Onthaal > Publicaties > Nieuws voor u gelezen > 2008 Archief - Medisch nieuws

2008 Archief - Medisch nieuws

Afdrukken E-mail

-Minder borstkanker bij migrainepatiënten? Nieuws 08-12-08 
-Betere kennis van longkanker Nieuws 15-11-08 
-DCA: een mirakelproduct tegen kanker? Nieuws 14-11-08 
-KCE adviseert alternatieve behandeling prostaatkanker niet terug te betalen Nieuws 05-11-08 
-Eierstokkanker: een fel omstreden opsporingstest Nieuws 31-10-08 
-Vaccin tegen baarmoederhalskanker: terugbetaling uitgebreid tot 16-18 jaar! Nieuws 15-10-08 
-Kankerremmend middel bij uitgezaaide darmkanker terugbetaald Nieuws 08-10-08 
-Niet elke soort hormonale substitutietherapie risicovol voor borstkanker Nieuws 24-09-08 
-Nieuws rond neuroblastoom! Nieuws 13-09-08 
-Minder EPO-gebruik bij kankerpatiënten Nieuws 10-09-08 
-Radioactieve sigaretten? Nieuws 04-09-08 
-Kankerverwekkende stof in frieten? Nieuws 01-09-08 
-Kanker te wijten aan schimmel? Nieuws 26-08-08 
-Borstkanker: welk risico op herval 5 jaar na de behandeling? Nieuws 21-08-08 
-Mediterrane voeding vermindert kankerrisico Nieuws 05-08-08 
-Nieuwe pil tegen prostaatkanker Nieuws 29-7-08 
-Vaccin tegen kanker uit planten? Nieuws 23-07-08 
-Beperk het aantal scanneronderzoeken Nieuws 16-07-08 
-Een doeltreffende behandeling tegen kanker bij muizen zal worden getest bij mensen Nieuws 07-07-08 
-Bemoedigende resultaten voor de behandeling van melanoom! Nieuws 27-06-08 
-Verhoogt vitamine D-gebrek risico op sterfte door borstkanker? Nieuws 30-05-08 
-Longkanker: een vaccin tegen herval? Nieuws 28-05-08 
-Nieuwe onderzoekspiste om de ontwikkeling van uitzaaiingen tegen te gaan Nieuws 21-05-08 
-Vermindert verblijf in een crèche het risico op leukemie? Nieuws 19-05-08 
-Falen van sommige vormen van chemotherapie te wijten aan de aanwezigheid van stamcellen van borstkankerNieuws 17-05-08 
-Ontdekking van erfelijke vatbaarheid voor longkanker Nieuws 17-04-08 
-Leverkanker: een combinatie van verschillende behandelingen in onderzoek Nieuws 16-04-08 
-Kapper: beroep met kankerrisico? News 02-04-08 
-Een gen betrokken bij agressieve vormen van borstkanker News19-03-08 
-Niet enkel baarmoederhalskanker door HPV News 10-03-08 
-Wanneer de kankercellen weerstand bieden … News 14-02-08 
-Op naar een Kankerplan! News 02-02-08 
-Melanoom: identificatie van stamcellen binnen de gezwellen News18-01-08 
-Prostaatkanker: verbetering van de opsporing in zicht? News 12-01-08 
-Nationale aanbevelingen voor de behandeling van dikkedarmkanker News 08-01-08 

 

 

 


Nieuws rond neuroblastoom!


Nieuws 13-09-08

Een internationaal onderzoeksteam, met ook wetenschappers van de universiteit van Gent, heeft een afwijking ontdekt in een gen dat neuroblastoom veroorzaakt, een vorm van kinderkanker. Deze ontdekking biedt vast perspectieven voor nieuwe behandelingen.

Bronnen: Belga, 28-08-09 ; De Morgen, 29-08-08 ; La Libre Belgique, 29-08-09 ; Gazet van Antwerpen, 30-08-09 ; De Standaard, 29-08-08 ; Le Soir, 29-08-08 ; Het Laatste Nieuws, 29-08-08

Commentaar van de Stichting tegen Kanker

Het onderzoek stond onder leiding van professor John Maris van het kinderziekenhuis in Philadelphia (VS) en gebeurde in samenwerking met verschillende teams van wetenschappers, waaronder dat van professor Frank Speleman (Universiteit Gent). Dat team geniet financiële steun van de Stichting tegen Kanker.

Neuroblastoom is niet echt gekend bij het publiek. Het is een kankergezwel dat meestal wordt vastgesteld bij heel jonge kinderen. Het is tegelijk een zeldzame aandoening (een geval op 100 000 kinderen per jaar) en het vaakst voorkomende gezwel gelokaliseerd buiten de schedel bij kinderen jonger dan 5 jaar. Neuroblastoom is verantwoordelijk voor 15 % van de overlijdens ten gevolge van kanker bij kinderen. Dit gezwel kan zich ontwikkelen vanuit verschillende delen van het perifere zenuwstelsel vooraleer daarna snel de botten, het beenmerg, de lever of de huid aan te tasten. Genezing is mogelijk als de behandeling (chirurgie, al dan niet in combinatie met chemotherapie) gebeurt wanneer het gezwel nog plaatselijk is. Dat is vaak het geval bij kinderen jonger dan een jaar. Zodra ze ouder zijn, stellen specialisten vast dat ongeveer 60 % van de kinderen met een neuroblastoom uitzaaiingen heeft.

Tot voor kort bestond er onduidelijkheid over de oorsprong van dit gezwel. De ontdekking van een afwijking (mutatie) in een gen dat betrokken is bij zijn ontwikkelingen biedt nieuwe perspectieven. Dit gen, ALK genoemd (voor Anaplastic Lymphoma Kinase) handelt als een antenne aan het oppervlak van de kankercel. Deze antenne vangt signalen op van celgroei. Wanneer deze antenne een afwijking vertoont, veroorzaakt dat de uitbarsting van een ongecontroleerde celwildgroei.

Nu de mutatie van het gen geïdentificeerd is, gaan de onderzoekers op zoek naar een middel om de werking van dit gen te controleren. Op termijn zou dat werk moeten leiden tot de ontwikkeling van nieuwe geneesmiddelen, waarmee deze ziekte beter behandelbaar wordt. Ook tests voor een niet-agressieve opvolging van kinderen die tot risicogroepen behoren (erfelijke vorm van de ziekte) behoren tot de mogelijkheden.

 


Minder EPO-gebruik bij kankerpatiënten

Nieuws 10-09-08

Het gebruik van EPO (erythropoëtine) is de laatste tijd in veel centra voor kankerbehandeling met ongeveer 30 gedaald. Dit middel dat relatief veel werd gebruikt tegen bloedarmoede bij kankerpatiënten blijkt immers in hoge doses trombosen (bloedklontervorming in een bloedvat), hogere sterfterisico’s en toename van sommige gezwellen te kunnen veroorzaken.
 
Bron: Het Belang van Limburg, 30-08-09

Commentaar van de Stichting tegen Kanker

Naar aanleiding van een Europees onderzoek wordt nu aangeraden bij kankerpatiënten met een lange levensverwachting in geval van bloedarmoede geen EPO meer te geven maar bloedtransfusies.

Voor nierpatiënten met bloedarmoede is er geen risico omdat bij hen doses EPO worden gebruikt die een derde tot een tiende lager zijn. Toch kan EPO ook nog bij kankerpatiënten nuttig zijn als zij in een vergevorderd ziektestadium verkeren omdat dit middel de levenskwaliteit sterk kan verbeteren.

 


Kankerverwekkende stof in frieten?   

Nieuws 04-09-08

Sigarettenfabrikanten zijn al sinds de jaren zestig op de hoogte dat tabak voor consumentengebruik Polonium 210 bevat, een gevaarlijke radioactieve stof. In plaats van de rokers te waarschuwen, stopten ze liever hun onderzoeksresultaten in de doofpot zodat het publiek nooit zou weten dat sigaretten dat product bevatten.

Bron: Le Soir, 26-08-08

Commentaar van de Stichting tegen Kanker

Tabaksbladeren, sigaretten en tabaksrook bevatten een radioactieve stof, Polonium 210. De fabrikanten weten dat al 40 jaar, maar ze hebben de bevolking nooit verwittigd. Dat onthult een Amerikaans onderzoeksteam in een artikel dat verscheen in het septembernummer van het American Journal of Public Health.

Het onderzoek stond onder leiding van Monique Muggli, onderzoekster verbonden aan de Mayo Clinic in Rochester, en liep over meer dan 1 500 interne documenten van tabaksreuzen als Philip Morris, RJ Reynolds en British American Tobacco.

Polonium 210 is het eerste radioactieve element dat Pierre en Marie Curie in 1898 ontdekten. Deze stralingsbron bevindt zich op de tabaksbladeren en is daar terecht gekomen via fosfaatrijke meststoffen, die worden gebruikt bij de tabaksteelt. Polonium 210 ligt aan de oorsprong van longkankers door inhalering. Ter herinnering : Polonium 210 werd in 2006 gebruikt om de ex-agent van de KGB, Alexander Litvinenko, uit de weg te ruimen in Londen.

De bedrijven hebben geprobeerd om het radioactieve gehalte van hun producten terug te dringen. Zo heeft Philip Morris geprobeerd om de tabaksbladeren te wassen met een solvent… tevergeefs. RJ Reynolds heeft geëxperimenteerd met een speciale filter vooraleer er ook mee te stoppen. Philip Morris heeft ten slotte een labo opgericht, gespecialiseerd in het onderzoeken van stralingen te wijten aan Polonium 210. Uit schrik dat dit het bedrijf zou schaden in het kader van de anti-tabakprocessen is het echter gesloten !

De wetenschappers vragen dus dat op sigarettenverpakkingen een informatieve boodschap komt over de gevaren van radioactieve blootstelling bij sigaretten.

Een sigaret bevat meer dan 4 000 giftige stoffen, waarvan heel wat kankerverwekkende. De aanwezigheid van Polonium is nog maar eens een bewijs van hoe gevaarlijk dit courante product wel is. 


Kankerverwekkende stof in frieten?   

Nieuws 01-09-08

Duitse onderzoekers konden voor het eerst de aanwezigheid van het kankerverwekkende glycidamide aantonen in frieten en chips. Enkele jaren geleden ontstond al beroering over een analoog prodcut, acrylamide, in aardappelproducten. Glycidamide zou schadelijker zijn voor de gezondheid dan acrylamide, maar komt wel in veel kleinere hoeveelheden voor.

Bronnen: Belga, 18-08-09; Grenz-Echo, 19-08-09;Tageblatt, 19-08-09;La Capitale, 19-08-09 ; Vers l’Avenir, 19-08-09 ; Het Laatste Nieuws, 19-08-09

Commentaar van de Stichting tegen Kanker

Meteen na dit persbericht verschenen artikels die de boodschap relativeren, en terecht. Glycidamide is immers een gekende molecule, alleen werd tot nu toe gedacht dat het pas in het lichaam werd gevormd, als afbraakproduct van acrylamide in de voeding. Nu werd aangetoond dat het al in de voeding aanwezig is, maar de uiteindelijke concentratie in het menselijk lichaam blijft dezelfde en is gekend. De concentraties liggen zo laag, dat ze niet tot ongerustheid hoeven te leiden. Dit bevestigen ook de Duitse onderzoekers.

Bovendien heeft de aardappelindustrie de voorbije jaren inspanningen gedaan om het acrylamidegehalte, en zo onrechtstreeks ook het glycidamidegehalte, te verlagen. Zo werd ondermeer de baktemperatuur van voorgebakken en kant-en-klare aardappelproducten aangepast, worden aardappelvariëteiten met lage concentraties gekozen, en de bewaartemperatuur aangepast.
Acrylamide vormt zich wanneer voedsel dat zetmeel of suikers bevat, zoals aardappelen, wordt bereid. Dat geldt echter enkel voor de volgende bereidingswijzen: oven, grill, braden en frituren. Dat verklaart waarom deegwaren, rijst of aardappelpuree maar weinig acrylamide bevatten.

In april 2002 luidde een Zweeds rapport al de alarmbel. Het vestigde de aandacht op de aanwezigheid van grote hoeveelheden acrylamide in verschillende courante voedingsproducten, vooral chips, frieten en andere aardappelproducten.
Nadien publiceerde het British Journal of Cancer de resultaten van een nieuw onderzoek waarbij de blootstelling aan acrylamide vergeleken werd bij gezonde mensen en mensen met kanker. Het onderzoek toonde geen verhoging van het kankerrisico. Ook andere studies bevestigden ondertussen deze resultaten.

De aanbeveling voor een gezonde voeding met een beperkt verbruik van vetten en gefrituurde voeding blijft geldig. Consumeer dus maximum 1x/week gefrituurde producten en bak aardappelbereidingen niet te bruin.

 


Kanker te wijten aan schimmel?    

Nieuws 26-08-08

Al verschillende maanden circuleert op het internet een bericht dat kanker te wijten zou zijn aan een schimmelinfectie die “probeert om zich zonder ophouden in het hele lichaam te verspreiden”. De bewering komt uit een boek van de Italiaanse arts dr. Tulio Simoncini en zaait verwarring bij heel wat kankerpatiënten.

Bron: website  http://www.cancerfungus.com/

Commentaar van de Stichting tegen Kanker

Het internet kan een kostbare informatiebron zijn... maar er staan ook veel onwaarheden op. De informatie verspreid via de bovenvermelde site is daar een mooi voorbeeld van!

De schimmel die dr. Simoncini vermeldt, Candida albicans, is een heel vaak voorkomend pathogeen (ziekteverwekkend) micro-organisme. Het kan de bron zijn van de zogenaamde candidose infectie, die meestal de huid, de mond en de vagina aantast. Het is ook een vaak voorkomende oorzaak van luieruitslag bij zuigelingen. Hoewel ze vervelend zijn, zijn ze zeker niet levensbedreigend voor wie besmet is.

Deze candidose kan echter zwaar zijn bij patiënten met een gebrekkig afweersysteem. Dat is onder meer het geval bij kankerpatiënten die een behandeling krijgen met bepaalde vormen van chemotherapie. Die infecties worden dan onmiddellijk behandeld om verspreiding in het lichaam te vermijden.

Maar kan een schimmel aan de basis liggen van een kankerproces? Ja, onrechtstreeks en in enkele welbepaalde omstandigheden... die niet opgaan voor Candida albicans! Microscopische schimmels van de kwastschimmelfamilie kunnen zich ontwikkelen op voedingswaren die in vochtige omstandigheden en bij hoge omgevingstemperaturen worden bewaard (tropische landen in Afrika, Zuid-Oost-Azië en Zuid-Amerika). Deze micro-organismen kunnen dan een toxine (mycotoxine) afscheiden dat de voedingswaren besmet en kan aan de oorsprong liggen van verschillende problemen en zelfs van leverkanker. Sinds het invoeren van controles en beter aangepaste stockagetechnieken in de producerende landen begint het aantal leverkankers gelukkig te dalen in die landen.
 
Hoewel het risico op voedselbesmetting door mycotoxines tegenwoordig relatief laag ligt in onze streken (dankzij de gezondheidscontroles), moeten we erover waken om bepaalde voedingsmiddelen in de juiste omstandigheden te bewaren. Tijdens warme en vochtige zomers kan de opslag van granen, noten en kruiden de bron zijn van besmetting door microscopische schimmels.

De behandeling tegen kanker die dr. Simoncini voorstelt, namelijk natriumbicarbonaat, zou ons doen lachen... als het hier niet ging om zwaar zieke patiënten. Opgelet voor deze “mirakelmethodes” op het internet. Er bestaat geen bewijs voor hun doeltreffendheid, en ze kunnen ook nog eens bijzonder gevaarlijk zijn!

Een verwittigd man/vrouw is er twee waard...


Borstkanker: welk risico op herval 5 jaar na de behandeling?    

Nieuws 21-08-08

Volgens een onderzoek van een team wetenschappers, verbonden aan het Anderson Cancer Institute van de Universiteit van Texas, dat verscheen in het Journal of the National Cancer Institute, is het risico op herval bij borstkanker na 5 jaar nog altijd mogelijk.

Bronnen: Belga, 13-08-08, Le Soir, 14-08-08 ; La Dernière Heure, 14-08-08

Commentaar van de Stichting tegen Kanker

Het risico op laattijdig herval bij borstkanker, meer dan vijf jaar na de behandeling, is klein, maar niet onbestaand. Dat was al langer geweten en is nu bevestigd door een onderzoek uit de Verenigde Staten. Het onderzoek liep tussen 1985 en 2001 bij 2 838 vrouwen met borstkanker. Vijf jaar na de oorspronkelijke behandeling vertoonde 89 % van de vrouwen geen tekenen van herval en was 80 % nog altijd in remissie na tien jaar.

Er zijn ook preciezere cijfers: het herval na 5 jaar ligt op 7 % voor vrouwen met een gezwel in stadium 1 (het minst gevorderde stadium) en op 11 en 13 % respectievelijk voor borstkankers in stadium 2 en 3.

Ondanks de grote medische vooruitgang die de voorbije decennia is geboekt, toont het onderzoek aan dat patiëntes met kanker in de eerste stadia van de ziekte, en die na vijf jaar nog geen tekenen van herval vertonen, toch niet volledig zeker zijn.

Een hele reeks prognosefactoren laten toe om het risico op herval te schatten. De meest “klassieke” zijn de grootte van het gezwel en de aantasting van de klieren. Op dat vlak loopt er momenteel nog onderzoek verder dankzij de realisatie van identiteitskaarten van gezwellen.

Bovendien zorgen bepaalde behandelingen voor een sterke daling van het risico op herval, zoals bijvoorbeeld de hormoontherapie bij vrouwen in de menopauze bij wie het gezwel gevoelig is voor hormonen. De situatie is echter nog complexer bij vrouwen, die niet in de menopauze zitten. Dat zet de onderzoeksteams ertoe aan om nieuwe behandelingsstrategieën voor deze patiëntes te ontwikkelen. Klinische onderzoeken gebaseerd op de verschillende vormen van chemotherapie lopen daarom voort.


Mediterrane voeding vermindert kankerrisico

Nieuws 05-08-08

Het is al langer bekend dat de typisch Mediterrane voeding de opvallend lage frequentie van hart- en vaatziekten verklaart in de landen rond de Middellandse Zee. In het kader van de EPIC-studie, een uitgebreide Europese studie naar het verband tussen voeding en kanker, werd recent aangetoond dat een mediterraan voedingspatroon ook het algemene kankerriscio kan helpen verminderen. Het onderzoek vond plaats in Griekenland bij meer dan 25 000 inwoners.

Bron:  British Journal of Cancer, juli 2008.

Commentaar van de Stichting tegen Kanker

De voedingsstoffen die een beschermend effect zouden bieden tegen de bekende welvaartsziekten, waaronder kanker, zijn inderdaad in ruime mate vertegenwoordigd in het mediterrane dieet. Zo bieden fruit, groenten en volle granen een brede waaier aan antioxidantia en het zijn net oxidatieprocessen die het risico op kanker doen toenemen. Ook vezels in volle granen, peulvruchten, groenten en fruit helpen vermoedelijk beschermen tegen kanker. Verzadigde vetten zijn opvallend weinig aanwezig door de lage inname van vet vlees en volle zuivelproducten en de hoge consumptie van vis en plantaardige vetten, zoals olijfolie. Al deze aspecten van het mediterrane dieet werken niet alleen preventief  tegen kanker, maar ook tegen hart- en vaatziekten.

Wat de wijnconsumptie betreft: het is vooral rode wijn die een beschermend effect blijkt te hebben. Dat komt door de aanwezigheid van ondermeer fenolverbindingen, die eveneens als antioxidantia werken. Het schadelijke effect van alcohol mag evenwel niet uit het oog verloren worden. Daarom wordt een maximum van twee glazen per dag aanbevolen voor mannen, en één voor vrouwen.

Samenvattend kan gezegd worden dat het mediterrane dieet in grote lijnen de richtlijnen voor een gezonde voeding weerspiegelt, die ook in West-Europese landen worden voorgesteld. Alleen staat hier de praktijk nog een stuk verder af van de theorie...

Klik hier om meer te lezen over voeding en kanker : http://www.cancer.be/index.cfm


 

Nieuwe pil tegen prostaatkanker

News 29-7-08

Britse onderzoekers spreken van een ?wonderpil? (abiraterone) voor de behandeling van prostaatkanker. Bij 80 % van de zieken stelde men vast dat het gezwel kleiner werd en de pijn verminderde. De pil zou zelfs gebruikt kunnen worden voor vergevorderde agressieve vormen van prostaatkanker die niet reageren op klassieke chemotherapie.


Bronnen: De Standaard, 24-07-08; Het Belang van Limburg, 24-07-08; De Morgen, 23-07-08, Het Laatste Nieuws, 23-07-08; Gazet van Antwerpen, 23-07-08; Het Nieuwsblad, 23-07-08

Commentaar van de Stichting tegen Kanker

Abiraterone lijkt inderdaad een grote vooruitgang te kunnen betekenen in de behandeling van prostaatkanker, die de meest voorkomende vorm van kanker is bij mannen in België. De pil wordt langs de mond ingenomen. Hij remt de afscheiding van testosteron af, zowel in de teelballen als in het gezwel zelf.
Bij de 171 zieken die hiermee werden behandeld, verbeterde de levenskwaliteit. Verdere studies moeten echter nog aantonen of het medicijn ook de levensduur zal verlengen. Wereldwijd loopt op dit moment een onderzoek bij 1 200 patiënten. 

De gegevens waarover we nu beschikken zijn in ieder geval hoopgevend. Als ze bevestigd worden, mogen we verwachten dat dit middel binnen een drietaljaren courant gebruikt zal worden.


Vaccin tegen kanker uit planten?

Nieuws 23-07-08

Amerikaanse onderzoekers hebben een vaccin ontwikkeld uit planten, dat in staat is om een immuniteitsreactie uit te lokken bij bepaalde kankers.
Bronnen: Proceedings of the National Academy of Sciences, online 21-07-08 ; lesoir.be, 22-07-08 ; rtbf.be, 21-07-08

Commentaar van de Stichting tegen Kanker

Het team van professor Ronald Levy van Stanford University (USA) heeft de eerste resultaten gepubliceerd van een klinisch onderzoek (fase I) naar een vaccin tegen een vorm van lymfoom. Het vaccin is gemaakt op basis van tabaksplanten.

Het soort van kanker waartegen het gericht is, het type B folliculair lymfoom, kenmerkt zich door de abnormale wildgroei van cellen, die aan hun oppervlak een specifiek antigen dragen. Dat kan geïsoleerd worden en in grote hoeveelheden gereproduceerd worden in laboratoria samen met menselijke cellen, die ? zodra ze geïnjecteerd zijn bij de patiënt ? een immuniteitsreactie zouden moeten uitlokken die kankercellen vernietigt.

Dergelijke klinische proeven zijn in heel wat laboratoria aan de gang. Ze zijn echter enorm duur, vergen heel wat tijd om uitgewerkt te worden en leiden tot nu toe maar tot middelmatige resultaten. Toch gaat dat soort onderzoeken door. De Stichting tegen Kanker financiert trouwens een aantal van die onderzoeken.

Het idee van professor Levy bestaat erin het gen te isoleren, dat instaat voor de aanmaak van het antilichaam dat aanwezig is aan het oppervlak van kankercellen en het in te brengen in een virus dat in staat is om bepaalde planten, in dit geval tabaksplanten, te ?besmetten?. Zodra het virus in de plant is ingebracht, gaat die het antilichaam in grote hoeveelheden aanmaken. Het ?volstaat? dan om de bladeren te oogsten en het antilichaam te purifiëren. Volgens professor Levy zou dit een snelle en goedkope manier zijn om de stof te produceren: ?Mensencellen kweken om eiwitten aan te maken is heel duur en het proces is lang en ingewikkeld. Planten kweken is veel eenvoudiger... en we weten hoe we tabaksplanten moeten doen groeien?, voegt hij er nog aan toe!

Tijdens een klinische proef van fase I hebben de onderzoekers dit experimentele vaccin getest bij 16 patiënten met een type B folliculair lymfoom in een gevorderd stadium. Geen enkele patiënt ondervond bijwerkingen en meer dan 70 % onder hen ontwikkelde een immuniteitsreactie.

Hoewel we nog niet weten of deze immuniteitsreactie voldoende zal zijn om de kankercellen volledig te vernietigen, is dit zeker een interessante onderzoekspiste. Gedetailleerde analyses zijn zeker op hun plaats. De volgende stap, een klinisch onderzoek van fase II, is alvast voorzien en zal worden uitgevoerd bij een groter aantal patiënten met dit lymfoom.

Uiteraard wacht iedereen vol ongeduld op de resultaten. Toch moeten we verwittigen dat het hier nog maar gaat over voorlopige gegevens over een experimenteel vaccin voor een enkele vorm van kanker.


Beperk het aantal scanneronderzoeken      

Nieuws 16-07-08

Een onderzoek van dr. Tom Mulkens aan de universiteit van Antwerpen wijst op de noodzaak om het aantal scanneronderzoeken tijdens een mensenleven te beperken. De scanner wordt steeds vaker gebruikt, maar het is wel nodig om rekening te houden met de straling en de risico’s die daaruit voortvloeien.

Bronnen: La Capitale, 05-08-08 ; La Dernière Heure, 05-07-08

Commentaar van de Stichting tegen Kanker

De vooruitgang op het vlak van medische beeldvorming redt elke dag opnieuw mensenlevens: ziektes, die vroeger onopgemerkt zouden blijven of te laat aan het licht zouden komen, worden nu ontdekt. Deze nieuwe technieken hebben echter ook hun nadelen, zoals bijvoorbeeld de opeenstapeling van stralen waaraan we bij sommige staan blootgesteld.

Bij een scan ondergaan mensen 5 tot 20 millisievert (millisievert of MSv is de eenheid gebruikt om de biologische effecten van de straling te meten). “De Verenigde Naties leggen de limiet op 100 tot 200 millisievert tijdens een mensenleven”, legt Tom Mulkens uit. Dat komt overeen met een twintigtal scans of een duizendtal radiografieën (10 tot 20 keer minder straling).

We beschikken momenteel nog niet over specifieke onderzoeken over de eventuele schadelijke gevolgen van de stralingen bij scanners. Het merendeel van de beschikbare gegevens hebben we van de mensen die stonden blootgesteld aan de straling van de twee atoombonnen tijdens de tweede wereldoorlog of die werken in nucleaire fabrieken. Daaruit blijkt dat het risico stijgt van 20 MSv. Dat is de dosis van twee tot vier scanners.

Het is duidelijk dat het risico op kanker, te wijten aan de straling die vrijkomt bij een scanner, heel klein is. Dat beperkte risico wordt echter vermenigvuldigd met het grote aantal scans die we ondergaan.

Het verdient dus aanbeveling om:
- De doses per onderzoek te beperken. Dat is vooral mogelijk met scanners van de laatste generatie.
- De scanner waar mogelijk te vervangen door andere onderzoeken waar geen stralen aan te pas komen (MRI-NMR of magnetische resonantiescanof echografie).
- Zich te beperken tot de echt onmisbare onderzoeken.


Een doeltreffende behandeling tegen kanker bij muizen zal worden getest bij mensen

Nieuws 07-07-08

De FDA, het Amerikaanse agentschap bevoegd voor voedingswaren en geneesmiddelen, heeft het licht op groen gezet voor een experimentele behandeling. Die zorgt voor spectaculaire resultaten bij muizen en zal nu worden getest bij mensen.

Een twintigtal kankerpatiënten zal deelnemen aan dit experiment. Ze krijgen een soort therapeutisch vaccin, onder de vorm van afweersysteemcellen van een gezonde donor.

Dit onderzoek wordt geleid door het team van dr. Cui Zheng van Wake Forest University Baptist Medical centre, in de staat Noord-Carolina.

Bronnen: La Libre Belgique, 30-06-08 ; Métro, 30-06-08

Commentaar van de Stichting tegen Kanker

Deze experimentele behandeling draagt de naam ?Leukocyte Infusion Therapy? en bestaat uit het toedienen van een reeks witte bloedlichaampjes (granulocyten) van gezonde donoren bij patiënten met borstkanker of prostaatkanker.

Granulocyten vertegenwoordigen ongeveer 60 % van de witte bloedlichaampjes bij een gezond persoon. Ze kunnen specifiek worden weggenomen bij vrijwillige donoren met behulp van een techniek die aferese noemt. Die laat toe om enkel de gezochte cellen te verwijderen en andere cellen in het bloed van de donor te injecteren.

De granulocyten werken in op gezwellen. Ze zijn dus in staat om kankercellen te herkennen en aan te vallen. Deze witte bloedlichaampjes werden verwijderd bij vrijwillige gezonde donoren om vervolgens geïnjecteerd te worden bij 22 kankerpatiënten, die niet (meer) reageren op conventionele behandelingen.

Doelstelling van dit klinisch onderzoek (van fase II) is om te bepalen hoe de zieken gaan reageren op deze transfusie van granulocyten en of de granulocyten even doeltreffend gaan inwerken op het gezwel als dat het geval was bij de proefdieren in de labo's.

Dergelijke proeven zijn al met een zeker succes uitgevoerd bij mensen met leukemie, maar er is nog niet mee geëxperimenteerd bij andere kankers.

Als de resultaten positief uitvallen (tegen het einde van het jaar zouden we meer moeten weten), zullen de onderzoekers de studie uitbreiden naar een groter aantal patiënten en zullen ze de doeltreffendheid bij verschillende vormen van kanker analyseren. De weg naar een eventuele nieuwe standaardbehandeling is dus nog lang.


 

Bemoedigende resultaten voor de behandeling van melanoom!

Nieuws 27-06-08

Amerikaanse onderzoekers zijn erin geslaagd om een patiënt met een melanoom in een vergevorderd stadium doeltreffend te behandelen. Ze hebben bepaalde cellen van het afweersysteem van de zieke weggehaald en hebben ze in grote getale laten vermenigvuldigen in een labo alvorens ze opnieuw bij de patiënt te injecteren. Na twee jaar is de patiënt nog altijd in remissie en vertoont hij geen enkel teken van de ziekte meer.

Bronnen: New England Journal of Medicine, 19-06-08; La Libre Belgique, 20-06-08; Gazet van Antwerpen, 20 & 21-06-08; Het Nieuwsblad, 20-06-08; Het laatste Nieuws, 20-06-08; Het Belang van Limburg, 20-06-08; Het Wall Street Journal, 20-06-08

Commentaar van de Stichting tegen Kanker

Melanoom is een bijzonder agressieve vorm van huidkanker. Als die in een vroegtijdig stadium aan het licht komt, zijn de kansen op genezing uitstekend. Wanneer er echter ook uitzaaiingen zijn, moeten we een stuk voorzichtiger zijn met de prognose.

Er gebeurt heel veel onderzoek in dit domein.

Het team van professor Lee (Fred Hutchinson Cancer Research Center, Seattle, Verenigde Staten) werkt al jaren aan het ontwikkelen van een behandeling, gebaseerd op de stimulering van het afweersysteem bij patiënten met een melanoom in een gevorderd stadium. Daarom nemen onderzoekers T-lymfocytcellen weg bij de patiënt. Die cellen kunnen vreemde of abnormale cellen herkennen en vernietigen. Ze selecteren vervolgens de T-lymfocyten, die in staat zijn om specifiek de kankercellen van het melanoom te herkennen. Die cellen dragen welbepaalde antigenen aan hun oppervlak. Vervolgens laten ze deze ?celklonen? vermenigvuldigen in het labo en injecteren ze deze opnieuw bij de patiënt.

Het onderzoek gepubliceerd in het New England Journal of Medicine toont aan dat er, voor het eerst, een totale respons van lange duur is behaald. Twee jaar na de behandeling vertoont de patiënt inderdaad geen enkel teken van de ziekte meer.

Deze resultaten zijn uiteraard heel bemoedigend, maar we mogen geen valse hoop wekken bij patiënten met een melanoom. De gepubliceerde gegevens handelen slechts over een enkel geval en het is nog veel te vroeg om hier definitieve conclusies uit te trekken. Onderzoek bij een groter aantal patiënten is dan ook nodig.

Bovendien mogen we niet uit het oog verliezen dat het hier gaat om een behandeling ?à la carte?. Dat is complex en duur. Bij bevestiging van deze resultaten zullen de onderzoekers zich dan ook moeten buigen over het ontwikkelen van een eenvoudiger procedure, zodat ze toegankelijk wordt voor zoveel mogelijk mensen.

In verschillende laboratoria worden er momenteel trouwens nog andere behandelingen getest voor een doeltreffender behandeling van melanoom. Verschillende Belgische onderzoeksteams zijn daarmee bezig. Ze krijgen daarvoor financiële steun van de Stichting tegen Kanker.


 

Verhoogt vitamine D-gebrek risico op sterfte door borstkanker?

Nieuws 30-05-08

Volgens Canadese onderzoekers zouden vrouwen met borstkanker die een tekort aan vitamine D hebben 73% meer risico lopen om te overlijden aan hun kanker. Hun risico op uitzaaiingen zou 94  hoger liggen. Bij 37,5% van de vrouwen met borstkanker werd in deze studie een gebrek aan vitamine D in het bloed vastgesteld. Bij 38,5% was het bloedgehalte van deze vitamine onvoldoende. 

Bronnen: Belga, 16-05-08 blz. 114; La Dernière Heure, 17-05-08 blz. 6; Vers l'Avenir, 17-05-08 blz. 16

Commentaar Stichting tegen Kanker

Er bestaan al langer aanwijzingen uit bevolkingsstudies dat een tekort aan vitamine D het risico op bepaalde kankers zoals kanker van de dikke darm, prostaat en borst zou doen toenemen. Dit Canadese onderzoek legt nu een verband tussen een hoger risico op uitzaaiingen en sterfte bij vrouwen met borstkanker die te weinig vitamine D in hun bloed hebben.

Het is echter nodig die resultaten te bevestigen in andere, bij voorkeur klinische, studies. We kunnen inderdaad op basis van deze studie nog niet met zekerheid stellen dat er een oorzakelijk verband bestaat tussen een tekort aan vitamine D en de ongunstiger evolutie van borstkanker. Bovendien was het aantal vrouwen in deze studie ook beperkt tot 512.

Een tekort aan vitamine D is niet zeldzaam. Het komt vooral voor bij oudere mensen, mensen die weinig buiten komen (blootstelling aan zonlicht helpt ons lichaam vitamine D aan te maken) en mensen met een donkere huid.

Vitamine D speelt echter een rol bij de preventie van hart- en vaatziekten en botontkalking. Het is echter een vetoplosbare vitamine zodat bij langdurig of overmatig gebruik opstapeling in het lichaam kan voorkomen en de leverfunctie kan verminderen. Daarom is een regelmatig gebruik van voedingsmiddelen die rijk zijn aan vitamine D (zuivelproducten, graanproducten) en matige zonblootstelling (niet teveel omwille van het risico op huidkanker!) wel aan te raden. Het op eigen houtje innemen van supplementen met vitamine D is echter af te raden: doe dit enkel na advies van de arts en onder zijn toezicht.



Longkanker: een vaccin tegen herval?

Nieuws 28-05-08

Een Belgisch onderzoek, uitgevoerd door de KU Leuven bij patiënten met niet-kleincellige longkanker, toont aan dat een vaccinatie op basis van  het MAGE A3 antigen het risico op herval bij geopereerde mensen zou terugdringen. Deze vaccinatie zou even doeltreffend zijn als een chemotherapie? zonder de neveneffecten ervan.

Bronnen: Belga, 19-05-08 ; La Libre Belgique, 20-05-08

Commentaar van de Stichting tegen Kanker

Het team van professor Johan Vansteenkiste (departement Pneumologie van de Katholieke Universiteit Leuven) heeft een klinisch onderzoek (fase II) uitgevoerd bij 182 patiënten met niet-kleincellige longkanker. Ze hebben de patiënten gedurende gemiddeld 28 maanden gevolgd. Die vorm van longkanker is trouwens de vaakst voorkomende (80 % van de gevallen).

Om het risico op herval te vermijden krijgen de patiënten meestal chemotherapie toegediend, met alle mogelijke neveneffecten vandien.

35 tot 50 % van de getroffen mensen heeft aan de oppervlakte van hun kankercellen een specifiek antigen (MAGE-A3). Dat is niet aanwezig in de gezonde cellen. De onderzoekers hebben dan ook een vaccin ontwikkeld (in medische vaktermen spreekt men over antikanker immuuntherapie) dat vooral op dat antigen is gericht. Ze hebben het toegediend bij patiënten die aan niet-kleincellige longkanker waren geopereerd. Het hervalcijfer daalde daardoor met 27 %.

Deze resultaten zijn des te veelbelovender nu er een onderzoek van fase III zal gebeuren bij meer dan 2 200 patiënten. Bij het onderzoek zullen niet minder dan 59 teams van klinische onderzoekers uit 14 landen betrokken zijn.

Het is ook interessant om vast te stellen dat dit MAGE-A3 antigen niet enkel aanwezig is in longkankers. Het is ook aanwezig in kankercellen bij blaaskanker, bij hoofd- en nekkanker en bij melanomen. Als het klinische onderzoek van fase III de eerste resultaten bevestigt, zou dit onderzoek nieuwe behandelingsperspectieven kunnen bieden voor verschillende vormen van kanker.

Als de resultaten van deze vaccinatie even ?goed? zijn als die van chemotherapie zou het daardoor mogelijk worden om bejaarde of verzwakte patiënten doeltreffend te behandelen door een chirurgische ingreep. Voor hen zijn de neveneffecten van een chemotherapie immers nog moeilijker te dragen.

Het werk van de onderzoekers is er dus niet enkel op gericht om de doeltreffendheid van de behandelingen te vergroten, maar ook om de levenskwaliteit van kankerpatiënten te verbeteren.


 

Nieuwe onderzoekspiste om de ontwikkeling van uitzaaiingen tegen te gaan

Nieuws 21-05-08

Onderzoekers van het team voor geneeskundige chemie hebben een molecule ontwikkeld die inwerkt op de verspreiding van kankercellen (uitzaaiingen). Vaak zijn die verantwoordelijk voor de fatale afloop bij kanker.

Bronnen: Belga, 23-04-08 ; La Libre Belgique, 24-04-08 ; Het Nieuwsblad, 24-04-08 ; De Morgen, 24-04-08 ;Het Laatste Nieuws ; Gazet van Antwerpen, 25-04-08 ; Artsenkrant, 06-05-08

Commentaar van de Stichting tegen Kanker

Onderzoekers van het team van professor Achiel Haemers hebben een molecule ontwikkeld die specifiek op uitzaaiingen inwerkt. De stof (uPA) blokkeert de werking van een eiwit, dat de verspreiding van kankercellen bevordert. Het blokkeren van dit eiwit verhindert een waterval aan reacties waardoor kankercellen de extracellulaire matrix (die zorgt voor de cohesie of samenhang tussen de cellen) kunnen doorbreken en zich op afstand van het originele gezwel kunnen verspreiden.

Tests op ratten met borstkanker hebben uitgewezen dat de verspreiding van het kankergezwel naar de longen (uitzaaiingen) met 70 % werd teruggedrongen door het gebruik van die behandeling. Bovendien heeft het uPA na 18 dagen behandeling nog geen toxische effecten veroorzaakt bij de proefdieren.

Deze voorlopige resultaten bieden nieuwe perspectieven voor de preventieve behandeling van uitzaaiingen. Als deze gegevens blijken te kloppen, zou men inderdaad kunnen overwegen om het uPA te testen in combinatie met verschillende vormen van chemotherapie bij kankerpatiënten waarbij zich uitzaaiingen kunnen voordoen.

Laat ons echter niet op de feiten vooruitlopen, want dergelijke onderzoeken nemen nog verschillende jaren in beslag alvorens op maat van de patiënt te zijn. Het onderzoek biedt echter nieuwe perspectieven en geeft aan hoe goed onze vorsers wel zijn in hun zoektocht naar nieuwe pistes om het kankerproces een halt toe te roepen.


 

Falen van sommige vormen van chemotherapie te wijten aan de aanwezigheid van stamcellen van borstkanker

Nieuws 17-05-08

Volgens een recent onderzoek van het team van dr. Michael Lewis aan de faculteit geneeskunde van Baylor (BCM) in Houston (Texas, Verenigde Staten) zou het feit dat chemotherapie er niet in slaagt om bepaalde borstkankers volledig uit te schakelen, te wijten zijn aan het niet kunnen vernietigen van de stamcellen van het gezwel. Vandaar dat het gezwel opnieuw opduikt. Het onderzoek is verschenen in het wetenschappelijk tijdschrfit ?Journal of the National Cancer Institute?.

Onderzoekers proberen momenteel geneesmiddelen te ontwikkelen, die zich specifiek richten op stamcellen van kanker.

Bronnen: Belga, 29-04-08 ; Le Soir, 02-05-05

Commentaar van de Stichting tegen Kanker

Stamcellen van kanker zijn recentelijk geïdentificeerd in verschillende vaste gezwellen (hersenkanker, darmkanker, borstkanker, prostaatkanker, hoofd- en nekkanker) en bij bepaalde vormen van leukemie. Ze liggen aan de oorsprong van de wildgroei van tumorcellen en lijken ook aan de basis te liggen van uitzaaiingen en het hervallen bij bepaalde kankers.

Recentelijk onderzoek heeft inderdaad aangetoond dat maar een kleine groep cellen verantwoordelijk is voor de groei van kanker (ze vertegenwoordigen minder dan 0,1 % van de totale celpopulatie bij een tumor). Deze stamcellen van kanker zijn, net zoals de gezonde stamcellen, in staat om zichzelf te vernieuwen door nieuwe tumorcellen aan te maken. Ze zouden dus een belangrijke rol kunnen spelen bij de ontwikkeling van kankers.

Bepaalde gezwellen, en misschien zelfs allemaal, zouden dus zowel samengesteld zijn uit tumorcellen, die zich op een anarchistische manier delen, en stamcellen van kanker. Deze laatste zijn maar in zeer beperkte mate aanwezig in de gezwellen. Dat maakt het moeilijk om ze te bestuderen. Bovendien zijn deze stamcellen meestal in rust. Ze ontsnappen dus aan de behandelingen tegen kanker, die mikken op sneldelende cellen. Daarom zou er bij bepaalde kankers een herval optreden na het stopzetten van de behandeling.
Een van de te volgen sporen om gezwellen doeltreffender te bestrijden, zou dus de ontwikkeling van geneesmiddelen zijn, die specifiek op de stamcellen van kanker inwerken. In dat opzicht wil het team van dr. Lewis eerst biologische merkers voor de stamcellen van borstkanker ontwikkelen. Zo kunnen ze de stamcellen opsporen en ze vervolgens gemakkelijker vernietigen.
Dr. Lewis benadrukt dat lapatinib of TYKERB, in combinatie met andere middelen tegen kanker, doeltreffend lijkt om zowel stamcellen van kanker als het borstgezwel zelf te vernietigen.

Dit vernieuwende geneesmiddel is momenteel nog in klinische evaluatie. Het wordt gebruikt voor de behandeling van borstkanker met uitzaaiingen en waarvan de cellen aan hun oppervlak HER2 receptoren hebben.

De eerste resultaten van dit onderzoek lijken alvast bemoedigend. Lapatinib lijkt zowel de stamcellen van kanker als de kwaadaardige cellen van de borsttumor te vernietigen.

Natuurlijk is er verder onderzoek nodig bij een groter aantal patiënten. De onderzoekers gaan zich nu ook eerst richten op de identificatie van de stamcellen van kanker in andere soorten gezwellen.

Begrijpen hoe deze stamcellen werken, is essentieel. Dat zou op termijn moeten leiden tot het ontwikkelen van doeltreffender behandelingen.
 



Vermindert verblijf in een crèche het risico op leukemie?

Nieuws 19-05-08

Volgens onderzoekers van de universiteit van Berkeley (USA) zou het risico op leukemie 30 % lager zijn bij kinderen die op jonge leeftijd naar een crèche of onthaalmoeder zijn geweest.

Bronnen: Belga, 29-04-08; De Morgen,30-04-08; La Libre Belgique, 30-04-08; Het Belang van Limburg, 30-04-08; Het Laatste Nieuws, 30-04-08

Commentaar van de Stichting tegen Kanker

Volgens de onderzoekers van deze studie zou het afweersysteem bij kinderen die in een crèche of bij een onthaalmoeder verblijven beter functioneren door vroegtijdig contact met allerlei virussen. Vroegtijdige socialisering zou mogelijk ook het afweersysteem kunnen verbeteren.

Maar de oorzaak van leukemie bij kinderen is niet gekend. Het is dan ook mogelijk dat allerlei factoren zoals milieu-invloeden, genetische of familiale aanleg enzovoort een rol kunnen spelen.

We dienen altijd zeer voorzichtig te zijn met dergelijke epidemiologische studies die berusten op het statistisch verwerken van gegevens. Daarom is verder wetenschappelijk onderzoek noodzakelijk om de mechanismen van het ontstaan van leukemie verder te ontsluieren. De Stichting tegen Kanker geeft dan ook financiële steun aan dergelijke wetenschappelijke onderzoeksprojecten.

Leukemie is de meest voorkomende vorm van kanker bij kinderen. Op een informatiedag georganiseerd door de Stichting werd nog benadrukt dat de meest voorkomende soort leukemie bij kinderen (de acute lymfoblasten leukemie) op dit ogenblik in ongeveer 80 % van de gevallen kan worden genezen. In het congresboek van deze infodag over bloedkankers wordt leukemie trouwens uitvoerig behandeld.


Ontdekking van erfelijke vatbaarheid voor longkanker

Nieuws 17-04-08

Een internationaal onderzoek, gestuurd door het CIRC (Centre International de Recherche sur le Cancer) heeft een erfelijke vatbaarheid voor longkanker geïdentificeerd. We zouden niet allemaal even vatbaar zijn voor deze ziekte. De dragers van de erfelijke afwijking zouden immers twee keer meer kans hebben om longkanker te krijgen.

Bronnen: Le Quotidien, 04-04-08 ; Nature, 02-04-08

Commentaar van de Stichting tegen Kanker

Waarom krijgen sommige rokers longkanker en anderen niet? Een door het CIRC gecoördineerd onderzoek biedt voor een stuk een antwoord op deze vraag. Het onderzoek liep in 18 landen bij 10 000 mensen. Bijna de helft daarvan had longkanker, terwijl de andere helft fungeerde als controlegroep.

Om erfelijke profielen te identificeren, die eventueel een rol kunnen spelen bij het ontstaan van deze kanker., hebben de onderzoekers duizenden DNA fragmenten geanalyseerd. Zo hebben ze verschillende genetische variaties kunnen aantonen op het chromosoom 15 die lijken te interageren met nicotine en andere giftige stoffen in tabaksrook.

Het risico op longkanker zou 30 % hoger liggen bij mensen die deze variaties dragen op een enkele kopie van het chromosoom 15 (1 Europeaan op de 2). Dat risico zou echter 70 à 80 % bedragen bij mensen die de genetische variaties dragen op beide kopieën van het chromosoom 15 (1 Europeaan op de 10).
 
Het mechanisme, dat de aanwezigheid van deze genetische afwijkingen verklaart, is nog niet duidelijk geïdentificeerd. Toch menen bepaalde experts dat deze genen verantwoordelijk zouden zijn voor de ?aanmaak? van receptoren, die in staat zouden zijn om nicotine en andere giftige stoffen in tabaksrook vast te hechten. Ze zouden dus betrokken zijn bij het ontstaan van het kankerproces.

Hoewel er nog verfijning van deze onderzoeken nodig is, zouden ze de deur kunnen openen naar het ontwikkelen van nieuwe moleculen die deze receptoren kunnen blokkeren. Zo zou het arsenaal aan behandelingen om longkanker zo doeltreffend mogelijk te behandelen nog worden uitgebreid.

Er verandert echter niets aan de boodschap van gezondheidsprofessionals: niet roken of zo snel mogelijk stoppen met roken blijft de beste manier om zich te beschermen tegen longkanker. Tabak is immers verantwoordelijk voor negen op de tien gevallen van longkanker. Sommige rokers lopen nog meer risico dan gemiddeld omwille van hun genetisch profiel.


Leverkanker: een combinatie van verschillende behandelingen in onderzoek

Nieuws 16-04-08

Een medisch team uit China heeft de eerste resultaten gepubliceerd van een klinisch onderzoek voor de behandeling van leverkanker in een gevorderd stadium door gebruik te maken van een combinatie van twee behandelingen. Ze combineerden chemo-embolisatie (chemotherapie toegediend in bloedvaten die een gezwel voeden) met een radiofrequentiebehandeling (thermotherapie). Die nieuwe aanpak zou toelaten om de overlevingskansen van patiënten met zware levergezwellen gevoelig te verhogen.

Bronnen: Belga, 09-04-08 ; Le Soir, 10-04-08 ; La Dernière Heure, 10-04-08, JAMA, 09-04-08

Commentaar van de Stichting tegen Kanker

Het medisch team van dr. Bao-Quan Cheng (universiteit van Shandong in Jinan, China) heeft dit onderzoek gevoerd bij 291 patiënten met een vergevorderde vorm van leverkanker, die tussen 2001 en 2004 een behandeling kregen.

De patiënten werden in drie groepen verdeeld. De eerste groep werd behandeld door het blokkeren van de bloedtoevoer naar het gezwel (TACE: transcatheter arterial chemoembolization). De tweede groep patiënten kreeg een behandeling met thermische radiofrequentie of RFA. Deze niet-chirurgische aanpak vernietigt de tumorcellen door een zeer plaatselijke verhoging van de temperatuur. Daardoor blijft het gezonde naburige bloedweefsel gespaard. De radioloog brengt een kleine naald in door de huid tot het gezwel (onder controle van medische beeldvorming zoals ultrasone stralen, tomodensitometrie of beeldvorming door magnetische resonantie). Er gaat een elektrische stroom naar de punt van de naald. De geproduceerde warmte verspreidt zich in het weefsel en vernietigt zo de geviseerde kankercellen. De derde groep patiënten kreeg de combinatie van beide behandelingen toegediend.

De combinatie van de twee behandelingen bleek het doeltreffendst te zijn. De gemiddelde overlevingskans van de patiënten steeg met maar liefst 50 %.

Hoewel de resultaten nog voorbarig zijn, ogen ze alvast veelbelovend voor de behandeling van patiënten met zware, niet-opereerbare levergezwellen (te groot gezwel of onbereikbaar met een chirurgische ingreep, aanwezigheid van andere aandoeningen waardoor chirurgie te riskant is enzovoort). Bovendien is deze aanpak minder ingrijpend dan chirurgie en blijft de levenskwaliteit van de patiënt dus beter bewaard.



Kapper: beroep met kankerrisico?

News 02-04-08

Volgens een artikel in het gespecialiseerde tijdschrift The Lancet Oncology is de beroepsmatige blootstelling aan haarkleurmiddelen en andere chemische producten kankerverwekkend. Het Britse gespecialiseerde tijdschrift publiceerde de studie in april

Bronnen : Belga, 26-03-08 ; La Capitale, 27-03-08 ; Métro, 27-03-08 ; Gazet Van Antwerpen, 27-03-08 ; L'Echo, 27-03-08 ; De Standaard, 27-03-08

Commentaar van de Stichting tegen Kanker

Deze informatie is niet nieuw. Al in 1993 stelde het IARC (International Agency for Research on Cancer) vast dat kappers en barbiers een verhoogd risico lopen op kanker. Dat wordt veroorzaakt door de haarkleurmiddelen en de andere chemische producten die ze gebruiken. De studie die in The Lancet Oncology verscheen, bevestigt dus deze resultaten.

De deskundigen die in februari van dit jaar in Lyon bijeenkwamen, stelden opnieuw het geringe maar reële risico op blaaskanker bij kappers vast. Overigens is dit risico  minder uitgesproken bij vrouwelijke kappers. Er werden echter geen epidemiologische gegevens gevonden om een gelijkaardig risico te bevestigen bij particulieren die zelf hun haren kleuren. In Europa, Japan en de Verenigde Staten nemen ongeveer 35% van de vrouwen en 10% van de mannen hun toevlucht tot dergelijke producten

De nieuwe studie onderzoekt een aantal chemische producten. Ze legt de nadruk op de identificatie van enkele bijkomende stoffen ? de aromatische amines ? als kankerverwekkend. Ook ortho-Toluidine en de « MOCA » (Methyleen-4,4 bis ?chloro-2 aniline) zijn nu als kankerverwekkend geklasseerd.

Het is duidelijk dat de evaluatie van de kankerverwekkende eigenschappen van nieuwe producten moet worden voortgezet. Kappers wordt aangeraden om de instructies voor het gebruik van deze producten te respecteren en om eventuele beschermingsmaatregelen te nemen.

Meer weten

Een gedetailleerde monografie over het beroep van kappers, met een uitvoerige beschrijving van de door hen gebruikte producten, werd ter gelegenheid van deze editie van de Lancet Oncology on line gezet: http://monographs.iarc.fr/ENG/Monographs/vol 57/volume57.pdfri. Ook op onze website kunt u meer informatie vinden over dit onderwerp onder de volgende rubriek: preventie / risicofactoren en praktische tips / algemene informatie



Een gen betrokken bij agressieve vormen van borstkanker

News 19-03-08

Een onderzoeksteam van Berkley (Verenigde Staten) heeft een gen ontdekt (SATB1) dat een rol speelt bij agressieve vormen van borstkanker en de vorming van uitzaaiingen. Ligt hier een piste voor het ontwikkelen van nieuwe behandelingen?

Bronnen: Nature, 13-03-08 ; Belga, 12-03-08 ; La Libre Belgique, 13-03-08

Commentaar van de Stichting tegen Kanker

Van het SATB1 gen was al langer geweten dat het een sleutelrol speelt bij de rijping van bepaalde cellen van het afweersysteem: de T-lymfocyten.

Het team van Terumi Kohwi-Shigematsu (Berkley, USA) heeft recentelijk echter aangetoond dat datzelfde gen een rol speelt bij bepaalde agressieve vormen van borstkanker. De tumorcellen van de borst lijken het SATB1 gen nodig te hebben om zich te kunnen uitzaaien. Als men dat gen inbrengt in kankercellen in de borst, die niet het resultaat zijn van uitzaaiingen, ontwikkelen zich al snel invasieve gezwellen bij muizen. Als men in de laboratoria het SATB1 gen weghaalt uit het milieu waarin men borstkankercellen laat groeien, vinden die borstcellen hun normale verschijning terug!

En bij mensen? Onderzoekers hebben ongeveer 2 000 stalen geanalyseerd van borstgezwellen bij vrouwen voor wie een klinische opvolging beschikbaar was. Uit die analyse bleek dat het hoogste gehalte zich voordeed bij patiëntes, die leden aan een bijzonder agressieve vorm van borstkanker (met uitzaaiingen). Stalen waarin men geen STAB1 gen terugvond, kwamen van vrouwen met de grootste kans op overleving.

Zou dat betekenen dat onderzoekers op een vingerknip staan van een doeltreffende remedie om de vorming van uitzaaiingen bij patiëntes met borstkanker te verhinderen?

Wellicht is het iets minder eenvoudig! Het STAB1 gen lijkt immers ook een rol te spelen bij belangrijke controlemechanismen van het afweersysteem. Het is dan ook niet aangewezen om de expressie van dat gen systematisch te blokkeren zonder de werking van het afweersysteem in het gedrang te brengen. Behalve misschien als men het op een heel specifieke manier kan doen door een remmer te injecteren, die enkel de werking van het gen in het gezwel blokkeert. Onderzoekers zullen die piste binnenkort onderzoeken.

In afwachting van deze resultaten beogen sommigen al om STAB1 te gebruiken als een ziektemerker bij patiëntes met borstkanker. Bij vrouwen met een hoog STAB1 gehalte zouden bijvoorbeeld  agressievere behandelingen kunnen worden toegepast.

Om beter te begrijpen hoe het STAB1 gen werkt en om nieuwe behandelingspistes te ontwikkelen, zullen we dus het resultaat van diepgaander wetenschappelijke onderzoeken moeten afwachten.


Niet enkel baarmoederhalskanker door HPV

News 10-03-08

 Er werd de laatste tijd heel veel gesproken over baarmoederhalskanker en de HPV (Humane Papillomavirussen) als oorzaak van de meeste gevallen daarvan. Maar HPV kunnen ook andere vormen van kanker veroorzaken, met name mond- en keelkanker na orale seks.
Bron : New England Journal of Medicine 2008 ; 356 : 1944


Commentaar van de Stichting tegen Kanker

De HPV kunnen door orale seks ook via de slijmvliezen van de mond worden doorgegeven. De laatste 30 jaren is het aantal gevallen van kanker van de mond- en keelholte aanzienlijk toegenomen. Nu blijkt uit een studie van de John Hopkins universiteit (VS) bij 100 gevallen van keelkanker en 200 controlegevallen dat het HPV 16 in 72 % van de keelkankers (studie bij 100 gevallen) aanwezig is zodat dit virus een belangrijkere oorzaak zou zijn dan alcohol of roken voor deze vorm van kanker.

Niet iedereen die orale seks heeft gehad wordt echter besmet met een HPV en als er besmetting met HPV optreedt veroorzaakt dat niet altijd een ziekte. Maar als er besmetting optreedt, is het risico op keelkanker ongeveer 32 keer groter. Volgens de vermelde studie zou het risico op keelkanker bijna 9 keer hoger zijn bij mensen die orale seks hebben gehad met meer dan 6 personen in vergelijking met mensen die nooit orale seks hebben gehad. Bij rokers ligt dat risico 3 keer hoger en bij zware alcoholgebruikers 2 ½ keer hoger. Ook omdat HPV eveneens penis- en anuskanker kan veroorzaken wordt nu onderzocht of het vaccin tegen HPV ook niet zou aangewezen kunnen zijn bij jongens.

 


Wanneer de kankercellen weerstand bieden ?

News 14-02-08

Twee onderzoeken, een aan het onderzoekscentrum voor kanker Fred Hutchinson in Seattle (Washington, USA) en een aan het Institute of Cancer Research in Londen (UK), leveren bewijs voor het bestaan van een erfelijk mechanisme, dat bepaalde kankercellen hebben ontwikkeld om te weerstaan aan tijdens chemotherapie toegediende geneesmiddelen.

Deze ontdekking zou het spoor kunnen effenen voor nieuwe strategieën om deze vorm van resistentie tegen kankerbehandelingen te bestrijden.

Bronnen: Nature, 10-02-08 ; Le Soir, 11-02-08

Commentaar van de Stichting tegen Kanker

Bij bepaalde kankerpatiënten wordt de doeltreffendheid van chemotherapie beperkt door dit resistentiefenomeen. In bepaalde gevallen zijn de kankercellen resistenter tegen chemotherapie. In andere gevallen zijn de kankercellen eerst gevoelig voor de toegediende geneesmiddelen en ontwikkelen ze later tijdens de behandeling resistentiecapaciteiten.

Deze nieuwe mechanismen zijn de oorzaak voor het primaire of secundaire falen van bepaalde vormen van chemotherapie. Verschillende onderzoeksteams proberen dan ook de mechanismen te ontcijferen in de hoop ze te kunnen counteren.

De twee bovenvermelde teams hebben het gedrag bestudeerd van borstkanker- en eierstokkankercellen, die een kenmerk gemeenschappelijk hadden: een genmutatie die de wetenschappers al kenden, namelijk het BRCA2 gen. We weten al een tijdje dat vrouwen met een gemuteerd BRCA2 gen een groter risico op borst- of eierstokkanker hebben. Deze mutatie van het BRCA2 gen zou het herstel verhinderen van verschillende schadegevallen van het DNA in de cellen zelf. Dat zou het risico op het ontstaan van het kankerproces sterk accentueren.

Recentelijk hebben de onderzoekers vastgesteld dat diezelfde kankercellen (die een gewijzigd BRCA2 gen hebben) geleidelijk aan resistenter werden voor chemotherapie op basis van platinum (carboplatine). Door te proberen te ontcijferen hoe deze resistentie zich ontwikkelde, hebben ze ontdekt dat er zich een nieuw erfelijk mechanisme installeerde in deze cellen, die de normale functie van het BRCA2 gen herstelde. Dat betekent met andere woorden dat de met carboplatine behandelde cellen opnieuw in staat zijn om de schade te herstellen, die is veroorzaakt aan hun DNA. Dat verstoort de werking van carboplatine, dat de kankercellen net doodt door hun DNA te beschadigen.

Vandaar wellicht waarom bepaalde patiënten met een zogenaamd ?BRCA2 positief? gezwel, op een bepaald moment niet meer reageren op de chemotherapie.

Nu dat mechanisme is geïdentificeerd, zal de volgende etappe erin bestaan om die resistentie tegen chemotherapie tegen te gaan. Heel wat werk dus in het verschiet? en hopelijk levert dat de sleutel op voor een efficiëntere behandeling.
 



Op naar een Kankerplan!

News 02-02-08

De federale minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, Laurette Onkelinx, heeft officieel het proces gelanceerd dat moet leiden tot een nationaal kankerplan. Dat plan is een van de tien prioriteiten van de interim-regering Verhofstadt III. Voor 23 maart wil ze een eerste versie hebben voorgesteld in het parlement, voor de federale regering en op de interministeriële conferentie voor Volksgezondheid.

Andere landen (Frankrijk, Nederland, Verenigd Koninkrijk, Spanje, Denemarken, Canada, Noorwegen, Australië) hebben al een kankerplan ontwikkeld en hebben gevoelige vooruitgang geboekt (georganiseerde opsporing van borstkanker, toegang tot vernieuwende geneesmiddelen, veralgemening van de multidisciplinaire consultaties enzovoort). België lanceert nu dus op zijn beurt dit ambitieuze project en verwacht verbeteringen op medisch, menselijk en wetenschappelijk vlak.

Bronnen: Belga, 24-01-08 ; La Libre Belgique, 25-01-08 ; De Morgen, 25-01-08 ;Metro, 25-01-08 ; L'Echo, 25-01-08 ; De Standaard, 25-01-08 ; Le Soir, 25-01-08 ; Vers l'Avenir, 25-01-08 ; La Capitale, 25-01-08 ; Le Journal du Médecin, 29-01-08 ; Grenz-Echo, 26-01-08 ; La Dernière Heure, 25-01-08 ; Het Laatste Nieuws, 25-01-08 ; Gazet Van Antwerpen, 25-01-08 ; Het Nieuwsblad, 25-01-08.

Commentaar van de Stichting tegen Kanker

Na ontmoetingen met onder andere verantwoordelijken van het Nationaal Kankerregister, de European Organisation for Research and Treatment of Cancer (EORTC), de Stichting tegen Kanker, de Vlaamse Liga tegen Kanker en een aantal auteurs van het Witboek Kanker, wil de minister van Volksgezondheid in de loop van februari zes rondetafelgesprekken organiseren. In samenwerking met een twintigtal experts, vertegenwoordigers van de verschillende sectoren, zullen zes thema's aan bod komen: preventie en informatie, opsporing en vroegtijdige diagnose, verzorging, begeleiding van patiënten en hun naasten, onderzoek en vernieuwende technologieën, evaluatie van de behandeling. Elke rondetafel zal niet alleen het resultaat van de gesprekken moeten voorstellen, maar ook concrete acties die kaderen binnen het behandelde thema.

Afhankelijk van wat budgettair mogelijk is, zullen er acties komen, die rekening houden met de prioriteiten van het nationaal kankerplan.
De Stichting tegen Kanker pleit alvast voor de invoering van de volgende maatregelen:
- verplichte vermelding van het nummer van de Tabak Stop Lijn op alle verpakkingen van tabaksproducten en een volledig rookverbod in de horeca, inclusief de cafés enz;
- specifieke financiering voorzien voor de psychologische begeleiding van patiënten in oncologische afdelingen;
- specifieke begeleiding voorzien voor patiënten met zeldzame gezwellen, met het accent op het multidisciplinaire karakter en de expertise van de zorgverleners;
- opvolging van de opstart van borstklinieken door samenwerkingen tussen verzorgingsinstellingen aan te moedigen;
- overheidsbudgetten voor onderzoek verhogen om tegen 2010 uit te komen op 3% van het BBP, zoals ook de aanbeveling van de Europese Unie luidt;
- multidisciplinaire consultaties systematiseren voor elke behandeling om elke patiënt de best mogelijke behandeling ?op maat? te garanderen;
- op objectieve basis het resultaat van de behandelingen in de verschillende oncologische afdelingen evalueren om de eventuele nodige verbeteringen te bepalen.


Het nationaal kankerplan is uit de startblokken geschoten en voor 23 maart zal de minister een eerste versie voorstellen in het parlement, aan de federale regering en op de interministeriële conferentie voor Volksgezondheid. Het toepassen ervan zal wellicht verschillende jaren in beslag nemen.

De Stichting tegen Kanker is opgetogen dat er een dergelijk plan komt op nationaal vlak. Dat beantwoordt immers aan de objectieven en verwachtingen van de Stichting inzake de ontwikkeling van een coherente visie op oncologie in ons land.



Melanoom: identificatie van stamcellen binnen de gezwellen

News 18-01-08

Amerikaanse onderzoekers, verbonden aan de universiteit van Harvard, hebben een celpopulatie ontdekt die aan de oorsprong zou liggen van de ontwikkeling van melanoom, een bijzonder agressieve vorm van huidkanker.

Deze ontdekking zou moeten toelaten om de kankercellen beter in het vizier te krijgen en om nieuwe behandelingen te ontwikkelen.

Bronnen: Nature, 17- 01-08 ; Belga, 16-01-08

Commentaar van de Stichting tegen Kanker

De ontdekking van dit onderzoeksteam bevestigt de hypothese dat verschillende kankers kunnen ontstaan na een eerste behandeling omdat er een kleine groep stamcellen overblijft, die in staat zijn om te overleven en zich opnieuw te ontwikkelen.

Sinds een tiental jaren bestuderen verschillende onderzoeksteams deze befaamde stamcellen. Waarover gaat het eigenlijk? Een kankergezwel bestaat uit verschillende soorten cellen, waaronder de stamcellen. Die hebben twee bijzonderheden. Enerzijds beschikken ze over een vrijwel onbeperkte vernieuwingscapaciteit, anderzijds kunnen ze soorten celtypes doen ontstaan (differentiatiecapaciteit in wetenschappelijk jargon).

Dr. Markus Frank en zijn team (Harvard Medical School, Boston) stellen belangstelling in deze cellen omdat ze een beter zicht willen krijgen  waarom bepaalde melanomen resistent zijn voor chemotherapie. Ze hebben ontdekt dat de uit het menselijk melanoom geïsoleerde stamcellen van het gezwel aan het oppervlak een welbepaald eiwit hebben, ABCB5 genaamd.

De onderzoekers hebben de ?ABCB5? cellen vervolgens overgeplant op muizen. Zo kregen ze de bevestiging dat ze in staat zijn om gezwellen te ontwikkelen, in tegenstelling tot de cellen die dat eiwit niet hebben. Ze hebben ook kunnen aantonen dat de graad van agressiviteit van de ABCB5 gezwellen recht evenredig was met het aantal eiwitten aan hun oppervlak.

Vervolgens hebben ze de proefdieren antilichamen voor de ABCB5 cellen ingespoten en hebben ze vastgesteld dat de gezwellen stopten met groeien.

Hoewel dit nog maar voorlopige resultaten zijn, uitgevoerd op dieren in labo's, lijken ze er wel op te wijzen dat het mogelijk moet zijn om specifiek op deze stamcellen van het melanoom te mikken. Deze ontdekking biedt dan ook een boel nieuwe perspectieven voor het ontwikkelen van behandelingen.



Prostaatkanker: verbetering van de opsporing in zicht?

News 12-01-08

Het departement urologie van het UZ in Brussel test momenteel een nieuwe opsporingsmethode voor prostaatkanker. Deze techniek, HistoScanning, bestaat uit een prostaatechografie met behulp van een computer. Hij zou preciezer zijn dan de PSA (Prostaat Specifieke Antigen) bloedopsporingstesten, die momenteel bestaan.

Bronnen: Belga ; 04-01-08 ; Vers l'Avenir, 05-01-08 ; La Libre Belgique, 05-01-08 ; Le Soir, 05-01-08.

Commentaar van de Stichting tegen Kanker

Al jarenlang is de vaakst gebruikte test om een vroegtijdige diagnose van prostaatkanker te stellen het meten van een bepaalde stof door de prostaat aangemaakte stof in een bloedstaal: prostaat specifiek antigen of PSA. Deze aanpak heeft echter als grootste ongemak dat hij al te vaak valse positieve resultaten oplevert. Dat jaagt de betrokken mannen schrik aan en doet hen onnodig meer doorgedreven onderzoek ondergaan. Het meten van het PSA gehalte van het bloed leidt bovendien soms tot de diagnose van niet agressieve gezwellen. Die worden dan systematisch verwijderd terwijl een simpele regelmatige opvolging van de patiënt voldoende zou kunnen zijn. We mogen inderdaad niet uit het oog verliezen dat de verwijdering van de prostaat een aantal neveneffecten met zich mee kan brengen, die de levenskwaliteit van de patiënten grondig kunnen verstoren (erectiestoornissen en impotentie).
 
De echografietechniek, die het team van professor Braeckman momenteel test, is gebaseerd op de opsporing van haarden van tumorcellen door ultrasone stralen. De echografie met behulp van de computer is een recente techniek waarbij artsen met ultrasone stralen en geavanceerder software een grote verscheidenheid aan chirurgische operaties kunnen uitvoeren. Ze testen deze aanpak nu in een onderzoek met 29 manen waarbij prostaatkanker is vastgesteld en die geopteerd hadden voor verwijdering van de getroffen klier. De dag van de chirurgische ingreep ondergingen deze patiënten de bovenvermelde echografie. De resultaten van de echografie werden vervolgens vergeleken met de resultaten van de microscopische analyse van de weefsels in de operatieruimtes.

Deze vergelijking viel bijzonder positief uit. De onderzoekers hebben immers kunnen aantonen dat HistoScanning met precisie de aanwezigheid van verschillende haarden van tumorcellen binnen de prostaat opspoorde. Ook de al dan niet overwoekering van de prostaatcapsule kwam zo aan het licht. De techniek zou dus ook inzetbaar zijn voor biopsieën in welbepaalde stukken in de prostaat en om met veel meer precisie het evolutiestadium van de ziekte te kunnen bepalen.

De eerste veelbelovende resultaten zetten de onderzoekers ertoe aan om dit onderzoek bij meer patiënten uit te voeren om deze techniek eventueel in routine te evalueren. Als die nieuwe onderzoeken beslissend zijn, kunnen ze leiden tot een betere diagnose, behandeling en medische opvolging van mannen, die kans maken om prostaatkanker te krijgen. Het zou ook toelaten om de haarden van tumorcellen op een niet-invasieve manier op te sporen en te bepalen wie de risicopatiënten zijn om de ziekte te krijgen en wie de mannen zijn, bij wie biopsieën vermijdbaar zouden kunnen zijn. Wordt vervolgd!

 



Nationale aanbevelingen voor de behandeling van dikkedarmkanker

News 08-01-08

Op initiatief van het KCE, het Kenniscentrum voor de Gezondheidszorg, heeft een groep darmkankerspecialisten nationale aanbevelingen opgesteld voor een optimale begeleiding bij deze ziekte.

Hoewel dit soort kanker een specifieke behandeling vergt, bestaan er een groot aantal verschillen op het vlak van zorgverstrekking in de verschillende Belgische ziekenhuizen. Een standaardisatie was dan ook absoluut nodig.

Bron: La Libre Belgique, 22-12-07

Commentaar van de Stichting tegen Kanker

Dikkedarmkanker is een van de voornaamste medische bekommernissen in ons land. Met reden trouwens, want het is de op een na belangrijkste doodsoorzaak ten gevolge van kanker. Jaarlijks krijgen 7 000 Belgen de diagnose van darmkanker te horen (1 900 daarvan hebben endeldarmkanker, in het laatste deel  van de dikke darm).

De Stichting heeft in november trouwens nog een informatiedag gewijd aan deze ziekte. Vlaams minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin, Steven Vanackere, kwam daar toelichting geven over de Vlaamse plannen voor een screeningsprogramma rond dikke darm kanker. Als voorbereiding op een nieuw bevolkingsonderzoek, in dit geval de systematische opsporing naar dikke darm kanker vanaf de leeftijd van 50 jaar, werd er in 2007 een projectoproep gelanceerd. Vanuit een pilootproject in een afgebakende regio wil men eerst lessen trekken vooraleer later over te gaan naar een screeningsprogramma over gans Vlaanderen.

De Stichting is dus blij met het werk dat  PROCARE (PROject on CAncer of the REctum) verricht en de informatieverspreiding rond  van dikkedarmkanker. Die informatie gaat over diagnose, behandeling (chirurgie, radiotherapie, chemotherapie) en de opvolging van endeldarmkanker. Deze ?guidelines? benadrukken meer bepaald dat voor de diagnose van endeldarmkanker een rectaal toucher en een biopsie van het gezwel vereist zijn. Ook een onderzoek van de dikke darm met colonoscopie is aan te raden, vooral om  de mogelijkheid uit te sluiten dat er nog  andere gezwellen zijn. De behandeling omvat in de meeste gevallen een chirurgische wegsnijding van het gezwel, voorafgegaan of gevolgd door radiotherapie en/of chemotherapie.

De rode draad in een goede behandeling van endeldarmkanker is een multidisciplinaire aanpak waarbij de expertise van de gastro-enteroloog, de radioloog, de chirurg, de oncoloog, de radiotherapeut en de anatoompatholoog verenigd worden.

Deze aanpak, die de steun geniet van de verschillende betrokken beroepsgroepen en door het oncologiecollege, zou moeten leiden tot een betere aanpak van deze kanker in de komende jaren.

Meer inf de integrale tekst van deze aanbevelingen vindt u op de website van het KCE: www.kce.fgov.be (rubriek ?publicaties?), met als referentie KCE Reports vol 69B.

 



Beperk het aantal scanneronderzoeken

Nieuws 16-07-08

Een onderzoek van dr. Tom Mulkens aan de universiteit van Antwerpen wijst op de noodzaak om het aantal scanneronderzoeken tijdens een mensenleven te beperken. De scanner wordt steeds vaker gebruikt, maar het is wel nodig om rekening te houden met de straling en de risico's die daaruit voortvloeien.

Bronnen: La Capitale, 05-08-08 ; La Dernière Heure, 05-07-08

Commentaar van de Stichting tegen Kanker

De vooruitgang op het vlak van medische beeldvorming redt elke dag opnieuw mensenlevens: ziektes, die vroeger onopgemerkt zouden blijven of te laat aan het licht zouden komen, worden nu ontdekt. Deze nieuwe technieken hebben echter ook hun nadelen, zoals bijvoorbeeld de opeenstapeling van stralen waaraan we bij sommige staan blootgesteld.

Bij een scan ondergaan mensen 5 tot 20 millisievert (millisievert of MSv is de eenheid gebruikt om de biologische effecten van de straling te meten). ?De Verenigde Naties leggen de limiet op 100 tot 200 millisievert tijdens een mensenleven?, legt Tom Mulkens uit. Dat komt overeen met een twintigtal scans of een duizendtal radiografieën (10 tot 20 keer minder straling).

We beschikken momenteel nog niet over specifieke onderzoeken over de eventuele schadelijke gevolgen van de stralingen bij scanners. Het merendeel van de beschikbare gegevens hebben we van de mensen die stonden blootgesteld aan de straling van de twee atoombonnen tijdens de tweede wereldoorlog of die werken in nucleaire fabrieken. Daaruit blijkt dat het risico stijgt van 20 MSv. Dat is de dosis van twee tot vier scanners.

Het is duidelijk dat het risico op kanker, te wijten aan de straling die vrijkomt bij een scanner, heel klein is. Dat beperkte risico wordt echter vermenigvuldigd met het grote aantal scans die we ondergaan.

Het verdient dus aanbeveling om:
- De doses per onderzoek te beperken. Dat is vooral mogelijk met scanners van de laatste generatie.
- De scanner waar mogelijk te vervangen door andere onderzoeken waar geen stralen aan te pas komen (MRI-NMR of magnetische resonantiescanof echografie).
- Zich te beperken tot de echt onmisbare onderzoeken.

Laatste update op ( 26-01-2009 )
 

Zoeken

Zich inschrijven voor een nieuwsbrief