 08-06-07 -Belang van de schildwachtklier bij prostaatkanker Nieuws 16-06-07 -Levensverwachting en kanker: België scoort hoog! Nieuws 02-06-07 -Wetenschappers ontdekken 4 nieuwe genen betrokken bij borstkanker Nieuws 30-05-07 -Vaccin tegen agressieve vorm van leukemie getest in Antwerpen Nieuws 24-05-07 -De slachtoffers van distilbeen informeren Nieuws 14-05-07 -ASCO 2007: nieuwe ontwikkelingen in de behandeling van borstkanker! Nieuws 09-06-07 -Weldra een Kankerplan in België? Nieuws 01-06-07 -Hepatitis C en risico op lymfoom Nieuws 12-05-07 -Een nieuw geneesmiddel tegen nierkanker Nieuws 07-05-07 -Nanodeeltjes in de strijd tegen longkanker Nieuws 24-04-07 -Belgische ontdekking in de behandeling van bepaalde vormen van leukemie Nieuws 21-04-07 -Dubbel zoveel kankers tegen 2030! Nieuws 11-04-07 -Groter kankerrisico bij vrouwen door hoge suikerspiegel? Nieuws 02-04-07 -Een fonds voor alle asbestslachtoffers Nieuws 13-03-07 -Hormonen en menopauze Nieuws 12-03-07 -Een onuitgegeven onderzoek bewijst de verbetering van de overlevingskansen Nieuws 10-03-07 -Sommige longkankerpatiënten worden beter bestraald dan geopereerd Nieuws 07-03-07 -Hoger borstkankerrisico bij grotere borstdensiteit Nieuws 05-03-07 -Benzeen in frisdranken ? Nieuws 04-03-07 -Selectie van embryo’s bij erfelijke borstkankers Nieuws 03-03-07 -Stamcellen aan de oorsprong van darmkanker? Nieuws 15-02-07 -Behandeling van kanker : balans van de recente vooruitgang Nieuws 13-02-07 -Toename van kanker over heel Europa Nieuws 10-02-07 -Momenteel lopen er in België tests voor een vaccin tegen prostaatkanker Nieuws 09-02-07 -Borstkanker: weldra een nieuwe combinatie van geneesmiddelen ter onderzoek? Nieuws 08-02-07 -Belang van voedingsaandacht bij kanker Nieuws 04-02-07 -Borstkanker: een nieuw gericht geneesmiddel ter studie Nieuws 25-01-07 Maretakextracten zijn geen behandeling tegen kanker! Nieuws 24-01-07 -Transgenetische kippen in staat om kankerwerende geneesmiddelen te produceren Nieuws 19-01-07 -Aantal borstkankergevallen lager door minder hormonale substitutie? Nieuws 11-01-07 -Ontdekking van nieuw gen dat vatbaarheid voor kanker aantoont Nieuws 10-01-07 -Nierkanker: de kankercellen nauwkeuriger situeren om ze selectief te vernietigen Nieuws 04-01-07 Risico op kinderkanker in de buurt van kerncentrales?Nieuws 14-12-07 Een studie uitgevoerd door het federaal agentschap voor bescherming tegen straling in Duitsland wijst erop dat kinderen jonger dan vijf, die in de buurt van een kerncentrale wonen, statistisch gezien een hoger risico op kanker lopen. Het gaat dan vooral om leukemie. Toch preciseert de Duitse minister van leefmilieu dat, met de huidige wetenschappelijke kennis, dit verhoogd risico niet te verklaren valt door de blootstelling aan straling van een kernreactor, omdat die lager ligt dan de natuurlijke radioactiviteit. Bronnen: Gazet van Antwerpen, 10-12-07 ; Vers l'Avenir, 10-12-07 ; Metro, 10-12-07 Commentaar van de Stichting tegen Kanker Deze studie geeft de resultaten weer van een onderzoek uitgevoerd tussen 1980 en 2003 in de buurt van 16 Duitse kerncentrales bij ongeveer 6 000 kinderen. De onderzoekers van de universiteit van Mainz hebben het aantal kankers, opgetekend in de buurt van kerncentrales, vergeleken met het aantal gezonde kinderen in dezelfde gebieden en met de frequentie van kinderkankers op nationaal vlak. De afstand tussen de woonplaats en de dichtstbijzijnde kerncentrale werd voor iedereen heel precies bepaald. De onderzoekers hebben aangetoond dat, in een straal van 5 km rond deze centrales, 37 kinderen leukemie hadden. Het aantal leukemiegevallen bij een vergelijkbare groep kinderen, die ver van een kerncentrale wonen, bedroeg amper 17. We moeten deze cijfers evenwel met de nodige voorzichtigheid analyseren, gezien het kleine aantal geobserveerde gevallen (wat de statistische interpretatie van het fenomeen bemoeilijkt) en omwille van het gebrek aan informatie over andere mogelijke risicofactoren (het onderzoek maakte geen melding van gegevens over levenswijze). De auteurs van het onderzoek herinneren er bovendien aan dat de jaarlijkse stralingsdosis via de lucht voor iemand die in Duitsland op 5 km van een kerncentrale woont, schommelt tussen 0,0000019 et 0,00032 mSv (millisievert). Dat is een pak lager dan de toegelaten drempelwaarde van 0,3 mSv per jaar. Deze natuurlijke blootstelling is onder andere te wijten aan bepaalde gesteenten in de aardkorst (die produceren een radioactief gas: radon) en aan stralingen uit de ruimte. De natuurlijke straling kan ten slotte nog bovenop een gemiddelde stralingsdosis van 1,2 mSV komen van kunstmatige bronnen (via medische beeldvorming: radiografie, scanner enzovoort). De stralingsdosis in de buurt van een kerncentrale is dus zeer laag (behalve bij nucleaire ongelukken natuurlijk!). Er dienen daar dan ook strikte controles te gebeuren en meer doorgevoerd onderzoek is zeker nodig om een beter zicht te krijgen op de oorzaak van dit verhoogd risico op kinderkanker. GSM & kanker: een nieuw onderzoek heropent het debatNieuws 11-12-07 Een nieuw onderzoek in het American Journal of Epidemiology van december heropent het debat over de eventuele schadelijkheid van GSM's. Israëlische onderzoekers hebben aangetoond dat het risico op kanker van de speekselklieren 50 % hoger zou liggen bij frequente GSM-gebruikers. Bron: American Journal of Epidemiology, 06-12-07 Commentaar van de Stichting tegen Kanker Het team van dokter Sadetski van het Medisch Centrum Tel Hashomer in Tel Aviv (Israël) heeft zich tussen 2000 en 2003 gebogen over 402 goedaardige gezwellen van de speekselklieren en 58 kwaadaardige gezwellen bij volwassen Israëliërs. Ze peilden naar hun belgewoonten en vergeleken de resultaten met die van mensen in goede gezondheid (1 266 mensen). De auteurs van het onderzoek hebben zo een verband aangetoond tussen het gebruik van mobiele telefoons en de ontwikkeling van gezwellen in de speekselklieren. Hoe meer ze telefoneerden, hoe hoger het risico leek te zijn. Dit risico zou met de helft stijgen bij mensen die hun GSM gedurende meer dan 22 uur per maand gebruiken. Een ander element waarvoor ze bewijzen vergaarden, was dat de blootstelling gevaarlijker lijkt in landelijke gebieden (waar de toestellen op volle kracht moeten werken om verbinding te krijgen met het netwerk) dan in steden. Andere, even ernstige onderzoeken tonen evenwel aan dat het risico op kanker niet verhoogt voor GSM-gebruikers! Dat is onder andere het geval bij een Zweeds onderzoek, dat vorig jaar verscheen en dat liep bij 420 000 GSM-gebruikers. Onder hen waren 52 000 mensen die al meer dan tien jaar met de GSM bellen en sommigen daarvan zelfs al meer dan 20 jaar! Wat is nu de waarheid en vooral: welk gedrag moeten we aannemen tegenover deze tegenstrijdige resultaten? Epidemiologische onderzoeken, celonderzoeken en dierproeven wisselen elkaar af, maar tot op heden is er nog geen definitieve conclusie. Omdat het vrijwel onmogelijk kiezen is in dit moeilijke debat lijken voorzichtigheid en gezond verstand zeker geboden! Laat ons onze GSM op de juiste manier gebruiken: korte gesprekken, geen oproepen in een voertuig in beweging (de GSM stoot dan heel veel vermogen uit om de dichtstbijzijnde relaisantenne te vinden), houd het toestel niet bij je oor op het moment dat je het nummer vormt en vermijd het gebruik van de GSM bij kinderen. Nachtwerk mogelijk kankerverwekkend ?Nieuws 08-12-07 Ongeveer 20 % van de arbeiders in de ontwikkelde landen (Europa, Verenigde Staten) zou nachtwerk verrichten. Het International Agency for Research on Cancer (IARC/CIRC), de ?kankertak? van de Wereldgezondheidsorganisatie (WGO), klasseert nachtwerk als ?mogelijk kankerverwekkend?. Bronnen: Belga, 30-11-07 ; Het Laatste Nieuws, 01-12-07;Gazet van Antwerpen, 01-12-07; Het Nieuwsblad, 01-12-07; Het Belang van Limburg, 01-12-07;Le Soir, 01-12-07 ; De Standaard, 01-12-07; L'Echo, 04-12-0. Commentaar van de Stichting tegen Kanker Het gespecialiseerd agentschap van de WGO voor kanker, gevestigd in Lyon, heeft in het Britse tijdschrift ?The Lancet Oncology? de resultaten gepubliceerd van onderzoeken naar het verband tussen nachtwerk en kanker. Deze analyse toont aan dat onregelmatig nachtwerk, met onregelmatige afwisseling tussen nacht- en dagwerk, de interne biologische klok verstoort. Deze storingen uiten zich door een onderbreking of een gevoelige vermindering van een hormoon, melatonine. Dat wordt normaal gezien 's nachts aangemaakt, wanneer er geen licht is. Gebrek aan melatonine zou de ontwikkeling van gezwellen en de wijziging van het waak-slaapritme bevorderen. Dat zou de genen kunnen ontregelen, die betrokken zijn bij de ontwikkeling van gezwellen. Zo is er bij nachtverpleegsters en airhostesses een verhoging vastgesteld van het risico op borstkanker. Hoewel de stijging eerder gering is, lijkt ze reëel en bevestigt ze de onderzoeken van een aantal jaren terug op laboratoriumdieren. Toch kan de interpretatiebias niet helemaal worden uitgeschakeld, zoals bijvoorbeeld de invloed van kosmische stralen bij luchtvaartpersoneel (de blootstelling aan de natuurlijke stralen van de zon en de sterren stijgt inderdaad naarmate men hoger gaat). Zo zou een verhoogd risico ook te maken kunnen hebben met een beter toezicht op de gezondheid bij deze groepen van werknemers. Bijzondere aandacht zou ook moeten gaan naar de analyse van de body mass index bij vrouwen. Ook die lijkt het risico op kanker te bevorderen. Het is dus niet evident om een rechtstreeks verband vast te stellen tussen nachtwerk en het risico op kanker. Tal van andere factoren kunnen daar ook een rol in spelen. Aanvullend onderzoek zal dus nodig zijn om het potentieel risico bij andere beroepen (taxichauffeurs bijvoorbeeld) en voor andere kankers te onderzoeken. Longkanker: de genoomkaart biedt nieuwe perspectieven!Nieuws 14-11-07 Amerikaanse onderzoekers zijn erin geslaagd de genoomkaart van longkanker te ontcijferen. Na analyse van het DNA van meer dan 500 longgezwellen hebben ze een vijftigtal genetische afwijkingen kunnen identificeren. Dit werk opent de weg voor de uitwerking van nieuwe diagnose- en behandelingsstrategieën voor deze vaak voorkomende ziekte. Bronnen: Belga, 04-11-07 ; Le Soir, 05-11-07 ; La Dernière Heure, 06-11-07. Commentaar van de Stichting tegen Kanker Zoals het merendeel van de kankers ontwikkelen longkankers zich na veranderingen binnen het genoom (DNA) van de cellen. Deze veranderingen en de biologische gevolgen ervan blijven echter nog grotendeels onbekend. In die context hebben de onderzoekers van het Broad Institute, een afdeling van de universiteit van Harvard en het Massachutsetts Institute of Technology, het DNA van 528 longgezwellen geanalyseerd. Ze vonden bewijzen voor een bepaald aantal afwijkingen die verantwoordelijk waren voor duplicaties (verdubbelingen), of voor het omgekeerde (verdwijningen) van bepaalde delen van het genoom in longkankercellen. Zo vonden ze een welbepaald gewijzigd gen (NKX2-1) terug bij 30 % van de longkankers (longadenocarcinomen).
Nog even meegeven dat longkanker wereldwijd de voornaamste doodsoorzaak ten gevolge van kanker is met meer dan een miljoen sterfgevallen per jaar. In België tellen we jaarlijks bijna 6 000 nieuwe gevallen van longkanker. Verbetering van de anti-angiogenesebehandelingen in zicht!Nieuws 13-11-07 Onderzoekers van de Katholieke Universiteit Leuven hebben de resultaten gepubliceerd van hun laatste vorderingen op het vlak van anti-angiogenesebehandeling. Door gebruik te maken van anti-PIGE antilichamen (belangrijke groeifactor, die een rol speelt bij de ontwikkeling van bloedvaten), zijn ze erin geslaagd om de groei van gezwellen bij laboratoriummuizen af te remmen, zonder neveneffecten en zonder de gezonde cellen te beschadigen. Bemoedigende resultaten dus. De bio-technologische bedrijven Thrombogenics en BioInvent gaan tegen het einde van het jaar de eerste fase van de klinische proeven lanceren. Bronnen: Arstenkrant, 06-11-07; Le Soir, 03-11-07; De Tijd, 03-11-07; L'Echo, 03-11-07; De Standaard, 03-11-07; Het Laatste Nieuws, 02-11-07; De Morgen, 02-11-07; La Dernière Heure, 02-11-07; Het Nieuwsblad 02-11-07; Vers l'Avenir, 02-11-07; Het Belang van Limburg, 02-11-07; Belga, 01-11-07 Commentaar van de Stichting tegen Kanker Verschillende onderzoeksteams werken al etelijke jaren aan het ontwikkelen van een nieuwe generatie geneesmiddelen: angiogeneseremmers (ook wel anti-angiogenesemiddelen genoemd). Angiogenese is het proces waarbij nieuwe bloedvaten worden gevormd, die nodig zijn voor de groei en verspreiding van kankergezwellen. Angiogeneseremmers remmen de groei van gezwellen af waardoor chemotherapie meer effect heeft. Deze geneesmiddelen remmen immers de ontwikkeling van nieuwe bloedvaten in de gezwellen af en ?normaliseren? de anarchistische bloedvaten, die al in de gezwellen aanwezig zijn. Zo komen de geneesmiddelen voor klassieke chemotherapie beter terecht in het gezwel. De bloedvaten zorgen immers voor het vervoer ervan. Het team van professor Carmeliet van de KU Leuven was een van de eerste om op dat vlak klinische resultaten te boeken met het gebruik van anti-VEGE antilichamen bij patiënten met darmkanker. Vandaag weten we dat deze antilichamen, hoewel ze doeltreffend zijn, ook gepaard gaan met neveneffecten (ze veroorzaken huidproblemen, acne met name). Het onderzoek is ook voortgezet om de doeltreffendheid te testen van antilichamen, die gericht zijn tegen andere mediatoren van de angiogenese, zoals anti-PIGF. Voor dieren blijkt dit een uitstekende angiogeneseremmer te zijn waar zich geen noemenswaardige neveneffecten voordoen. Uit de onderzoeken komt ook een ander voordeel naar voor. Deze nieuwe antilichamen lijken enkel in te werken op de bloedvaten van de gezwellen en niet op de foetus in ontwikkeling. Dat zou de techniek geschikt maken om te gebruiken bij zwangere vrouwen en jonge kinderen met kanker. De eerste klinische proeven, gericht op het gebruik van anti-PIGF antilichamen, in combinatie met klassieke chemotherapie, zouden tegen het einde van het jaar moeten beginnen. Onnodig om te zeggen dat we de resultaten met ongeduld afwachten! Witboek KankerNieuws 27-10-07 Elf Belgische experts hebben besloten om een ?witboek? te steunen, dat een stand van zaken geeft over de aanpak van kanker in België. Het Witboek formuleert aanbevelingen voor een beter gestructureerde aanpak en een visie op lange termijn in ons land op de oncologie. Ze leggen daarbij bijzondere nadruk op de financiering van het onderzoek en preventie van kanker. Bronnen: Belga, 05-10-07 ; Vers l'Avenir, 06-10-07; Hey Nieuwsblad, 06-10-07 ;De Morgen, 06-10-07 ; Le Soir, 06-10-07 & 08-10-07 ; L'Echo, 06-10-07; La Libre Belgique, 06-10-07 ; Le Journal du Médecin, 09-10-07 ; Artsenkrant 12-10-07 Commentaar van de Stichting tegen Kanker De Stichting juicht elk initiatief toe om de aandacht te vestigen op het feit dat België een gestructureerd plan en een visie op lange termijn nodig heeft om het behoud van de kwaliteit van de kankerzorg te garanderen. De oncologie bevindt zich vandaag inderdaad in een unieke historische situatie, die zich kenmerkt door een verhoging van de incidentie (aantal nieuwe gevallen per jaar), een toename van het overlevingscijfer (met een evolutie van de ziekte naar een chronisch karakter), een vergrijzing van de bevolking en een explosie van vernieuwing op technisch en therapeutisch vlak. De ondertekenaars van het Witboek besluiten, zoals velen voor hen, dat een verhoging van het budget voor kanker nodig is, samen met het opzetten van concrete maatregelen binnen de 5 à 10 jaar. De Stichting tegen Kanker ijvert al lang voor een kankerplan in België. Als vertegenwoordigers van de patiëntenbelangen, zowel voor wat betreft toegang tot doeltreffende multidisciplinaire behandelingen als voor de levenskwaliteit tijdens en na de ziekte, waakt de Stichting erover dat elk aspect van de kankerproblematiek de nodige ruchtbaarheid meekrijgt. Hetzelfde geldt voor preventie en wetenschappelijk kankeronderzoek. Toch wil de Stichting even de aandacht vestigen op twee mogelijke gebreken in het Witboek. Enerzijds geeft het werk enkel de mening weer van internisten, medische oncologen of hematologen en geen andere specialisten. Dit terwijl de kankerproblematiek vandaag de dag een multidisciplinaire aanpak vereist. Zo is er bijvoorbeeld geen enkele specialist inzake volksgezondheid of preventie, geen enkele chirurg of radiotherapeut enzovoort, bij de ondertekenaars. De vertraging bij het registreren van nieuwe geneesmiddelen, een betreurenswaardig feit, en de restrictieve voorwaarden voor de terugbetaling, komen dan wel weer uitgebreid aan bod en illustreren het gevaar van een gebrek aan objectiviteit, te wijten aan het feit dat het initiatief uitgaat van de farmaceutische industrie. De Stichting tegen Kanker werkt vaak samen met de farmaceutische laboratoria en apprecieert hun rol in de strijd tegen Kanker. Toch volstaat enkel het vermoeden van een gebrek aan objectiviteit om twijfels te doen rijzen bij bepaalde aanbevelingen in het Witboek. De Stichting vraagt dan ook dat bij elke toekomstige discussie over het opstellen van een Belgisch kankerplan alle gespecialiseerde spelers worden geraadpleegd. De onpartijdige selectie van geschikte gesprekspartners zou dienen te gebeuren door onafhankelijke universitaire structuren en relevante verenigingen? Een dergelijk proces kan ook niet zonder raadpleging van de betrokken verenigingen, zoals de Stichting tegen Kanker. Zij zijn immers de natuurlijke woordvoerders van zieken en hun familie.
HIFU tegen prostaatkankerNieuws 01-10-07 Een behandeling met gerichte ultrageluidsgolven van hoge intensiteit (HIFU of High Intensity Focused Ultrasound) blijkt goede resultaten te geven bij bepaalde vormen van prostaatkanker. Dat is de conclusie van uroloog dr. C. D'hondt (ZNA Middelheim-Antwerpen) na behandeling van meer dan 500 patiënten met deze methode. Bronnen : Artsenkrant, 18-09-07 ; Gazet van Antwerpen, 19-09-07 ; Het Belang van Limburg, 19-09-07 Commentaar van de Stichting tegen Kanker Bij HIFU wordt via een sonde in de endeldarm warmte (85 tot 95°C) aan het prostaatweefsel afgegeven zodat kankercellen erdoor kunnen worden vernietigd. Deze techniek is weinig invasief en relatief niet duur. In sommige gevallen (ongeveer een op drie) kunnen de seksuele functies en de potentie bewaard blijven. Urineincontinentie komt bijna niet voor (minder dan 2 %). Maar niet alle mannen met prostaatkanker komen voor deze behandelingsmethode in aanmerking. De kanker mag niet te uitgebreid zijn (geen aantasting van lymfeklieren of uitzaaiingen). Nog een voordeel is dat deze behandeling kan herhaald worden indien er plaatselijk herval optreedt of dat ze een tweede kans biedt bij patiënten na een andere lokale behandeling zoals operatief verwijderen van de prostaat of uitwendige of inwendige radiotherapie. Deze methode geeft dus veelbelovende resultaten en verdient een plaats in het bestaande arsenaal tegen prostaatkanker naast andere methoden zoals vooral operatie, radiotherapie (uitwendige en brachytherapie) en hormoontherapie. Steeds dient elke patiënt individueel te worden geëvalueerd om een beslissing te nemen welke methode bij hem op dat ogenblik het meest aangewezen is. De pil zou het risico op kanker niet doen stijgenNieuws 15-09-07 De anticonceptiepil zou geen verhoogd risico op kanker met zich meebrengen. Het risico op kanker bij vrouwen, die de pil hebben genomen, zou zelfs 3 tot 12 % lager liggen dan bij vrouwen die nooit de pil namen. Dat blijkt uit een studie van de universiteit van Aberdeen (Schotland) in het medische tijdschrift British Medical Journal (BMJ).
Commentaar van de Stichting tegen Kanker We wisten al dat orale voorbehoedsmiddelen een verhoogd risico op bepaalde kankers zouden inhouden en voor andere dan weer het risico zouden doen dalen. Tot op heden ontbrak er echter een algemeen beeld. Dat heeft het onderzoeksteam van de universiteit van Aberdeen willen realiseren. Ze startten met hun onderzoek in 1968 bij 46 000 Britse vrouwen, die toen gemiddeld 29 jaar oud waren. Ongeveer 23 000 van hen hadden gedurende minder dan gemiddeld vier jaar orale voorbehoedsmiddelen genomen, terwijl de andere groep vrouwen nooit de pil had genomen. De resultaten tonen aan dat de voordelen (inzake kankergevallen) groter waren dan de risico's. De daling van het risico is vooral significant voor darmkanker en endeldarmkanker, baarmoederkanker en eierstokkanker. Voor deze laatste twee gevallen zou het voordeel zelfs verschillende jaren na het stoppen met de pil aanhouden. De vaststelling gaat echter niet op voor vrouwen die gedurende meer dan acht jaar de pil hadden genomen (ongeveer een vierde van de pilgebruiksters in dit onderzoek). Bij hen is het risico op kanker licht toegenomen, vooral voor baarmoederhalskanker, kanker van het centrale zenuwstelsel en kanker van de hypofyse (hersenaanhangsel). Bij eierstokkanker stellen we wel een duidelijk verlaagd risico vast. Zelfs al zijn de globale resultaten van dit onderzoek geruststellend voor vrouwen die gedurende meer dan acht jaar de pil hebben genomen, lijkt de situatie wat complexer voor vrouwen die op langere termijn de pil namen. Vergeet ook niet dat de pil oestrogenen (vrouwelijke hormonen) bevat en het risico op de vorming van bloedklonters kan verhogen. Dat is bijvoorbeeld het geval bij vrouwen die roken en een verhoogde bloeddruk hebben. Hun arts zal hen dan ook meestal een ander voorbehoedsmiddel aanraden. In de loop van dit onderzoek hebben de onderzoekers trouwens rekening gehouden met de leeftijd, rookgedrag, het aantal kinderen en het sociale niveau van de deelneemsters. Nu blijkt echter dat de samenstelling van de pil de voorbije 15 jaar enorm is gewijzigd. Dat zou een andere impact kunnen hebben op het kankerrisico. Over de pil is al heel wat inkt gevloeid in medische en wetenschappelijke tijdschriften sinds ze in het begin van de jaren zestig op de markt kwam. Er zijn echter nieuwe onderzoeken nodig om het risico op kanker te evalueren van de pillen die de voorbije decennia op de markt kwamen. Het debat is nog verre van afgerond! Het Asbestfonds is operationeelNieuws 04-09-07 Sinds 1 april 2007 kunnen mesothelioomslachtoffers (een kanker die typisch is voor asbest) of slachtoffers van asbestose (een chronische longaandoening vergelijkbaar met silicose bij mijnwerkers) een aanvraag voor bijzondere speciale tussenkomst indienen bij het Asbestfonds. Het nieuwe Asbestfonds (AFA) wil alle asbestslachtoffers, zowel professionele als niet professionele, schadeloos stellen. Dit Fonds wordt gefinancierd door de federale overheid en door een bijzondere werkgeversbijdrage. Het is dus niet ten laste van de sociale zekerheid en wordt beheerd door het Fonds voor Beroepsziekten. Bron: Ondernemers Leuven, 01-08-07 Commentaar van de Stichting tegen Kanker Sinds 1 april 2007 is het mogelijk om een schadevergoeding te krijgen als u een ziekte heeft opgelopen ten gevolge van asbestblootstelling (zie news van 130-03-07). Kandidaten moeten evenwel aan bepaalde voorwaarden beantwoorden. Zo kan het AFA enkel slachtoffers van mesothelioom of asbestose vergoeden. Deze twee zware ziektes kunnen enkel worden opgelopen ten gevolge van asbestblootstellling. Bij overlijden van het slachtoffer zal het AFA een schadevergoeding betalen aan de eventuele rechthebbenden. Het AFA is opgericht binnen het Fonds voor Beroepsziekten. De mensen van deze instelling beschikken immers al over de nodige ervaring en kennis om deze nieuwe opdracht en de correcte toepassing van de wetgeving tot een goed einde te brengen. Sinds eind juni van dit jaar hebben ze een enveloppe van ongeveer 8 miljoen euro toegekend gekregen om hun opdracht te vervullen. Deze financiële middelen zullen in 2007 worden afgehouden van de BTW. Het is evenwel voorzien dat er in de toekomst andere financieringsbronnen zullen zijn. De ministerraad heeft beslist om aan het Asbestfonds jaarlijks een bedrag van 10 miljoen euro toe te kennen. Naast de rol van de federale overheid zal er ook een lastenbijdrage komen van bepaalde categorieën van werkgevers, verschuldigd vanaf 1 april 2007. Bovendien zal ook het algemene financiële beheer in het sociaal statuut van zelfstandige arbeiders bijdragen tot de financiering. Voor dit jaar zal dat 750 000 euro bedragen. De door het Fonds vergoede slachtoffers zullen een maandelijkse rente ontvangen. Het gaat om een forfaitaire rente voor mesothelioomslachtoffers. Voor mensen die aan asbestose lijden, zal dat afhangen van het percentage fysieke handicap. De rechthebbenden van een overleden slachtoffer zullen een bedrag uitgekeerd krijgen, dat verschilt in functie van verschillende criteria. Voor bijkomende informatie over het Asbestfonds kunt u terecht op hun website: www.fmp-fbz.fgov.be, rubriek ?Asbestfonds AFA België?. Borstklinieken: wat nieuws?Nieuws 03-09-07 Het Federaal Kenniscentrum voor de Gezondheidszorg (KCE) heeft de resultaten gepubliceerd van een onderzoek naar de multidisciplinaire begeleiding van borstkanker. Hun aanbevelingen versterken de beslissing om borstklinieken op te richten in ziekenhuizen. Die zullen moeten beantwoorden aan strikte erkenningsnormen om zich referentiecentrum te mogen noemen. Volgens deze richtlijnen zouden momenteel maar een dertigtal ziekenhuizen aan de nieuwe wettelijke voorwaarden beantwoorden. Bronnen: Belga, 13-08-07 ; Le Soir, 14-08-07 ; La Libre Belgique, 14-08-07 ; Het Laatste Nieuws, 14-08-07 ; Vers l'Avenir, 14-08-07 ; La Dernière Heure, 14-08-07 ; De Morgen, 14-08-07 ; Le Journal du Médecin, 17-08-07 ; Métro 24-08-07 Commentaar van de Stichting tegen Kanker Het koninklijk besluit van 20 juli van dit jaar preciseert het kader van de nieuwe erkenningsnormen voor borstklinieken door een verplichte activiteitsdrempel vast te leggen: minstens 100 nieuwe gevallen van borstkanker per jaar behandelen gedurende de eerste twee jaren, vervolgens 150 per jaar vanaf het derde jaar. De norm legt ook een medische omkadering op: minstens twee specialisten in chirurgie of in verloskunde-gynaecologie moeten jaarlijks minstens 50 chirurgische ingrepen rond borstkanker uitvoeren; minstens twee specialisten in radiodiagnose moeten jaarlijks minstens 1 000 lezingen of herlezingen van een mammografie uitvoeren; minstens een specialist in anatoompathologie; minstens een specialist in plastische chirurgie en minstens een halftijds psycholoog verbonden aan de kliniek om te waken over de psychologische begeleiding van de patiëntes. Het doel van deze nieuwe normen is een multidisciplinaire aanpak van borstkanker te verzekeren. De organisatie van deze borstklinieken, multidisciplinair en geïntegreerd, zal evenwel de fusie van huidige kleine centra noodzaken. Kosten voor uitrusting, gespecialiseerd personeel en nieuwe behandelingen zullen inderdaad herstructurering vergen als we aan de spits van de vooruitgang willen blijven. Na deze fusies zou ons land tussen de 40 en 50 borstklinieken moeten tellen. Nog even eraan herinneren dat borstkanker veruit de vaakst voorkomende vorm van kanker is bij vrouwen (jaarlijks tekenen we in ons land 9 000 nieuwe gevallen op). Ongeveer een vrouw op de negen loopt het risico om tijdens haar leven met deze ziekte te maken te krijgen. Het onderzoek en het ontwikkelen van nieuwe geneesmiddelen boekt grote vooruitgang. Om te zorgen voor geactualiseerde informatie voor de betrokken artsen heeft het oncologiecollege van het Federaal Kenniscentrum voor de Gezondheidszorg (KCE) nationale aanbevelingen opgesteld voor een optimale aanpak van borstkanker. Deze richtlijnen, die de synthese geeft van de huidige kennis en gedragen wordt door een breed veld van borstkankerspecialisten, behandelt achtereenvolgens screening, diagnose, behandeling en opvolging van borstkanker. U kunt de richtlijnen raadplegen op de website van het KCE: http://www.kce.fgov.be/ (rubriek publicaties). Kindersterfte te wijten aan milieuvervuilingNews 30-08-07 Volgens een verslag van de Wereldgezondheidsorganisatie (WGO), dat vorige week verscheen, sterven jaarlijks bijna 4 miljoen kinderen jonger dan vijf jaar aan de gevolgen van milieuvervuiling zoals lucht- of watervervuiling of blootstelling aan chemische stoffen. Onder de voornaamste ziekten hebben we vergiftiging, astma, infecties van de luchtwegen, neurologische problemen en verzwakking van het afweersysteem. Op langere termijn kunnen deze aandoeningen leiden tot kanker en hart- en vaatziekten. Afrika is het zwaarst getroffen continent, gevolgd door bepaalde gebieden van Zuid-Oost-Azië. Europa blijft evenwel niet gespaard. Bron: De Morgen, 30-07-07 Commentaar van de Stichting tegen Kanker De impact van milieuvervuiling op de gezondheid van kinderen is al jarenlang bekend, maar tot op heden is die invloed nog niet becijferd. Na publicatie van het verslag van de WGO is dat echter eindelijk gebeurd.
Volgens dit verslag vertegenwoordigen kinderen jonger dan vijf jaar 10% van de wereldbevolking. Volgens de verzamelde gegevens is ongeveer 30% van de aandoeningen en sterfgevallen bij kinderen ten gevolge van ziektes te wijten aan milieuvervuiling. Die vervuiling heeft zo een grote impact omdat kinderen door hun lager gewicht sneller staan blootgesteld aan grote concentraties schadelijke stoffen. Bovendien is hun lichaam minder resistent tegen aanvallen van buitenaf dan dat van volwassenen. De gevolgen verschillen ook naargelang hun ontwikkeling. De longen bijvoorbeeld zijn bij de geboorte nog niet volledig ontwikkeld. Ook niet bij kinderen van vijf jaar. Bepaalde vervuilende stoffen kunnen dus dat rijpingsproces verstoren, waardoor er acute ademhalingsproblemen ontstaan. Die kunnen later evolueren tot chronische ademhalingsaandoeningen. Endeldarmkanker en radiotherapieNieuws 09-08-07
Het universitair ziekenhuis van de VUB maakt gebruik van tomotherapie om endeldarmkanker te behandelen. Die technologie in de laatste generaratie van radiotherapietoestellen verhoogt de doeltreffendheid van de behandeling en beperkt de neveneffecten. Bronnen: Belga, 06-08-07 ; De Morgen, 07-08-07 ; Het Nieuwsblad, 07-08-07
Commentaar van de Stichting tegen Kanker Vooruitgang in de behandeling van melanoom in BelgiëNieuws 08-08-07 Belgische onderzoekers van de Vrije Universiteit Brussel maakten de resultaten bekend van hun onderzoek rond melanoom, een bijzonder agressieve vorm van huidkanker. Ze ontwikkelden een vaccin gebaseerd op het gebruik van dendrietcellen, een bepaalde soort cellen van ons afweersysteem. Deze worden aangepast in een labo en opnieuw geïnjecteerd in combinatie met andere geneesmiddelen. Een vijftigtal patiënten heeft deze behandeling al gekregen. Bij een kwart valt er duidelijk te merken dat de ziekte terugwijkt! Bronnen: Belga, 30-07-07; De Morgen, 31-07-07; Het Laatste Nieuws, 31-07-07; La Libre Belgique, 31-07-08; Le Soir, 31-07-07; Gazet Van Antwerpen, 31-07-07; Vers l'Avenir, 31-07-08 Commentaar van de Stichting tegen Kanker Dankzij de vooruitgang op het vlak van immunologie en moleculaire biologie heeft de immuuntherapie, in het bijzonder inzake melanomen, de voorbije jaren een enorme ontwikkeling doorgemaakt. In België werken verschillende teams rond immuuntherapie vanuit een verschillende hoek (prof. Berneman, prof. Coulie, prof. Leclercq, prof. Moser, prof. Thielemans, prof. Van den Eynde, prof Van der Bruggen enzovoort). De Stichting tegen Kanker steunt hen financieel. Immuuntherapie helpt de natuurlijke capaciteit van het afweersysteem versterken om zo gezwellen te bestrijden. Ons lichaam heeft een afweersysteem dat de invasie van vreemde lichamen zoals virussen, bacteriën, parasieten? bestrijdt. Het maakt gebruikt van macrofagen, polynucleairen, 'killer cells', T- en B- lymfocyten, meestal witte bloedlichaampjes genoemd. Kankercellen zijn echter geen vreemde indringers voor ons lichaam. In oorsprong gaat het immers om normale cellen, die zich door opeenvolgende wijzigingen ontwikkelen tot kankercellen. Daardoor herkent ons afweersysteem ze vrijwel niet. Onderzoekers hebben zich dan ook gebogen over de verschillende manieren om ons afweersysteem 'doping' te bezorgen zodat het de kankercellen kan vernietigen. Een van de pistes bestaat erin om cellen met antigenen, ook wel dendrietcellen genoemd, af te nemen bij de zieke. Die cellen spelen een bepalende rol in het mobiliseren van de andere afweercellen. Het afweersysteem wordt sterk gestimuleerd en het vernietigingsproces van de cellen, kankercellen in dit geval, komt op gang. Het VUB-team boekte bemoedigende resultaten bij patiënten met een melanoom in een vergevorderd stadium. Bij de eerste fase van deze klinische proef waren maar een vijftigtal mensen betrokken. Gezien de hoopvolle resultaten -voorgesteld tijdens het recente congres van de American Society for Clinical Oncology- zal het onderzoek op grotere schaal kunnen worden gevoerd. Verband tussen alcohol en darmkanker duidelijkerNieuws 06-08-07 Hoe meer alcohol men drinkt, hoe groter risico op darmkanker. Twee alcoholconsumpties per dag zouden het risico zelfs al met 10% doen toenemen, drie of vier consumpties met 25%. Dat is een van de conclusies uit het EPIC of European Prospective Investigation into Cancer and Nutrition. Deze studie onderzoekt het verband tussen voeding en het ontstaan van kanker bij meer dan een half miljoen Europeanen in 10 verschillende Europese landen.
Bronnen: Belga, 31-07-07; La Dernière Heure, 01-08-07; Vers l'Avenir, 01-08-07 De Stichting baseert zich in haar aanbevelingen steeds op richtlijnen die nationaal en internationaal gelden. Volgens deze gegevens zou een dagelijks verbruik van minder dan 3 glazen alcohol per dag voor mannen (tot 65 jaar), en minder dan 2 voor vrouwen en mannen ouder dan 65, behoudens enkele uitzonderingen, de gezondheid niet schaden. Bij wie meer drinkt, kan inderdaad het risico op darmkanker toenemen.
Maar zijn nu zelfs de aanbevelingen voor normaal verbruik aan herziening toe? Niet meteen. De studieresultaten lijken immers, vreemd genoeg, te kunnen worden verklaard door trends. Zolang men hier rekening mee houdt, dienen de aanbevelingen voorlopig niet aangepast. Wel belangrijk om weten is dat alcohol altijd schadelijker is voor rokers. Verhoogd borstkankerrisico door pompelmoes?Nieuws 01-08-07 Een Amerikaanse studie bij meer dan 50 000 vrouwen na de menopauze bestudeerde de relatie tussen het eten van pompelmoes en borstkanker. De resultaten toonden 30% meer borstkankers bij vrouwen die dagelijks een kwart pompelmoes of meer aten. Pompelmoes beïnvloedt een bepaalde molecule in ons lichaam, cytochroom P450 3A4. Die komt als enzym ondermeer tussen in de oestrogeenstofwisseling. Van oestrogeenhormonen is bekend dat ze een rol kunnen spelen bij het ontstaan van borstkanker. Men vermoedt dan ook dat pompelmoes op deze manier het risico op borstkanker doet toenemen.
Bron: British Journal of Cancer (2007) 97, 440-445.
Deze studie is de eerste studie die deze relatie ontdekt. Er zijn vanzelfsprekend meerdere studies nodig om deze resultaten al dan niet te bevestigen. Het is echter niet de eerste keer dat pompelmoes in opspraak komt. Eierstoktransplantatie: een Belgische première!Nieuws 17-07-07 Een Belgische patiënte, die onvruchtbaar was geworden na chemo- en radiotherapie, kan opnieuw zwanger worden na transplantatie van genetisch verschillend eierstokweefsel. Dat weefsel werd weggenomen bij haar zus. Deze wereldpremière is uitgevoerd door professor Jacques Donnez, diensthoofd gynaecologie en andrologie aan het universitair ziekenhuis van Saint-Luc in Brussel. Bronnen: Het Laatste Nieuws, 11-07-07; Het Belang van Limburg; 11-07-07 Commentaar van de Stichting tegen Kanker
Vier jaar geleden leverden professor Donnez en zijn team al een medische topprestatie. Een jonge vrouw, die genezen was van een lymfoom, maar onvruchtbaar was geworden door de behandeling, beviel toen van een meisje. Voor haar behandeling werd eigen eierstokweefsel weggenomen en ingevroren. Dat weefsel kreeg ze na de genezing opnieuw ingeplant, zodat ze zwanger kon worden. Dat eerste succes gaf nieuwe hoop aan tal van jonge vrouwen. Sommige behandelingen tegen kanker, zowel radio- als chemotherapie, kunnen de eierstokken immers beschadigen en een vroegtijdige menopauze veroorzaken. Radiotherapie in het UZ Gent: wachten op de resultaten van het onderzoek!Nieuws 05-07-07 Het universitair ziekenhuis van Gent (UZ Gent) heeft problemen gehad met een bestralingstoestel tussen december 2005 en september 2006. Er is toen een afwijking vastgesteld aan de precieze richting van de stralenbundels. Het gebruik is onmiddellijk stopgezet en het ziekenhuis verwittigde het Federaal Agentschap voor Nucleaire Controle (FANC). Zeventien patiënten met een hersengezwel kregen een behandeling met het defecte toestel. Verder onderzoek moet nu bepalen of het overlijden van negen van deze patiënten te wijten is aan foutieve bestraling of aan een verdere ontwikkeling van de ziekte. Verdere controle zal worden uitgevoerd in andere universitaire ziekenhuizen die dezelfde technologie gebruiken. Bronnen: De Morgen, 05-07-07 ; Het Laatste Nieuws, 05-07-07 ; Gazet Van Antwerpen, 05-07-07 ; Metro, 04-07-07 ; La Capitale, 04-07-07 ; Het Belang Van Limburg ; Het Nieuwsblad, 04-07-07 ; Belga, 03-07-07 ; La Dernière Heure, 03-07-07 ; Le Vif, 03-07-07 ; Le Soir, 04-07-07 Commentaar van de Stichting tegen Kanker Tussen december 2005 en september 2006 kregen zeventien patiënten in het UZ Gent een behandeling met het toestel, dat werkt volgens een systeem van stereotactische bestraling. Verschillende stralenbundels komen samen in de te bestralen zone en combineren zo hun effecten. Dat veronderstelt heel precies richten. Men berekent de te bestralen zone en de bestralingsdoses aan de hand van de computer. In het softwareprogramma zou er een ?technische? fout geslopen zijn. Onderzoekers moeten nu nagaan of het overlijden van negen patiënten al dan niet te wijten is aan de slechte werking van het toestel. Momenteel voert het FANC een onderzoek uit, maar uit de eerste resultaten blijkt dat het probleem in Gent een geïsoleerd geval is. Er zijn controles aan de gang in andere universitaire ziekenhuizen, maar daar is nog geen enkel probleem vastgesteld. Radiotherapie is en blijft een van de pijlers voor de behandeling van een groot aantal kankers. We mogen het aantal levens dat is gered dankzij deze therapie niet uit het oog verliezen. Dit onderwerp komt trouwens aan bod in het volgende nummer van ons driemaandelijks magazine Kankerinfo (september 2007). Patiënten, die tijdens de vermelde periode behandeld werden en zich nu vragen stellen, kunnen uiteraard contact opnemen met hun radiotherapeut. Indien nodig kunnen ze zich ook richten tot mevrouw Mieke De Volder van de Ombudsdienst van het UZ Gent, van maandag tot vrijdag tussen 8 en 17 uur (behalve op dinsdagnamiddag) op 09 240 52 34. Verbetering in de behandeling van hoofd- en nekkankers dankzij CetuximabNieuws 28-06-07 Tijdens het congres van de American Society for Oncology (ASCO 2007) in Chicago zijn de resultaten van een Europees onderzoek, onder leiding van de Belgische vorser professor Jan Vermorken, voorgesteld. Uit het onderzoek bij 442 patiënten blijkt dat de combinatie van Cetuximab met een standaard chemotherapie de overlevingskansen van patiënten met een vergevorderde vorm van hoofd- en nekkanker, die hervallen of waar er uitzaaiingen zijn, gevoelig verbetert. ?Het is de eerste keer in 25 jaar dat de overlevingskansen van deze zieken op een dergelijke spectaculaire manier stijgen?, aldus professor Vermorken. Bronnen: Belga 19-06-07 ; Le Soir, 20-06-07 Commentaar van de Stichting tegen Kanker Cetuximab is geen nieuw geneesmiddel en het heeft zijn doeltreffendheid al bewezen bij de behandeling van darmkanker. Cetuximab (of Erbitux) is een antilichaam dat in staat is zich te hechten aan de EGFR-receptoren, die in grote hoeveelheden aanwezig zijn aan de oppervlakte van bepaalde kankercellen. Die verbinding beperkt of stabiliseert de vermenigvuldiging van de kwaadaardige kankercellen door de vorming van nieuwe bloedvaten te verhinderen, die het gezwel voeden. Recenter onderzoek heeft ook aangetoond dat, naast zijn doeltreffendheid voor de behandeling tegen darmkanker, het geneesmiddel ook bij andere kankers lijkt te werken, vooral in combinatie met radiotherapie. Dat is onder meer het geval bij patiënten met keelkanker in een gevorderd stadium. Het werk dat professor Vermorken en zijn team voorstelden gaat meer bepaald over patiënten met hoofd- of nekkanker en die hervallen of uitzaaiingen hebben. De onderzoekers hebben aangetoond dat de combinatie van Cetuximab met een standaardchemotherapie (op basis van platina) de globale overlevingskansen van patiënten gevoelig verhoogt. Het responsgehalte ligt hoger dan 70% en het controlegehalte voor het gezwel bedraagt 88%. Het ?toxiciteitprofiel? blijft bovendien aanvaardbaar: tot op heden werd enkel huiduitslag vastgesteld. Als deze bemoedigende resultaten bevestigd worden, zouden de artsen de behandeling ook in een palliatieve context kunnen voorstellen omdat ze ook de levenskwaliteit van de patiënten verbetert. Borstkanker: een genetische test om herval te vermijdenNieuws 27-06-07 Een recentelijk in de Verenigde Staten en Europa goedgekeurde genetische test laat toe om bij borstkankerpatiënten in een vroegtijdig stadium te voorspellen welke dames vatbaarder zijn voor een herval achteraf. Deze test zou ook toelaten om vrouwen met een beperkt risico op herval te identificeren. Bij hen zou een adjuvante chemotherapie dan niet nodig zijn. Bron: www.agendia.com Commentaar van de Stichting tegen Kanker Momenteel krijgen heel wat vrouwen met borstkanker in een vroegtijdig stadium een adjuvante chemotherapie (na de chirurgische ingreep) om het risico op herval te beperken. Ideaal zou zijn om zo precies mogelijk te bepalen welke vrouwen een verhoogd risico op herval (ongeveer 20 à 30 % van de gevallen) hebben. We zouden dan het gebruik van chemotherapie kunnen beperken tot enkel die gevallen en de behandeling voor de andere vrouwen vermijden. Een genetische test zou in de toekomst hun identificatie moeten vergemakkelijken. Deze test, MammaPrint® genoemd, is op de markt gebracht door Agendia, een Nederlands biotechnologiebedrijf dat nauw samenwerkt met het translationele onderzoeksnetwerk TRANSBIG. De test laat toe om, dankzij het onderzoek van de activiteitsgraad van talloze genen aanwezig in een tumorstaal, de risico's op herval bij een kleine borstkanker, zonder klieraantasting, te bepalen. MammaPrint® is niet de enige test die in staat is om de genetische handtekening van een gezwel te analyseren, maar het is wel de eerste die is goedgekeurd door de overheden in de Verenigde Staten en Europa. In België is de test alleen maar beschikbaar in het kader van klinische onderzoeken. Als de resultaten daarvaan beslissend uitvallen, zal het gebruik van MammaPrint voor preciezere resultaten zorgen bij het bepalen van de prognose, zonder evenwel absolute zekerheid te kunnen bieden. Als MammaPrint® immers een vrouw in een bepaalde categorie plaatst, betekent dat immers niet dat herval volledig uitgesloten is. Artsen zullen de test dan ook met het nodige gezond verstand moeten gebruiken. Bovendien moeten de ziekenfondsen nog hun goedkeuring geven over de terugbetaling ervan. Momenteel kost de test maar liefst 3 000 dollar in de Verenigde Staten! Belang van de schildwachtklier bij prostaatkankerNieuws 16-06-07 Tijdens het dertiende symposium van de Belgian Society of Nuclear Medicine stelde het team van professor Peltier (Instituut Bordet, Brussel) de resultaten voor van een onderzoek dat het belang aantoont van een analyse van de schildwachtklier (?sentinel node?) tijdens chirurgische ingrepen bij patiënten met prostaatkanker. Net zoals bij borstkanker zou deze aanpak toelaten om de chirurgische ingreep te beperken. Daarmee blijven ook een aantal neveneffecten beperkt voor patiënten wiens klieren niet overwoekerd zijn door kankercellen. Bron: Artsenkrant, 05-06-07 Commentaar van de Stichting tegen Kanker De schildwachtklier is het eerste tussenstation dat zich bevindt in de zone van lymfedrainage bij een gezwel. Als deze eerste lymfeklier niet overwoekerd is door kankercellen van het gezwel, betekent dit dat de andere aanwezige klieren in deze zone wellicht ook onaangetast zijn. Het is dan niet nodig om ze te verwijderen. Dat is in grote lijnen wat het team van professor Peltier van het Instituut Bordet voorstelt.
Ondanks de vooruitgang geboekt op het vlak van behandelingen, veroorzaken prostaatkankers een niet verwaarloosbaar aantal sterfgevallen. Een van de redenen zou te wijten kunnen zijn aan de moeilijkheid om de reikwijdte van de ziekte binnen de lymfeklieren correct in te schatten. Vandaar het idee om een techniek te gebruiken, die zijn diensten al bewezen heeft bij borstkanker: de analyse van de schildwachtklier tijdens de chirurgische ingreep. De eerste resultaten leverden alvast een gevoelige daling van de ziekteverschijnselen (complicaties en gevolgen veroorzaakt door de chirurgische ingreep) op: 1 % in het geval van de verwijdering van een enkele schildwachtklier tegenover 12 % bij een uitgebreidere verwijdering van de andere klieren. Voor resultaten inzake sterftecijfer en genezing blijft verder onderzoek nodig. Naast een beperktere chirurgische ingreep kunnen we met deze techniek ook preciezere inlichtingen verkrijgen over het evolutiestadium van de ziekte. Deze informatie laat dan toe om de behandeling aan te passen aan de situatie van elke patiënt.
Voor dit onderzoek zijn nog meer zieken nodig en een evaluatie op langere termijn vooraleer gevalideerd te kunnen worden. Als de voorlopige resultaten echter bevestiging krijgen, zou deze aanpak in de toekomst kunnen worden gebruikt als standaard chirurgische behandeling bij prostaatkanker. ASCO 2007: nieuwe ontwikkelingen in de behandeling van borstkanker!Nieuws 09-06-07 Tijdens het congres van de American Society for Clinical Oncology (ASCO 2007) begin juni in Chicago, stelden onderzoekers de resultaten voor van twee klinische proeven over de behandeling van borstkanker. De ene was gericht op Herceptine dat, toegediend met de klassieke chemotherapie voor een chirurgische ingreep, het responsgehalte verdubbelt in vergelijking met chemotherapie alleen. De andere proef draaide rond de doeltreffendheid van een nieuwe doelgerichte behandeling, Tykerb, die bestemd is voor vrouwen met borstkanker in een gevorderd stadium (uitzaaiingen in de hersenen) en die niet reageren op Herceptine. Bron: Het Laatste Nieuws, 05-06-07 Commentaar van de Stichting tegen Kanker Deze twee behandelingen mikken op een bijzonder agressieve vorm van borstkanker, namelijk de soort die de HER2 receptor overwoekert, en die 25% van alle borstkankergevallen uitmaakt. Sinds het eind van de jaren negentig heeft Herceptine de behandeling van deze agressieve kankers sterk verbeterd. De combinatie van Herceptine met de standaard chemotherapie bij patiënten met borstkanker in een vergevorderd stadium (uitzaaiingen) zorgt voor een verlenging van de levensduur met verschillende maanden. In 2005 ontdekten onderzoekers dat, wanneer patiënten met HER2-positieve borstkanker Herceptine krijgen toegediend na een standaard chemotherapie, maar in een vroeg stadium, het risico op herval met de helft wordt beperkt. Nu hebben andere onderzoeksteams aangetoond dat, als de behandeling op hetzelfde moment gebeurt als de chemotherapie, voor een chirurgische ingreep, het volledige responsgehalte (volledig verdwijnen van het gezwel, gecheckt door microscopische analyse van de weefsels verwijderd tijdens de operatie) verdubbelt in vergelijking met het gebruik van chemotherapie alleen. De resultaten van dit onderzoek zijn veelbelovend. De gestegen respons op de behandeling laat niet enkel een conservatieve borstchirurgie toe bij heel wat meer vrouwen, maar zou ook een een stijging van hun overlevingskansen kunnen inhouden. Tykerb van zijn kant is een experimenteel geneesmiddel (klinische proeven in fase II) dat zich richt op vrouwen die drager zijn van een HER2-positieve borstkanker in een gevorderd stadium. De vrouwen hebben uitzaaiingen in de hersenen en reageren niet meer op Herceptine. De voorlopige resultaten zijn alvast interessant vermits de grootte van de uitzaaiingen afneemt en bij 20% van de patiënten ook de voortgang van de ziekte vertraagt wanneer Tykerb wordt gecombineerd met een standaard chemotherapie met paclitaxel/Taxol of capecitabine/Xeloda. Deze verschillende methodes (nog in een experimenteel stadium voor sommige ervan) betekenen een nieuwe stap in de richting van behandelingen ?op maat? bij patiënten met borstkanker. Nexavar: ook doeltreffend tegen leverkanker!Nieuws 08-06-07 Tijdens een belangrijk Amerikaans congres (ASCO 2007), waarop begin juni zowat 30 000 artsen en onderzoekers samenkwamen in Chicago, stelde de farmaceutische groep Bayer de resultaten voor van een onderzoek naar de doeltreffendheid van Nexavar voor de behandeling van leverkanker. Daaruit bleek dat Nexavar zorgde voor een stijging van de overlevingsduur bij patiënten die lijden aan hepatocellulair carcinoom (primaire leverkanker). Bronnen: Belga, 04-06-07 ; Le Soir, 05-06-07 Commentaar van de Stichting tegen Kanker Nexavar (sorafenib) is een recent geneesmiddel ontwikkeld door Bayer. Het heeft zijn diensten al bewezen voor de behandeling van nierkanker in een gevorderd stadium. Sindsdien zijn er al verschillende klinische proeven gebeurd om de doeltreffendheid bij andere vormen van kanker na te gaan. Het nieuwe geneesmiddel is een doelgerichte behandeling, die de kankercellen op twee fronten aanvalt. Enerzijds werkt het door de ?zelfmoord? van kankercellen (ook wel apoptose genoemd) te stimuleren, en anderzijds remt het de ontwikkeling af van bloedvaten, die het gezwel voeden. De resultaten van de klinische proef, die tijdens het ASCO-congres werden voorgesteld, hebben betrekking op 602 patiënten met niet vroeger opgespoorde leverkanker. De helft onder hen kreeg gedurende zes maanden Nexavar toegediend, terwijl de andere helft een placebo kreeg. Bij patiënten behandeld met het nieuwe geneesmiddel steeg de gemiddelde overlevingsduur na de diagnose met 44%. De ziekte ging bij hen ook minder snel vooruit in vergelijking met de controlegroep. Bovendien is er geen merkbaar verschil vastgesteld tussen de twee patiëntengroepen inzake neveneffecten. De nevenwerkingen bleven beperkt tot diarree en huidreacties aan handen en voeten. Gezien de positieve resultaten is de klinische proef ingekort om ook de patiënten van de controlegroep van het nieuwe geneesmiddel te laten genieten. Wanneer men weet dat leverkanker wereldwijd de derde belangrijkste doodsoorzaak is ten gevolge van kanker, na longkanker en darmkanker, is dit absoluut een veelbelovende vooruitgang op het vlak van kankerbehandeling. Levensverwachting en kanker: België scoort hoog!Nieuws 02-06-07 Ons land mag pronken met de beste cijfers inzake levensverwachting op korte termijn voor darm-, borst- en prostaatkanker. België heeft de hoogste overlevingskansen, in vergelijking met 22 andere Europese landen in het statistisch onderzoek dat op 25 mei verscheen in Artsenkrant. Vijf jaar na de diagnose is 57% van de Belgische darmkankerpatiënten nog in leven. Voor borst- en prostaatkanker bedraagt dat zelfs respectievelijk 82 en 85%. Frankrijk scoort beter dan België op het vlak van longkanker: 13, 4% (tegenover 12,5% in België). Nederland doet het dan weer beter op het vlak van baarmoederkanker met een score van 69,4% (tegenover 68,4% in België). Bronnen: Belga, 24-05-07; Metro, 25-05-07; Het Nieuwsblad, 25-05-07; La Capitale, 25-05-07; Het Laatste Nieuws, 25-05-07; De Standaard, 25-05-07; Het Belang Van Limburg, 25-05-07 Commentaar van de Stichting tegen Kanker Deze cijfers komen van de Belgische organisatie Pharma.be, koepelvereniging van de farmaceutische industrie in ons land. Deze vereniging vergelijkt de situatie in ons land ook met de vier buurlanden. Daaruit blijkt dat ons land de beste levensverwachtingen na 5 jaar laat optekenen voor borst-, prostaat- en darmkanker. Voor alle kankers samen ligt de gemiddelde levensverwachting in België 5 jaar na de diagnose op 55,6%. Een beter resultaat dus dan Frankrijk en Duitsland, die allebei maar 50,7% scoorden. In Nederland ligt dat cijfer op 47,6% en in Groot-Brittannië op 40,6%. Hoe deze bemoedigende cijfers interpreteren? Ze zijn zeker voor een stuk te danken aan opsporing en vroegtijdige diagnose. Als algemene regel geldt dat, hoe vroeger een kanker aan het licht komt, hoe groter de kansen op genezing. Er moet natuurlijk ook rekening worden gehouden met de verbetering van de behandeling, zeker in de voorbije decennia. Laat ons echter de andere kankers niet uit het oog verliezen, zoals slokdarm-, alvleesklier- en longkanker. Daar is er nog heel wat werk aan de winkel op het vlak van overlevingskansen. Weldra een Kankerplan in België?Nieuws 01-06-07 Zou België ook een nationaal plan voor kankerbestrijding willen opstellen, naar het voorbeeld van wat in Frankrijk al sinds 2003 bestaat? Dat is althans het idee dat Elio Di Rupo, voorzitter van de PS, en Rudy Demotte, minister van sociale zaken en volksgezondheid, op enkele weken voor de verkiezingen lanceren! Het plan zou draaien rond zes assen: preventie, opsporing, behandeling, psychologische begeleiding van patiënten, opleiding van artsen en onderzoek. Bronnen: Belga, 11-05-07 ; De Morgen, 12-05-07 ; Vers l'Avenir, 12-05-07 ; la Dernière Heure, 11-05-07 ; Het Belang Van Limburg, 12-05-07 ; L'Echo, 12-05-07. Commentaar van de Stichting tegen Kanker In maart 2003 lanceerde president Chirac het Kankerplan 2003-2007. Hij trok daarvoor een budget uit van anderhalf miljard euro, verdeeld over 5 jaar. Het plan kreeg veel politieke steun en ongeziene financiële middelen voor Frankrijk. Ondanks wat bijsturingen oogt de balans vandaag positief.
Is een gelijkaardig plan mogelijk in ons land? In principe wel? maar er zijn wel enkele aanpassingen nodig op het vlak van competenties. In ons land zijn de belangrijkste thema's van het Kankerplan verdeeld over verschillende bevoegdheidsniveau's. Sommige aspecten vallen onder de regionale of gemeenschapsbevoegdheid terwijl andere aspecten onder federale bevoegdheid vallen. Om een Kankerplan kansen op succes te geven, is een vlotte samenwerking tussen de diverse bevoegdheidsniveau's onontbeerlijk, tenzij onze beleidsmakers beslissen om deze materie te herfederaliseren. De Stichting tegen Kanker is uiteraard voorstander van een dergelijk project, maar is zich ook bewust van het feit dat er van bij het begin van de volgende legislatuur met alle betrokken partijen zal moeten worden gepraat. Wordt vervolgd dus! Wetenschappers ontdekken 4 nieuwe genen betrokken bij borstkankerNieuws 30-05-07 De beroemde wetenschappelijke vakbladen Nature en Nature Genetics hebben zopas het werk gepubliceerd van drie onderzoeksteams die vier nieuwe genen konden identificeren. Wijzigingen in deze genen zouden een rol spelen in de ontwikkeling van een aantal vormen van borstkanker. Welke impact heeft deze ontdekking? Bronnen : Belga, 28-05-07; De Standaard, 29-05-07; De Tijd, 29-05-07; Het Nieuwsblad, 29-05-07; la Dernière Heure, 29-05-07; Het Laatste Nieuws, 29-05-07, Metro, 29-05-07; Het Belang van Limburg, 29-05-07; De Morgen, 29-05-07. Commentaar van de Stichting tegen Kanker Dit werk is het resultaat van een grootschalige studie uitgevoerd door Britse, Amerikaanse en Australische onderzoekers. Volgens sommige experts betreft het de belangrijkste ontdekking op dit gebied sedert de ontdekking van de genen BRCA1 en BRCA2, in 1993 en 1995, die beide betrokken zijn bij familiale vormen van borst- en/of eierstokkanker. Toch willen we erop wijzen dat de momenteel geïdentificeerde genetische factoren slechts een rol spelen bij een kleine minderheid van de borstkankers (slechts 5 tot 10%). Wijzigingen in de BRCA1 en BRCA2 genen komen vrij zeldzaam voor bij de bevolking, maar vrouwen die er drager van zijn, lopen een aanzienlijk risico om de ziekte te ontwikkelen. Van de 100 vrouwen met een BRCA1- of BRCA2-mutatie, ontwikkelen 50 tot 85 vrouwen kanker in de loop van hun leven. De wijzigingen die ontdekt werden in de vier nieuwe genen (FGFR2, TNRC9, MAP3K1 en LSP1) daarentegen, zijn wijd verspreid onder de bevolking, maar het risico dat de draagsters ervan de ziekte ontwikkelen, is veeleer beperkt. Concreet zijn de vier recent ontdekte genen rechtstreeks betrokken bij 4% van de vrouwen bij wie borstkanker werd gediagnosticeerd. Zal deze ontdekking leiden tot een snellere en betere opsporing en diagnose van borstkanker? Op korte termijn is dit weinig waarschijnlijk omdat tal van genetische combinaties geanalyseerd zouden moeten worden. En op dit ogenblik zijn er maar liefst 450 andere kandidaat-genen die wachten op analyse? Toch draagt deze ontdekking bij tot een beter inzicht in de biologische mechanismen die leiden tot de ontwikkeling van borstkanker. Bovendien zou de in deze studie ontwikkelde technologie (een werkelijk technologisch hoogstandje!) kunnen worden toegepast voor de identificatie van genen die betrokken zijn bij andere kankers. Zo werden er reeds gelijkaardige studies aangevat om genen te identificeren die verantwoordelijk zouden kunnen zijn voor de ontwikkeling van prostaatkanker. Vaccin tegen agressieve vorm van leukemie getest in AntwerpenNieuws 24-05-07 Een team van Antwerpse onderzoekers (Centrum voor Regeneratieve Geneeskunde en Celtherapie) test momenteel een vaccin bij patiënten die lijden aan een agressieve vorm van leukemie en die tot op heden behandeld werden met chemotherapie. Bedoeling van deze vaccinatie is te vermijden dat deze patiënten recidiveren, wat bij deze aandoening vaak voorkomt. In het universitair ziekenhuis van Antwerpen kregen acht patiënten dit vaccin toegediend. De eerste resultaten bleken bemoedigend: de deelnemers stellen het goed en ontwikkelden geen nevenwerkingen. Bronnen : Gazet Van Antwerpen, 19-05-0; Het Belang Van Limburg, 19-05-07; Vers l'Avenir, 21-05-07 Commentaar van de Stichting tegen Kanker Deze vaccinatieproef is gebaseerd op het gebruik van dendrietcellen. Het gaat in dit geval om een bijzondere soort van witte bloedcellen. Deze worden bij de patiënt afgenomen en in het labo gewijzigd zodat ze de kankercellen kunnen herkennen en vernietigen. Vervolgens worden deze gewijzigde dendrietcellen opnieuw bij de patiënt geïnjecteerd. De 8 patiënten die aan dit onderzoek deelnamen, werden allemaal succesvol behandeld met chemotherapie. Hoewel de kanker bij hen klaarblijkelijk volledig is verdwenen, lopen deze patiënten een aanzienlijk risico op recidief wegens de bijzonder agressieve aard van hun soort leukemie (acute myeloïde leukemie). Het is precies om deze opflakkering te vermijden dat bij deze patiënten de gewijzigde dendrietcellen werden geïnjecteerd. Momenteel wordt dit soort vaccinatie bestudeerd in tal van laboratoria over de hele wereld. Er werden reeds bemoedigende resultaten geboekt met andere vormen van kanker (melanomen, myelomen, lymfomen, kleincellige longkanker enzovoort), al moet gezegd dat de testen nog in een experimentele fase zijn. De aanpak van het team uit Antwerpen is in meer dan één opzicht origineel. Nadat de onderzoekers dendrietcellen bij de patiënt hebben afgenomen via een eenvoudige bloedafname wijzigen ze deze cellen door er kleine fragmenten genetisch materiaal (RNA) in te injecteren. Door deze manipulatie worden de cellen drager van nieuwe genetische informatie die hen in staat zal stellen het immuunsysteem van de patiënt bij wie deze cellen opnieuw worden geïnjecteerd, te stimuleren.
De met deze methode behandelde patiënten tonen een goede reactie op de behandeling en vertonen momenteel geen nevenwerkingen. Maar om de doeltreffendheid te evalueren en deze vorm van vaccinatie eventueel aan een grotere patiëntengroep voor te stellen, dienen deze 8 patiënten nog gedurende verschillende maanden te worden opgevolgd. De slachtoffers van distilbeen informerenNieuws 14-05-07 Distilbeen (of DES) is een geneesmiddel dat sommige zwangere vrouwen vanaf het einde van de jaren vijftig tot het begin van de jaren zeventig kregen voorgeschreven tegen miskramen. Toen bleek echter dat DES misvormingen bij foetussen veroorzaakte en dat meisjes, die tijdens de zwangerschap aan dit geneesmiddel stonden blootgesteld, op volwassen leeftijd een groter risico op onvruchtbaarheid en kanker hadden. Op 24 mei vindt in Gent een informatieavond plaats voor slachtoffers van distilbeen, maar ook voor artsen. Meer info bij Dit e-mailadres is beschermd door spambots, u heeft Javascript nodig om dit onderdeel te kunnen bekijken . Verschillende experts zullen de problematiek rond kanker en vruchtbaarheid duiden. Bron: Artsenkrant, 04-05-07 Commentaar van de Stichting tegen Kanker In ons land is DES vooral voorgeschreven door gynaecologen tussen 1969 en 1975. Daarna niet meer. Mensen, die betrokken zijn bij deze problematiek, zijn dus de kinderen geboren tussen 1970 en 1977 wiens moeder DES kreeg voorgeschreven tijdens haar zwangerschap. Na talloze jaren van stilte is het vandaag wel duidelijk bewezen dat blootstelling aan distilbeen in de baarmoeder het vrouwelijk voortplantingssysteem kan aantasten. De misvormingen, die daaruit voortvloeien, hebben dramatische gevolgen voor de voortplanting. Die vrouwen kunnen hun zwangerschap meestal niet voldragen of hebben te vroeg geboren kindjes. Het risico op vagina- en baarmoederhalskanker ligt ook veel hoger. Het is evenwel goed mogelijk dat sommige vrouwen, die in de baarmoeder waren blootgesteld aan DES, daarvan nooit hinder zullen ondervinden. Bij mannen kan die blootstelling het onstaan van cysten in de bijbal veroorzaken (lange kanalen die instaan voor de opslag van nieuw gevormde zaadcellen), afwijkingen aan de teelballen en de positie van de pisbuismonding. Toch lijkt het erop dat de blootstelling aan DES bij mannen geen risico op onvruchtbaarheid of kanker veroorzaakt. Voor vrouwen hebben de vastgestelde afwijkingen tot een pleidooi voor gynaecologische opvolging geleid. Dat geldt zowel voor opsporing van baarmoederhalskanker als tijdens een zwangerschap. Bij afwezigheid van genitale misvormingen is er geen bijzondere behandeling nodig. In het geval van onvruchtbaarheid zijn er verschillende oplossingen mogelijk. Voor bepaalde misvormingen is chirurgie de aangewezen oplossing. Bovendien kunnen soms medische voortplantingstechnieken soelaas bieden: injectie in de baarmoeder van zaad van de partner in het geval van afwijkingen van het baarmoerderhalsslijm, in vitro fertilisatie in het geval van verstopping van de eileiders enzovoort. Het doel van de bijeenkomst in Gent is om de betrokken personen te informeren om preventie te organiseren en een vroegtijdige diagnose te stellen van eventuele verwikkelingen. Hepatitis C en risico op lymfoomNieuws 12-05-07 Patiënten die besmet zijn met hepatitis C zouden een verhoogd risico hebben op lymfoom (kanker van het lymfestelsel). Dat blijkt uit de resultaten van een Amerikaans onderzoek dat deze maand verschenen is in het wetenschappelijk tijdschrift Journal of the American Medical Association (JAMA). Bron: De Standaard, 10-05-07 Commentaar van de Stichting tegen Kanker De Amerikaanse onderzoekers, die dit onderzoek hebben uitgevoerd, hebben de medische dossiers van meer dan 700 000 personen onderzocht, die tussen 1996 en 2004 een behandeling kregen in ziekenhuizen voor oudstrijders. Het merendeel daarvan waren mannen (97 %), met een meerderheid aan blanken en een gemiddelde leeftijd van 52. Van al deze patiënten hadden er 146 934 een besmetting met het hepatitis C virus (HCV), terwijl 572 293 mensen niet besmet waren. De auteurs stelden vast dat er een verhoogde frequentie aan lymfoom bestond bij besmette mensen, die ze gedurende meer dan vijf jaar volgden. ?De oorzaken van lymfomen zijn nog grotendeels onbekend. De factoren bepalen, die bijdragen tot hun ontwikkeling, vormt dus een eerste stap in het vinden van middelen om de incidentie en het sterftecijfer terug te dringen?, benadrukt dr. John Niederhuber, directeur van het National Cancer Institute (NCI) in Amerika. Zweedse onderzoekers hadden al in 2005 een verband vastgesteld tussen het hepatitis C virus en het risico op non-hodgkin lymfoom en multipel myeloom. De auteurs van dit onderzoek meenden dat de meerderheid van de patiënten, die drager waren van het virus en een non-nodgkin lymfoom of een multipel myeloom, al meer dan 15 jaar besmet waren met het hepatitis C virus. Het risico op kanker steeg zelfs recht evenredig met de duur van de besmetting. (Hepatology, 41: 3, 2005) Verantwoordelijke voor hepatitis C is een virus dat wordt overgedragen via direct contact met lichaamsvochten van besmette personen. De voornaamste oorzaken van overdraging zijn niet beschermd vrijen bij seksuele betrekkingen en het delen van drugsnaalden bij verslaafden. In 80 % van de gevallen evolueert hepatitis C naar een chronische ziekte. Bovendien kan het virus ook cirrose en, op langere leeftijd, leverkanker veroorzaken. De verschillende hierboven vermelde onderzoeken lijken in meer dan een opzicht interessant. De nieuwe resultaten zetten inderdaad de deur opnieuw open voor een betere kennis van de mechanismen die tot het kankerproces leiden. En wie ?ontcijferen? zegt van zulke mechanismen, zegt ook mogelijkheden tot nieuwe belandelingspistes. Bovendien tonen deze gegevens nog maar eens aan welk belang we hebben bij het zo vroeg mogelijk opsporen en verzorgen van mensen met hepatitis C. Een nieuw geneesmiddel tegen nierkankerNieuws 07-05-07
Verschillende media hebben aangekondigd dat ze een vernieuwed geneesmiddel, Nexavar ®, op de markt willen brengen voor de behandeling tegen nierkanker. Dit geneesmiddel wordt sinds 1 april 2007 in bepaalde gevallen terugbetaald. Commentaar van de Stichting tegen Kanker Nierkanker komt weinig in de media, maar treft jaarlijks wel ongeveer 1 200 patiënten in België. De ziekte doet zich meestal voor bij mensen rond de zestig en komt vaker voor bij mannen dan bij vrouwen. De voornaamste behandeling tegen deze kanker bestaat erin de getroffen nier chirurgisch te verwijderen. Dat is doeltreffend als het gezwel in zijn geheel verwijderbaar is. In heel wat gevallen komt nierkanker echter pas aan het licht in een stadium waarin de kankercellen al uitgezaaid zijn naar andere organen. In dat geval en tot voor kort bestond de enige behandeling erin immuuntherapie toe te passen (alfa interferon of interleukine 2). De werking was echter maar bescheiden en de toxiciteit niet te verwaarlozen. De werkingswijze van de nieuwe behandeling tegen nierkanker, waarvoor de Europese Commissie het licht op groen heeft gezet, is gebaseerd op de controle van de angiogenesis. Angiogenesis is de wildgroei van nieuwe bloedvaten, die een kanker nodig heeft om zich te ontwikkelen. De behandeling bestaat erin deze vorming van nieuwe bloedvaten, die een kanker kunnen voeden, te verhinderen. Zo blijft de groei van het gezwel beperkt. Patiënten met een nierkanker in een vergevorderd stadium, die het kregen toegediend, zagen hun overlevingsduur zonder vooruitgang van de ziekte verdubbeld. Ander voordeel is dat voor Nexavar ® ambulant (d.w.z. zonder ziekenhuisopname) orale toediening geldt. Patiënten verdragen het geneesmiddel meestal ook goed. Bij immuuntherapie was bijvoorbeeld opname in het ziekenhuis nodig. Zo kunnen heel wat patiënten een normaler leven behouden. Het gaat dus om een niet te verwaarlozen vooruitgang voor de zieken. Nanodeeltjes in de strijd tegen longkankerNieuws 24-04-07 Onderzoekers van het Anderson Center (Universiteit van Texas) stelden recentelijk de resultaten van hun werk voor. Door het gebruik van nanotechnologie willen ze de behandeling van longkanker verbeteren. Bij enkele patiënten met longkanker hebben ze nanodeeltjes geïnjecteerd, die een genetisch geneesmiddel bevatten, dat zich onmiddellijk in de kankcercellen vestigt en de zelfvernietiging ervan activeert. Een eerste bemoedigend resultaat dus voor een techniek, die tot op heden nog niet was getest bij patiënten met dat type van kanker. Bron: Le Soir, 18-04-07 Commentaar van de Stichting tegen Kanker Nanotechnologie is de wetenschap die zich bezighoudt met het aanmaken en manipuleren van voorwerpen met de grootte van een molecule of een atoom. Sinds enkele jaren heeft de nanotechnologie een enorme vlucht genomen. De nieuwe technieken zijn inzetbaar in uiteenlopende domeinen als lucht- en ruimtevaart, informatica en gezondheid. Op het vlak van de oncologie bestaat het doel erin structuren te ontwikkelen, die in staat zijn om kankercellen op te sporen en te vernietigen. Verschillende benaderingen liggen voor ter evaluatie. Sommige daarvan blijken enorm veelbelovend. Denk maar aan het werk rond de magnetische nanodeeltjes, die na injectie bij de zieke in staat zijn om de precisie van beeldonderzoek via magnetische resonantie (MRI-NMR) te verbeteren. Andere teams proberen om deeltjes aan te maken op basis van goud, die in staat zijn om zich te hechten aan gezwellen en onder invloed van een licht dichtbij infrarood zodanig opgewarmd raken dat ze de kwaadaardige cellen vernietigen. Bij het spoor dat de onderzoekers van het Anderson Center verkennen, spelen de kleine deeltjes een rol (nanodeeltjes van het cholesterol). Die zijn in staat om tot in de kwaadaardige gezwellen door te dringen om er genetische geneesmiddelen af te leveren, die de zelfvernietiging van de kankercellen (apoptose of celzelfmoord genoemd) op gang kunnen brengen. Het eerste onderzoek gebeurde op muizen in labo's. Ze kregen van de onderzoekers twee antikankergenen ingespoten (p53 en FUS1), gedragen door nanodeeltjes. Zo slaagden ze erin het aantal kankercellen met 75 % terug te dringen en het volume van de gezwellen met 85 %. Gezien deze bemoedigende resultaten en de beperkte toxiciteit van de behandeling bij dieren, hebben de oncologen van het Anderson Center een preklinisch onderzoek opgestart met nanodeeltjes die deze twee antikankergenen dragen, bij patiënten met een vergevorderde vorm van longkanker. De voorlopige resultaten, voorgesteld tijdens het recente congres van de Amerikaanse vereniging voor kankeronderzoek, tonen aan dat de behandeling maar weinig neveneffecten met zich meebracht (koorts) en dat het de vooruitgang van de ziekte met verschillende maanden vertraagde. Als deze resultaten blijken te kloppen, kan het gebruik van deze nanodeeltjes in combinatie gebeuren met andere klassieke behandelingen (chemotherapie bijvoorbeeld) om de doeltreffendheid nog te vergroten. Belgische ontdekking in de behandeling van bepaalde vormen van leukemieNieuws 21-04-07 Onderzoekers van het Vlaams Instituut voor Biotechnologie (VIB), verbonden aan de KULeuven, hebben een ontdekking gedaan over een vorm van leukemie, die vooral jonge kinderen treft: acute lymfoblastische leukemie met T-lymfocyten (T-ALL). Ze hebben vastgesteld dat bij een bepaald aantal patiënten een welbepaald gen (MYB) een cruciale rol speelde in de celdeling en ?vermenigvuldiging. Deze ontdekking opent de weg voor de ontwikkeling van nieuwe behandelingen voor deze vorm van leukemie. Bronnen: Belga, 12-04-07 ; De Morgen, 16-04-07 ; Het Laatste Nieuws, 16-04-07; Gazet van Antwerpen, 16-04-07; La Libre Belgique, 16-04-07 Commentaar van de Stichting tegen Kanker Bij patiënten met acute lymfoblastische leukemie met T-lymfocyten, vermenigvuldigt een welbepaalde vorm van witte bloedcellen (onvolgroeide T-lymfocyten) zich razendsnel. Ze ontwikkelen zich niet correct. Deze lymfocyten zijn niet langer in staat om hun afweerrol tegen microben op de juiste manier te vervullen. Dat veroorzaakt trouwens een belangrijk risico op infectie. Met de huidige behandelingen is genezing mogelijk bij meer dan de helft van de kinderen met deze vorm van leukemie. De onderzoekers blijven echter andere pistes onderzoeken om de kansen op genezing nog te verbeteren. Dat is het geval voor het team van professor Jan Cools en professor Idoya Lahortiga van de KULeuven. In nauwe samenwerking met hun collega's in Gent en Rotterdam hebben ze ontdekt dat een gen (MYB) oververtegenwoordigd is bij 10 % van de door T-ALL getroffen patiënten. Ze zijn er dan ook van overtuigd dat de onderdrukking van de activiteit van dat gen (in combinatie met andere behandelingen) de prognose voor deze vorm van kanker zou kunnen verbeteren. In het labo hebben ze al bemoedigende resultaten geboekt op celculturen. Deze onderzoeken bevinden zich echter nog in de beginfase en wellicht zullen we nog jaren moeten wachten vooraleer ze leiden tot behandelingen op grote schaal.
Dubbel zoveel kankers tegen 2030!Nieuws 11-04-07 Dr. Peter Boyle, directeur van het internationaal agentschap voor kankeronderzoek (IARC) stelt dat het aantal kankers zal verdubbelen tussen 2000 en 2030, voornamelijk in de arme landen. Bronnen: Le Soir, 05-04-07 ; Metro, 05-04-07 Commentaar van de Stichting tegen Kanker Volgens dr. Boyle ligt de verklaring voor de sterke stijging van het aantal kankers in de demografische groei, de toename van de levensverwachting en de transfer van risicofactoren zoals roken van de ontwikkelde landen naar de ontwikkelingslanden. Die risico's komen bovenop de al bestaande problemen in de arme landen. Tegen 2030 zal de wereldbevolking stijgen van 6,5 miljard mensen tot 8 miljard mensen. Zelfs al blijft het risico constant, dan mogen we ons nog verwachten aan een verhoging van het aantal kankergevallen. Het zijn echter ook de slechte levensgewoontes zoals roken en alcoholmisbruik die het aantal kankergevallen gevoelig zullen doen toenemen. Boyle onderlijnt bijvoorbeeld het feit dat het alcoholverbruik in Centraal-Europa sinds het begin van de jaren tachtig explosief gegroeid is. Mondkanker, keelkanker en slokdarmkanker volgen die stijgende lijn! In Afrika is het Kaposisarcoom de vaakst voorkomende vorm van kanker geworden. Het is een kanker die zich vooral ontwikkelt bij AIDS-patiënten. Wereldwijd sterven er vandaag meer mensen aan kanker dan aan malaria, AIDS en tuberculose samen. Het IARC benadrukt de dringende nood aan actie rond kankerbestrijding. ?Het is van kapitaal belang om zo snel mogelijk forse en doeltreffende maatregelen te nemen tegen kanker, vooral in Centraal- en Oost-Europa, om de rookepidemie in te dijken en zo ruim mogelijk opsporingsprogramma's te ontwikkelen voor borstkanker, baarmoederhalskanker en endeldarmkanker. ? ?Voeding en lichaamsbeweging?, zo gaat hij verder, ?zijn allebei even belangrijk om de bevolking te helpen zwaarlijvigheid (wat zwaar in lift zit in Europa en de Verenigde Staten) in te dijken en het risico op bijzonder dodelijke kankers, zoals darmkanker, en onder andere hart- en vaatziektes te beperken.? De aanbevelingen van het IARC kaderen volledig binnen de doelstellingen van de Stichting tegen Kanker. Een reden te meer dus om onze werking op dat vlak voort te zetten... en de steun te vragen van de bevoegde politieke overheden! Groter kankerrisico bij vrouwen door hoge suikerspiegel?Nieuws 02-04-07 Uit een grootschalig Zweeds onderzoek dat 13 jaar in beslag nam bij 64 500 mannen en vrouwen tussen 40 en 60 jaar is gebleken dat vrouwen met een hoge suikerspiegel 26 % meer risico liepen op kanker (vooral van alvleesklier, huid en baarmoeder) dan vrouwen met een lage suikerspiegel. Bij mannen kwam echter prostaatkanker minder frequent voor in de groep met een hoge suikerspiegel. Bron : De Morgen, 29-03-07 Commentaar van de Stichting tegen kanker
We dienen hier in de eerste plaats op te merken dat het hier om een statistisch onderzoek gaat en dat wanneer in statistieken een bepaald verband wordt opgemerkt dit niet noodzakelijkerwijze betekent dat het om een oorzakelijk verband gaat. Bovendien dienen deze resultaten bevestigd door andere onderzoeken in andere landen. Een fonds voor alle asbestslachtoffersNieuws 13-03-07 Slachtoffers van mesothelioom, een kanker van het longvlies die typisch is voor asbest, zullen vanaf 1 april 2007 van een speciale tussenkomst genieten van het Asbestfonds. De ministerraad heeft het uitvoeringsbesluit goedgekeurd dat dit Fonds moet oprichten. Tot op heden konden enkel de slachtoffers van een beroepsziekte een schadevergoeding krijgen. Voortaan zullen ook zelfstandige werknemers en ?burgerslachtoffers? en ?milieuslachtoffers? een schadeloosstelling krijgen. Bronnen: Belga, 01-03-07 ; De Morgen, 02-03-07 ; Het Belang van Limburg, 02-03-07 ; Métro, 02-03-07 ; La Dernière Heure, 02-03-07 ; Vers l'Avenir, 02-03-07 Commentaar van de Stichting tegen Kanker Tot op heden konden enkel werknemers, die blootgesteld hadden gestaan aan asbest en vervolgens een mesothelioom hadden gekregen, rekenen op een tussenkomst van het Fonds voor Beroepsziekten. Vanaf 1 april zullen voortaan alle slachtoffers van dit soort kanker een schadevergoeding krijgen voor beroepsschade of milieuschade die voortvloeit uit een blootstelling aan asbest. De federale overheid zal dit fonds spijzen, samen met een speciale werkgeversbijdrage. Het Fonds voor Beroepsziekten zal instaan voor het beheer ervan.
De slachtoffers zullen recht hebben op een maandelijks bedrag van 1 500 euro. Bij overlijden heeft de echtgeno(o)t(e) recht op een kapitaal van 30 000 euro. Eventuele kinderen ten laste krijgen dan een bedrag van 25 000 euro per kind. Een ex-partner, die alimentatiegeld krijgt van de overleden persoon, zal recht hebben op 15 000 euro. Die bedragen zijn cumuleerbaar met elke andere schadeloosstelling die het slachtoffer of zijn naasten ontvangen voor dezelfde aandoening. Hoe dan ook, de Stichting apprecieert het initiatief. De toegekende bedragen beantwoorden aan een reële behoefte, vooral als men weet dat het aantal mesotheliomen in België nog zal stijgen tot 2016-2020. Er verloopt immers veel tijd tussen de blootstelling aan asbestvezels en de ontwikkeling van de ziekte (soms 20 tot 30 jaar). Het Fonds zal asbestslachtoffers hun gezondheid niet kunnen teruggeven, maar zal hen wel toelaten om toegang te hebben tot kwaliteitsvolle verzorging door hen van zeker levensniveau te verzekeren. Hormonen en menopauzeNieuws 12-03-07
Zoals u zich nog wellicht herinnert, is er de voorbije jaren al heel wat inkt gevloeid over de inname van vrouwelijke hormonen na de menopauze. Bron: La Libre Belgique, 07-03-07 Commentaar van de Stichting tegen Kanker
Er bestaat geen enkele medische ingreep of behandeling zonder mogelijke nadelen, maar we dienen ze wel op hun juiste waarde in te schatten. Na een zorgvuldige analyse van de situatie, rekening houdende met de recentste onderzoeken, stelde de Belgische Menopauzevereniging een genuanceerde gedragscode op. Ze benadrukt onder meer het belang voor artsen om de vrouwen zorgvuldig te informeren over de voordelen en nadelen van een hormoonbehandeling na de menopauze. Voor wat betreft het verhoogde risico op borstkanker dat gepaard gaat met de behandeling, herhaalt de Belgische Menopauzevereniging nog eens dat het heel beperkt is. Zwaarlijvigheid, alcoholverbruik of ons zittend leven verhogen dat risico minstens evenveel, en dat terwijl zwaarlijvigheid, alcohol en een zittend leven niet zoveel mannen of vrouwen in paniek doen slaan. De Stichting tegen Kanker raadt vrouwen in hun menopauze aan om de voor- en nadelen van een hormonenbehandeling af te wegen samen met hun arts. De beslissing om al dan niet hormonen voor te schrijven, dient geval per geval te gebeuren. Er bestaan goede redenen om toch voor de behandeling te opteren, voornamelijk omwille van de vervelende symptomen als warmte-opwellingen, slapeloosheid, irritatie, .... De levenskwaliteit van vrouwen kan er gevoelig door verbeteren. De vrouwen, die deze hormonen nemen, moeten wel regelmatig een mammografie ondergaan. Artsen raden dat sowieso sterk aan voor alle vrouwen vanaf vijftig. Een onuitgegeven onderzoek bewijst de verbetering van de overlevingskansenNieuws 10-03-07 Uit een groot onderzoek in Frankrijk bij meer dan 200 000 patiënten blijkt dat één kankerpatiënt op de twee nog altijd in leven is vijf jaar na de diagnose. Hoewel deze cijfers bemoedigend zijn, wijzen deze cijfers uit dat er grote verschillen bestaan in levensverwachting naargelang geslacht, leeftijd en het soort kanker. Bronnen: Artsenkrant, 06-03-07; Het Belang Van Limburg, 02-03-07 Commentaar van de Stichting tegen Kanker Het onderzoek is gevoerd bij een bevolkingsgroep 205 000 mensen met kanker en opgevolgd door het Réseau français des Registres du Cancer (FRANCIM). Meer dan 40 verschillende kankeroortens zijn onderzocht. Het onderzoek concentreerde zich op gevallen vastgesteld tussen 1989 en 1997, met een update van de levenssituatie op 1 januari 2002 om de overlevingskansen na 5 jaar te bepalen. Het overlijden van kankerpatiënten was soms te wijten aan andere oorzaken dan de kanker zelf. Voor de berekening van de levensverwachting houdt men rekening met een correctie zodat het hier om ?relatieve? overlevingskansen gaat. Deze resultaten tonen nog maar eens aan dat er veel vooruitgang is geboekt in de behandeling van kanker, zelfs al blijven er grote verschillen bestaan van geval tot geval. De overlevingskans op 5 jaar is hoger bij vrouwen (63 %) dan bij mannen (44 %) en daalt met de leeftijd op het moment van de diagnose (70 % voor de categorie 15-45 jaar; 58 % voor de categorie 45-55 jaar; 50 % voor de categorie 55-64 jaar en 65-74 jaar; 39,4 % voor de mensen ouder dan 75). De minder goede resultaten bij mannen kunnen deels worden verklaard door het feit dat ze zwaardere en moeilijker te behandelen kankers hebben. Op de 35 plaatsen waar beide geslachten kanker kunnen krijgen, hebben vrouwen bij 28 ervan grotere overlevingskansen. Het onderzoek onthult ook belangrijke verschillen naargelang het soort kanker. Voor de vier vaakst voorkomende kwaadaardige gezwellen (goed voor 60 % van alle kankers) bedraagt de relatieve overlevingskans na 5 jaar 85 % voor borstkanker, 80 % voor prostaatkanker, 56 % voor darmkanker en amper 14 % voor longkanker. Professor Henri Pujol (voorzitter van de Ligue française contre le Cancer) benadrukt het feit dat deze cijfers nog aantonen wat voor een lange weg we nog af te leggen hebben! Sommige longkankerpatiënten worden beter bestraald dan geopereerdNieuws 07-03-07 Volgens een Europese studie onder coördinatie van prof. Jan van Meerbeeck (UZ Gent) wordt 15 tot 20 % van de patiënten met longkanker beter bestraald dan geopereerd. Bronnen : Belga 06-03-07; De Morgen 07-03-07; Het Laatste Nieuws 07-03-07 Commentaar van de Stichting tegen Kanker Het gaat hier om een studie bij 582 longkankerpatiënten die sinds 1994 in een aantal Europese landen werden gevolgd en bij wie de longkanker wel al was uitgezaaid in de lymfeklieren van de borstkas maar nog niet verder. Dat is het geval bij ongeveer 15 tot 20 % van alle longkankerpatiënten. Al die patiënten werden eerst met chemotherapie behandeld en dan kregen 167 van hen een operatie en 165 radiotherapie. Uit de evaluatie bleek dat in beide groepen de overlevingskans even gering was: na 5 jaar was nog 16 % in leven na de operatie en 14 % na de bestraling. Dat verschil is niet statistisch significant. Het voordeel van de bestraling is evenwel dat er minder bijwerkingen aan verbonden zijn zodat in principe hieraan de voorkeur dient gegeven voor deze specifieke groep van patiënten. Natuurlijk dient bij elke patiënt individueel een beslissing te worden genomen in overleg met de goed geïnformeerde patiënt zelf. Onze Stichting verleent financiële steun aan diverse projecten in België waaronder ook een onderzoeksstudie van prof. Jan van Meerbeeck (over biomerkers bij kwaadaardige longvlieskanker). Hoger borstkankerrisico bij grotere borstdensiteitNieuws 05-03-07 In een Canadese studie werd gesuggereerd dat een hoge densiteit (dichtheid) van het borstklierweefsel een risicofactor zou zijn van borstkanker. Dat zou een gevolg zijn van het feit dat er dan meer bind- en epitheel(dek)weefsel en minder vetweefsel aanwezig is. Bron : De Huisarts, 22-07-07 Commentaar van de Stichting tegen kanker
Er bestonden al meer dan 40 studies waarin een verband werd aangetoond tussen een hogere borstdensiteit en borstkanker. Maar men wist niet of dit een gevolg was van het feit dat een hogere borstdensiteit maskerend werkte en de interpretatie van de mammografie bemoeilijkte dan wel of de groei van het gezwel door dezelfde factoren (hormonen, groeifactoren,?) werd gestimuleerd. Deze studie pleit dan ook voor het systematisch mee bepalen van de borstdensiteit bij elke mammografie. Bij vrouwen met extreem hoge densiteit zou dan digitale mammografie, echografie of MRI (magnetische resonantiescan) eerder aangewezen zijn bij de follow-up dan klassieke mammografie. Bij die eerstgenoemde methoden wordt het resultaat immers minder beïnvloed door de borstdensiteit. Selectie van embryo's bij erfelijke borstkankersNieuws 03-03-07 Britse en Amerikaanse onderzoekers hebben een test ontwikkeld waarmee ze embryo's kunnen selecteren, die geen drager zijn van gemuteerde genen die een rol spelen bij de ontwikkeling van erfelijke borstkankers. Een manier om de overdracht van deze genen te stoppen, maar wel een die heel wat ethische vragen kan oproepen. Bron: Het Laatste Nieuws, 26-02-07 Commentaar van de Stichting tegen Kanker Ongeveer 5 % van alle borstkankers zijn van erfelijke aard. Wetenschappers hebben al verschillende genen geïdentificeerd die vatbaar maken voor borstkanker. De voornaamste daarvan zijn BRCA1, BRCA2, BRCA3 en p53. Elk van onze cellen heeft twee kopieën van elk gen: het ene komt van de moeder, het andere van de vader. Als een van deze twee kopieën in het gen dat vatbaar maakt abnormaal is, stijgt het risico op borstkanker sterk. Deze vatbaarheid kan dan in een op de twee gevallen aan de afstammelingen worden doorgegeven. In families waar er een erfelijke vatbaarheid zou kunnen bestaan, kan een erfelijkheidstest worden voorgesteld. Een erfelijkheidslabo zal dan de bloedafname onderwerpen aan een gespecialiseerde analyse. Bij een positief resultaat zijn er verschillende mogelijkheden: aangepaste opsporingsstrategie of soms chirurgische ingreep ter preventie (bilaterale borstamputatie gevolgd door reconstructiechirurgie bijvoorbeeld). Met deze aanpak kunnen we evenwel het risico op overdracht van het defecte gen naar de afstammelingen niet verhinderen. Daarom hebben de Britse en Amerikaanse onderzoekers onlangs een prenatale diagnosetechniek ontwikkeld en een methode om embryo's te selecteren. Daarvoor is een in vitro bevruchting nodig (met zaadcellen van de vader en eitjes van de moeder), gevolgd door een selectie van de embryo's, die het erfelijkheidsgen voor borstkanker niet dragen en ten slotte inplanting in de baarmoeder van de moeder. Hierdoor kunnen koppels toch kinderen krijgen zonder het risico op erfelijke vatbaarheid voor borstkanker. Deze ?pre-inplantingsdiagnose? roept echter wel ethische vragen op. Het is immers best mogelijk dat mensen, die drager zijn van deze erfelijke afwijking, nooit borstkanker krijgen ondanks hun verhoogd risico. Omgekeerd zullen onder de vrouwen zonder erfelijk risico ongeveer een op de tien toch borstkanker krijgen. In geen van beide situaties bestaat er dus absolute zekerheid. Blijft dan nog de vraag over de vernietiging of eventueel gebruik voor onderzoek van de embryo's, die drager zijn van de genetische afwijking...
Benzeen in frisdranken ?Nieuws 04-03-07 Een studie, uitgevoerd door het Engelse voedselagentschap in 2006, heeft aangetoond dat sommige frisdranken een te hoog gehalte aan benzeen bezitten. Bepaalde merken zouden 2 tot 6 keer meer benzeen bevatten dan de, volgens de Wereldgezondheidsorganisatie bepaalde, maximumgrens. Test Aankoop deed onderzoek op de Belgische markt en vond, gelukkig, dat het om slechts een minderheid gaat binnen het gamma aan frisdranken. Bron: Test Aankoop, 01-03-07 Commentaar van de Stichting tegen Kanker
De relatie tussen hoge dosissen benzeen en bepaalde kankertypes werd reeds aangetoond in wetenschappelijk onderzoek. Het gaat dan echter vooral om overmatige blootstelling aan benzeen gelinkt aan zeer specifieke beroepscategorieën. Stamcellen aan de oorsprong van darmkanker?Nieuws 15-02-07 Twee teams, een Canadees en een Italiaans, hebben onafhankelijk van elkaar ontdekt dat stamcellen wel eens verantwoordelijk zouden kunnen zijn voor de ontwikkeling van darmkanker. Deze ontdekkingen zouden ons inzicht in de kankermechanismen wel eens grondig overhoop kunnen gooien en nieuwe hoop bieden voor de behandeling van bepaalde vormen van de ziekte. Bron: Artsenkrant, 26-01-07 Commentaar van de Stichting tegen Kanker Tot op heden ging men ervan uit dat alle cellen die samen een kankergezwel vormden, zich min of meer op dezelfde manier gedroegen. Sinds kort bestaat er echter een nieuw concept: dat van kankerstamcellen. Waarover gaat het hier? Binnenin de gezwellen zou een klein aantal ongedifferentieerde cellen (de befaamde kankerstamcellen) verantwoordelijk zijn voor het ontstaan en de groei van het gezwel. De rol van deze welbepaalde cellen is al enkele jaren verdacht, maar het is de eerste maal dat onderzoekers erin slagen om hun aanwezigheid aan te tonen in darmkankergezwellen (andere teams hadden het bestaan ervan al aangetoond bij bepaalde vormen van leukemie). De stamcellen zouden kunnen verklaren waarom bepaalde gezwellen weerstaan aan behandelingen (chemo- en radiotherapie) en waarom bepaalde patiënten hervallen. De normale stamcellen zijn inderdaad beter gewapend dan de andere cellen om hun DNA te herstellen en aanvallen te weerstaan. Dat laat hen toe om te blijven bestaan in het lichaam en de weefsels te herstellen. Diezelfde eigenschappen zouden de kankerstamcellen echter helpen om te weerstaan aan chemo- en radiotherapie. Bovendien zijn de stamcellen weinig gedifferentieerd, wat hen moeilijk opspoorbaar maakt door ons afweersysteem. De uitdaging bestaat er nu in om uit te vissen hoe we die stamcellen kunnen opsporen en vernietigen. Een van de onderzoekers, die meewerkte aan de ontdekking, vergelijkt gezwellen met onkruid. ?Je kunt onkruid wieden en nog eens wieden, maar het zal altijd opnieuw groeien. Als je echter de wortels kunt uittrekken, zal het onkruid vanzelf verdwijnen.? Deze ontdekking is op meer dan een vlak belangrijk. Eerst en vooral omdat darmkanker de op een na vaakst voorkomende vorm van kanker is in de geïndustrialiseerde landen. Daarnaast ook omdat ze nieuwe onderzoeksmogelijkheden biedt. Nu dienen de onderzoekers nieuwe moleculen te ontwikkelen, die in staat zijn om deze kankerstamcellen selectief te verwijderen zonder de normale lichaamscellen te treffen.
Behandeling van kanker : balans van de recente vooruitgangNieuws 13-02-07
Honderden experts, voornamelijk Europeanen, Noord-Amerikanen en Aziaten, verzamelen in Parijs om een balans op te maken van de recente vooruitgang in de behandeling van kanker. Net zoals andere grote internationale congressen toont deze meeting aan hoezeer informatie intens circuleert in de grote ?familie? van de wereldwijde oncologie. Dergelijke uitwisselingen zijn van kapitaal belang om de patiënten snel de best mogelijke toegang te verzekeren tot therapeutische vernieuwingen.
België als eregast
Een heel compleet programma
Bevestigingen en nieuwe ideeën
Toename van kanker over heel EuropaNieuws 10-02-07 Een recent onderzoek van het Centre international de Recherche sur le Cancer (CIRC) toont aan dat kanker zijn opmars in Europa verder zet, met ongeveer 3,2 miljoen nieuwe gediagnosticeerde gevallen in 39 landen voor 2006. Dat zijn er 300 000 meer dan in 2004. Vorig jaar overleden 1,7 miljoen mensen aan de gevolgen van kanker. Longkanker blijft de meest dodelijke vorm van kanker en borstkanker wordt het vaakst gediagnosticeerd. Bronnen: Belga, 06-02-07 ; Metro, 07-02-07 ; De Morgen, 07-02-07 ; De Standaard, 08-02-07 ; Le Soir, 07-02-07; Het Laatste Nieuws, 07-02-07; L'Echo, 07-02-07; De Tijd, 07-02-07. Commentaar van de Stichting tegen Kanker Globaal gezien wijzen deze cijfers op een verhoging van 10 % van het aantal nieuwe gevallen. Hoe moeten we dat interpreteren? We moeten rekening houden met verschillende factoren. De eerste is die van de vergrijzing van de Europese bevolking. Bij heel wat kankers is leeftijd de voornaamste risicofactor! De levensduur van de Europeaan is fel toegenomen in de loop van de twintigste eeuw. Een ander belangrijk element is een betere registratie van de kankergevallen in heel wat landen (Kankerregisters) en een steeds vakere vroegtijdige opsporing. Het rapport van het CIRC toont aan dat longkanker nog altijd de dodelijkste vorm van kanker is (334 000 overlijdens, 19,7 % van alle overlijdens), gevolgd door darmkanker (207 000), borstkanker (131 900) en maagkanker (148 200). Deze schattingen tonen duidelijk aan waar de prioriteiten liggen. De overgrote meerderheid van longkanker is een gevolg van roken. Roken terugdringen is dus een prioriteit in Europa. Niet enkel bij mannen, maar ook bij vrouwen. Borstkanker is een zaak voor volksgezondheid in Europa. De systematische opsporing van borstkanker via mammografie zou moeten toelaten om het sterftecijfer ten gevolge van borstkanker gevoelig terug te dringen. De vrouwen in kwestie moeten dan wel deelnemen aan dat opsporingsprogramma. Er is nog heel wat werk voor de boeg om de vrouwen te overtuigen van het nut daarvan. Darmkanker is de op twee na meest voorkomende vorm van kanker bij mannen en bezet bij vrouwen de tweede plaats. In Europa is het globaal gezien de tweede belangrijkste doodsoorzaak ten gevolge van kanker. Het voorzien van een algemene opsporing zou moeten leiden tot een gevoelige daling van de sterftegevallen, op voorwaarde dat de helft van de betrokken bevolking de opsporing ondergaat. Welke stappen moeten we nu ondernemen in het licht van de wat alarmerende cijfers die het CIRC gepubliceerd heeft?
We kunnen de mensen moeilijk verbieden om te verouderen! Op individueel vlak zou de aanpassing van bepaalde levenswijzes ook moeten toelaten om heel wat kankers te vermijden: niet roken, blootstelling aan UV-stralen beperken, dagelijks fruit en groenten eten, regelmatig lichaamsbeweging inbouwen, overgewicht vermijden enzovoort. Als conclusie kunnen we stellen dat iedereen zijn deel van de verantwoordelijkheid draagt om er iets aan te veranderen. Momenteel lopen er in België tests voor een vaccin tegen prostaatkankerNieuws 09-02-07 Het Antwerpse Middelheimziekenhuis test momenteel een vaccin tegen prostaatkanker. Het gaat om een therapeutisch vaccin dat erop gericht is om protstaatkankercellen te doden bij patiënten, die al getroffen zijn door de ziekte. In eerste instantie krijgen zieken met een vergevorderde vorm van prostaatkanker, die niet meer reageren op de gebruikelijke hormoonbehandelingen, het vaccin toegediend. De resultaten van de eerste tests zouden nog voor het eind van dit jaar gekend zijn. Bronnen: Belga, 02-02-07; De Tijd, 03-02-07; Gazet van Antwerpen, 05-02-07, De Morgen, 03-02-07 Commentaar van de Stichting tegen Kanker Verschillende onderzoeksteams werken momenteel aan de uitwerking van dergelijke vaccins en de eerste klinische proeven, die momenteel in de Verenigde Staten aan de gang zijn, lijken alvast veelbelovend. Het in Antwerpen geteste vaccin is een therapeutisch vaccin. Dat betekent dat het niet ontwikkeld is om de ziekte te vermijden (zoals dat wel het geval is voor andere vaccins tegen besmettelijke ziekten). Het doel hier is de afweermechanismen van de patiënten tegen hun eigen kankercellen stimuleren. Daarvoor maken de artsen gebruik van bij de patiënt weggenomen cellen, die ze in het labo aanpassen en vervolgens opnieuw injecteren bij de zieke. Deze aangepaste cellen zijn in staat om de kankercellen te herkennen en het afweersysteem te stimuleren om ze te vernietigen. Tot op heden lijken patiënten het vaccin goed te verdragen zonder noemenswaardige neveneffecten. Nu is nog een evaluatie van de doeltreffendheid nodig. De conclusies van deze klinische test zouden binnen enkele maanden gekend moeten zijn. Als ze positief uitvallen, zou de behandeling ook kunnen dienen voor patiënten met een minder gevorderd stadium van prostaatkanker, in het kader van een nieuw klinisch onderzoek. Door zo stapje voor stapje te werken, kunnen ze de beste behandelingsstrategie bepalen Borstkanker: weldra een nieuwe combinatie van geneesmiddelen ter onderzoek?Nieuws 08-02-07 Een behandeling die een kankerwerend geneesmiddel combineert met een stof, die een hormoon neutraliseert, heeft borstkanker bij muizen sterk teruggedrongen en in bepaalde gevallen zelfs volledig verwijderd. Dat blijkt uit een Amerikaans onderzoek dat eind januari verscheen. Bronnen: Belga : 30-01-07 ; Proc. Natl. Acad. SCI USA, 29-01-07 Commentaar van de Stichting tegen Kanker Het team van professor Andrew Schally (universiteit van Miami, USA) heeft een stof ontwikkeld onder de naam JMR-132. Die neutraliseert de werking van het groeihormoon GNRH. Dat groeihormoon lijkt een belangrijke rol te spelen bij de groei van bepaalde kankergezwellen, in het bijzonder bij borstkanker. Na drie weken behandeling dringt de nieuw geteste molecule het tumorvolume met 63 % terug bij de muizen getroffen door borstkanker. Als ze Docetaxel krijgen toegediend (een kankerwerend middel dat klassiek wordt gebruikt in de chemotherapie) in dezelfde omstandigheden daalt het volume van het gezwel met 74 %. Als de onderzoekers echter JMR-132 combineren met Docetaxel, bedraagt de daling 97 % en in bepaalde gevallen verdwijnt het gezwel zelfs volledig. Deze combinatie, die geen toxische effecten of zware neveneffecten veroorzaakt bij de dieren, zou een vooruitgang kunnen betekenen voor de behandeling van borstkanker bij vrouwen. Nu dienen de onderzoekers nog na te gaan of wat werkt bij muizen, dat ook doet bij mensen... Binnenkort zouden klinische proeven moeten starten, die gebruik maken van deze nieuwe behandelingscombinatie. Belang van voedingsaandacht bij kankerNieuws 04-02-07
Op het 28e jaarlijkse congres van de European Society for Clinical Nutrition and Metabolism (ESPEN) werden twee opmerkelijke studies voor- gesteld. Een Mexicaans en Sloveens team van onderzoekers maakten studieresultaten bekend rond het nog maar weinig onderzochte domein van het belang van voeding bij kanker. Bron: De Huisarts, 18-01-07 Commentaar van de Stichting tegen Kanker
De Stichting is verheugd met de toenemende aandacht van wetenschappers voor voeding bij kanker. Wetenschappelijk onderzoek toont immers het belang aan van voedingsbegeleiding als ondersteunende therapie. Hieruit blijkt dat ze een positieve invloed zou hebben op de morbiditeit (kans op ziekte) en mortaliteit (kans op overlijden) bij chirurgie, radio- en chemotherapie en op de reactie van het gezwel op de behandeling. Borstkanker: een nieuw gericht geneesmiddel ter studieNieuws 25-01-07 Over het geneesmiddel, gekend onder de naam Herceptine, is het voorbije jaar al heel wat inkt gevloeid. En met reden! De ontwikkeling ervan heeft geleid tot vooruitgang in de behandeling van bepaalde borstkankers. De cellen van deze welbepaalde kankers hebben aan hun oppervlakte heel wat receptoren, die we HER2 of neu noemen. Dat is het geval bij ongeveer een borstkanker op de vijf. Herceptine kan zich aan die receptor binden en zo de wildgroei van die kankercellen verhinderen. Toch reageren sommige patiënten die Herceptine toegediend krijgen, niet meer op de behandeling. Er moest dus een ander geneesmiddel worden gezocht dat in staat was om die receptoren opnieuw te blokkeren, maar via een andere weg. Dat kan wellicht dankzij lapatinib, een nieuwe molecule dat momenteel in de klinische experimenteerfase zit. Bron: De Huisarts, 18-01-07 Commentaar van de Stichting tegen Kanker Nieuwe veelbelovende moleculen, die potentieel actief zijn wanneer de werking van Herceptine is uitgeput, zijn momenteel volop in ontwikkeling. Een ervan, lapatinib of Tykerb genoemd, blijkt echt doeltreffend te zijn. De doeltreffendheid van deze molecule berust op haar bijzondere werkwijze. Om dat goed te begrijpen, herhalen we nog eens dat een receptor als HER2, die zich in het celmembraam bevindt, uit twee delen bestaat. Het ene deel bevindt zich aan de buitenkant van de cel en het andere deel aan de binnenkant. Terwijl Herceptine de HER2 receptor blokkeert door zich vast te hechten aan de buitenkant, neutraliseert lapatinib het intracellulair domein van de receptor. Deze verbinding verhindert de cellulaire wildgroei, maar ook verschillende processen die een rol spelen bij de groei en de invasie van de gezwellen en bij de vorming van uitzaaiingen. In het onderzoek dat nu loopt, tonen de voorlopige resultaten aan dat, wanneer lapatinib wordt toegediend in combinatie met capecitabine (chemotherapie), het tijdsinterval zonder uitbreiding van de ziekte verdubbelt bij aldus behandelde patiënten. Het lijkt er dus op dat lapatinib de fakkel kan overnemen van Herceptine bij het indijken van de ziekte. De resultaten van deze klinische test zijn voorgesteld tijdens het jaarlijkse congres van de ASCO (American Society of Clinical Oncology) in Atlanta in juni van vorig jaar. De volgende stap zal erin bestaan om het geneesmiddel toe te dienen aan een groter aantal patiëntes vooraleer over te gaan tot een eventuele commercialisering. De onderzoekers mikken al op nieuwe combinaties van deze molecules met andere geneesmiddelen om nog meer en langere remissies te verkrijgen en ? waarom niet ? zelfs definitieve genezingen. Maretakextracten zijn geen behandeling tegen kanker!Nieuws 24-01-07 Volgens de medische krant De Huisarts, bieden maar liefst 145 000 websites injecties op basis van maretakextracten aan als alternatieve behandeling tegen kanker! Gelukkig raadt het overgrote deel van de artsen, met inbegrip van artsen die belangstelling hebben voor de zogenaamde alternatieve geneeskunde, maretak aan als kerstversiering... en niet als behandeling tegen kanker! Bronnen: De Huisarts, 11-01-07 ; British Medical Journal, 2006, 333 :1293-1294 Commentaar van de Stichting tegen Kanker De zogenaamde parallelle, alternatieve of zachte geneesmiddelen kunnen behoorlijk wat problemen veroorzaken bij de behandeling tegen kanker. Hoewel we ons best kunnen inbeelden dat een zieke soms in de verleiding komt om er een beroep op te doen, is het toch nuttig om bepaalde feiten nog eens te herhalen.
- Om te beginnen hebben heel wat zogenaamde alternatieve praktijken als gemeenschappelijk punt dat er geen wetenschappelijk bewijs bestaat voor hun doeltreffendheid, in tegenstelling tot de klassieke behandelingen. Daarom mogen dergelijke behandelingen nooit gebeuren zonder medeweten van de behandelende oncoloog of zonder hem vooraf zijn mening te vragen. Het voorbeeld dat de krant ?De Huisarts? aanhaalt, illustreert perfect de ?business?, die zich op dat vlak vlak heeft ontwikkeld. Dat blijkt uit de informatie op tal van websites over de deugden van maretakextracten, van de parasiet die op bepaalde bomen groeit. Tijdens de Oudheid genoot maretak al een stevige reputatie als universeel geneesmiddel bij Grieken en Kelten. Later gebruikte de traditionele fytotherapie de plant om verhoogde bloeddruk te behandelen en aderverkalking tegen te gaan in verschillende streken van West-Europa. De traditionele Chinese geneeskunde gebruikt maretak om de pijn bij artritis te verlichten. Aan het begin van de twintigste eeuw opperen bepaalde wetenschappers de hypothese dat de plant gebruikt zou kunnen worden voor de behandeling van kanker. Sindsdien zijn er verschillende klinische onderzoeken gevoerd om het therapeutisch gebruik na te gaan van onderhuidse of intramusculaire toediening van verschillende bereidingen op basis van maretak. Hoewel de proeven interessante resultaten opleverden in laboratoria, is er tot op heden nog geen enkele wetenschappelijke validering geleverd voor toepassing bij mensen. Wel integendeel. Uit een recent onderzoek, gepubliceerd in het gerenommeerde British Medical Journal van december 2006, blijkt dat onderhuidse toediening van maretakextracten niet helpt bij de behandeling van kanker en dat het zelfs de wildgroei van bepaalde kankers in de hand zou kunnen werken. We pleiten dan ook om uiterst voorzichtig te zijn. Naast het risico dat dit soort behandeling vormt voor de gezondheid, opent het vaak perspectieven voor weinig scrupuleuze mensen, die er niet voor terugdeinzen om de ontreddering en wanhoop van de patiënten uit te buiten! Transgenetische kippen in staat om kankerwerende geneesmiddelen te producerenNieuws 19-01-07 Britse onderzoekers van het Roslin Institute (Schotland) zijn erin geslaagd om genetisch gewijzigde kippen te kweken waarvan de eieren proteïnen bevatten, die nodig zijn voor de aanmaak van kankerwerende geneesmiddelen. Bronnen: Vers l'Avenir, 16-01-07, Gazet Van Antwerpen, 16-01-07 Commentaar van de Stichting tegen Kanker Erfelijkheidsspecialisten van het Roslin Institute hebben twee stammen genetisch gewijzigde kippen gekweekt, die in staat zijn om een antiviraal middel (humaan interferon b-1a) en een kankerwerend middel (monoklonaal antilichaam miR24) aan te maken, gebruikt voor de behandeling van kwaadaardige melanomen (een bijzonder agressieve vorm van huidkanker). De onderzoekers gebruiken een virus om een gen in het erfelijk materiaal van de kip in te brengen. Dat gen is belast met het aanmaken van proteïnen met therapeutische waarde in het eiwit. Vervolgens halen ze die proteïnen eruit en zuiveren ze de proteïnen. Met deze techniek kunnen ze een veertigtal microgram geneesmiddel verkrijgen per milliliter eiwit. In vergelijking met andere technieken, die bijvoorbeeld bacteriën gebruiken, wordt dit echt competitief en interessant. Nu moet het team onderzoekers de aldus verkregen geneesmiddelen nog testen? wat nog ongeveer tien jaar zal duren. Nog even geduld dus! Als de tests echter positief uitvallen, zal men dus kunnen genieten van een technologie die in staat is om op grote schaal en tegen lage prijs geneesmiddelen voor de behandeling van kanker aan te maken. Aantal borstkankergevallen lager door minder hormonale substitutie?Nieuws 11-01-07 Volgens senator dr. Patrick Vankrunkelsven is het aantal gevallen van borstkanker in Vlaanderen gedaald en is dat vermoedelijk te danken aan het feit dat bij minder vrouwen hormonale substitutietherapie (vrouwelijk geslachtshormonen om de gevolgen van de menopauze tegen te gaan) wordt voorgeschreven. Niet iedereen gaat daar echter mee akkoord? Bronnen : Het Laatste Nieuws, 04-01-2007; Belga, 03-01-07; Het Belang van Limburg 04-01-0; De Standaard 04-01-07; Métro 03-01-07 Commentaar van de Stichting tegen Kanker Er werd reeds in de Verenigde Staten vastgesteld dat het aantal borstkankergevallen verminderd was met 40 % in 2004 en met 50 % in 2005 in vergelijking met 2001 bij vrouwen tussen 50 en 70 jaar. Er is een parallel met de sterke daling van het gebruik van hormonale substitutietherapie. Een gelijkaardige trend werd nu ook in Limburg waargenomen waar een daling met 15 % werd opgemerkt van het aantal gevallen van borstkanker bij vrouwen tussen 50 en 69 jaar in 2003 in vergelijking met 2002. Er dient allereerst opgemerkt dat deze gunstige tendens wel in Limburg werd geobserveerd maar bijvoorbeeld niet in Antwerpen en evenmin in Engeland. Bovendien mag uit het feit dat in dezelfde periode het aantal borstkankers daalde en ook de hormonale substitutie afnam niet automatisch worden besloten dat er tussen beide een oorzakelijk verband bestaat. Ook nam in de VS het aantal borstkankers af die niet met hormonen in verband staan (de zogenaamde hormoononafhankelijke borstkankers). Er dient dus zeker verder onderzoek te gebeuren alvorens definitieve conclusies mogelijk zijn. We mogen evenmin vergeten dat de meer doorgedreven screening (screeningsmammografie) een impact heeft op het aantal gediagnosticeerde gevallen van borstkanker. We kunnen op dit ogenblik besluiten dat het gebruik van hormonale substitutie niet zomaar dient verworpen te worden maar dat de voordelen bij elke individuele vrouw dienen afgewogen te worden tegenover de mogelijke nadelen en dat is een zaak voor de behandelende arts in samenspraak met de vrouw. Ontdekking van nieuw gen dat vatbaarheid voor kanker aantoontNieuws 10-01-07 Onderzoekers van de Vrije Universiteit Amsterdam (VUmc) hebben een nieuw gen ontdekt, FANCN genaamd, dat verschillende kankers bij kinderen en borstkanker bij volwassen vrouwen zou veroorzaken. Deze ontdekking is als primeur verschenen op de website van Nature Genetics op 31 december en zou in de loop van de maand januari in hun tijdschrift moeten verschijnen. Bronnen: Belga, 02-01-07 ; Het Laatste Nieuws Commentaar van de Stichting tegen Kanker De onderzoekers van de Nederlandse universiteit hebben aangetoond dat, wanneer een kind drager is van twee gewijzigde kopieën van dat gen, het vatbaar is om leukemie, hersenkanker of nierkanker te krijgen voor zijn vijfde verjaardag. Als iemand drager van 1 abnormale kopie van het FANCN gen (ook gekend onder de naam PALB2), maakt hij op volwassen leeftijd 2,4 keer meer kans om borstkanker te krijgen. Een team van Harvard (Verenigde Staten) had al ontdekt dat de wijziging van een ander gen (BRCA2) de ontwikkeling van bepaalde borstkankers bij volwassenen kan bevorderen. Om de ziekte echt te kunnen veroorzaken, leek het BRCA2 gen echter nog een eiwitpartner nodig te hebben. Dat zou wel eens het eiwit kunnen zijn aangemaakt door het gewijzigde FANCN gen. We kunnen ook een verband leggen tussen deze resultaten en het onderzoek van een Brits team, dat het PALB2 gen heeft bestudeerd bij 923 vrouwen met borstkanker en met een voorgeschiedenis in de familie, die verschilt van de gevallen te wijten aan vatbaarheidsgenen BRCA1 en BRCA2. Ze hebben vastgesteld dat tien van deze 923 patiëntes een gewijzigde versie van het PALB2 gen bezaten. Bij geen enkele van de 1084 gezonde vrouwen, geobserveerd ter vergelijking, was dat het geval. Deze ontdekkingen tonen aan dat de erfelijkheidsmechanismen, die aan de basis liggen van kankers, enorm complex zijn. Heel wat onderzoeksteams zijn daar mee bezig. Een beter zicht op deze mechanismen zou op termijn moeten zorgen voor een betere opsporing en een vroegtijdiger behandeling van risicopersonen of het uitwerken van nieuwe behandelingspistes. Nierkanker: de kankercellen nauwkeuriger situeren om ze selectief te vernietigenNieuws 04-01-07 Een team van onderzoekers onder leiding van professor Vincent Castronovo (ULg / Luik) heeft een methode ontwikkeld om antigenen te identificeren, die specifiek voorkomen aan de oppervlakte van kwaadaardige cellen bij nierkanker. Deze aanpak kan het pad effenen voor gerichtere behandelingen. Bronnen: Artsenkrant, 08-12-06 ; Mol. Cell Proteomics 2006, 5 : 2083-2091 Commentaar van de Stichting tegen Kanker Een veelbelovend spoor voor de behandeling van kankers is de nauwkeurige bepaling van waar kankercellen zich bevinden. Zo kunnen artsen cytotoxische geneesmiddelen afleveren in de onmiddellijke omgeving van het gezwel, door gebruik te maken van moleculen die specifiek deze tumormerkers herkennen. Op die manier blijven de naburige gezonde weefsels zoveel mogelijk gespaard. Die tumormerkers zijn enkel aan het oppervlak van de kankercellen aanwezig. Zodra ze geïdentificeerd en gesuiverd zijn, moeten er enkel nog andere stoffen worden aangemaakt, die in staat zijn zich specifiek aan deze merkers vast te hechten. Deze stoffen moeten vervolgens worden gekoppeld aan geneesmiddelen die de kankercellen doden. Ze fungeren dus een beetje als ?zoekkoppen?, die het geneesmiddel voeren tot de plaats waar het moet werken en beschermen zo de gezonde cellen. Het is deze aanpak, die de Luikse onderzoekers volgen. Ze hebben een vijftiental antigenen kunnen identificeren, die specifiek bij nierkanker voorkomen. De volgende etappe bestaat erin gerichte en doeltreffende kankerbehandelingen te ontwikkelen. Dit spoor zou veelbelovend kunnen zijn en vervolgens ook voor andere soorten gezwellen inzetbaar zijn. |
|
| Laatste update op ( 26-01-2009 ) |










