Onthaal > Kankers > Behandeling > Soorten behandelingen > Naar nieuwe geneesmiddelen > Naar nieuwe behandelingen

Ontdekking van nieuwe middelen

Afdrukken E-mail

De voorbije decennia is de kennis over het kankerproces met reuzenpassen geëvolueerd. De recent verworven kennis over de moleculaire en erfelijke basis van kanker leiden tot de ontdekking van nieuwe middelen om kanker te bestrijden. Dat geldt zowel op therapeutisch vlak als voor wat betreft vroegtijdige opsporing en preventie.

De biologische principes

De proteïnen die gecodeerd zijn door bepaalde oncogenen betrokken bij het kankerproces zijn echte therapeutische doelen geworden. Hun remmende werking laat toe om de transmissie van het wildgroeisignaal naar de kern te stoppen, om tussenbeide te komen in de celdeling, om de angiogenese van het gezwel en de vorming van uitzaaiingen te verhinderen.

De cel ontvangt signalen door middel van receptoren (antennes) die zich op het membraan bevinden. Deze receptoren vangen boodschappen uit de celomgeving op. De opgevangen boodschap moet eerst worden omgezet (decodering) vooraleer doorgestuurd te worden naar de kern om daar het celdelingproces op te starten. De ontcijfering van de verschillende etappes in het celsignalisatieproces zorgde mee voor de ontwikkeling van nieuwe moleculen die geacht worden om in te werken op deze niveaus om het kankerproces te bestrijden.

celwildgroei

De nieuwe geneesmiddelen

 

De nieuwe geneesmiddelen kunnen inwerken op alle niveaus van de celsignalisatie. Ze hebben andere eigenschappen dan de huidige geneesmiddelen tegen kanker. Ze werken specifiek in op de kankermoleculen en bereiken de normale cellen niet. Toch moeten ze lang worden genomen om het effect te behouden.

We maken een onderscheid tussen drie klassen geneesmiddelen:

  • Geneesmiddelen die de boodschappen blokkeren die het celmembraan opvangt. Monoclonale antilichamen kunnen deze blokkade uitvoeren: herceptine (borstkanker), rituxan (lymfoom). Ze zijn specifiek gericht tegen de receptoren van de groeifactoren waarvan ze de werking afremmen.
  • Geneesmiddelen die de signalen blokkeren die het celmembraan overdraagt naar de celkern. Dat is het geval bij geneesmiddelen (Glivec, Iressa) die worden gebruikt om bepaalde zeldzame vormen van spijsverteringskanker te behandelen. Ze verhinderen de celactivering door bepaalde fosforylaties te blokkeren. Deze stemmen overeen met de toevoeging van groepen fosfaten op een welbepaalde molecule. Dat zorgt voor de activering en de transmissie van een signaal binnenin de cel.
  • Geneesmiddelen die de vorming van nieuwe bloedlichamen kunnen blokkeren. Deze geneesmiddelen bevinden zich nog in de ontwikkelingsfase. Daaronder vinden we angiostatine, endostatine en de remstoffen van de metalloproteïnes. Doel daarvan is de bloedtoevoer naar gezwellen af te snijden. Zo verhinderen ze de ontwikkeling ervan.

De nieuwe behandelingsmethodes die we hier hebben voorgesteld, illustreren maar gedeeltelijk het ruime veld van de onderzoeken die in deze optiek aan de gang zijn. Toch weerspiegelen ze de creativiteit van de oncologische onderzoekers en laten verhopen dat er ooit nieuwe geneesmiddelen op de markt komen die zijn aangepast aan elke patiënt. Zelfs al bestaat er vermoedelijk geen unieke remedie om alle kankers te overwinnen, toch vertaalt de kennisvooruitgang zich zowel in de verbetering van de behandelingen als in de concrete hoop voor morgen.

Laatste update op ( 26-10-2009 )
 

Zoeken

Zich inschrijven voor een nieuwsbrief