Een DNA-test om het risico op longkanker te bepalen
Door middel van een speekselstaal zou men voor rokers of ex-rokers de kans op longkanker kunnen bepalen. Een team van onderzoekers uit Nieuw-Zeeland heeft daarvoor een test ontwikkeld.
Bron: Belga, 09-06-09
Commentaar van de Stichting tegen Kanker
De vaststelling dat sommige mensen, die hun hele leven lang gerookt hebben, nooit longkanker krijgen, terwijl anderen, die nog nooit een sigaret hebben aangeraakt, wel longkanker hebben, ligt aan de basis van deze ontdekking. Ze is gebaseerd op erfelijkheid.
De test die is ontwikkeld draagt de naam “Respiragene”.
Hij berust op DNA-analyses en op de identificatie van medische gegevens van de onderzochte persoon. Het principe bestaat er dus in om een geïndividualiseerde berekening te maken van het risico op longkanker.
De kwetsbare mensen identificeren
De klassicifatie die de bedenkers van “Respiragene” gebruiken, laat toe om mensen in te delen in drie categorieën: klein, verhoogd of zeer hoog risico op longkanker.
De test verloopt heel simpel: het volstaat om met een wattenstaafje wat speeksel met cellen van de wang binnenin de mond te nemen om DNA te verzamelen. In het labo interpreteren artsen de resultaten aan de hand van inlichtingen over de patiënt zoals leeftijd, eventuele voorgeschiedenis van chronische bronchitis of emfyseem (een zware ziekte van de longblaasjes) en longkanker in de familie.
Ze houden wel geen rekening met het aantal gerookte sigaretten. Uit de vaststellingen van de onderzoekers blijkt immers dat er geen significant verschil bestaat naarmate mensen meer of minder roken.
De test is bruikbaar voor mensen die nog nooit gerookt hebben, maar wordt niet aangemoedigd om daarvoor te gebruiken. Het risico op longkanker bij niet-rokers is immers klein.
Anderzijds zou de test wel toelaten om rokers, die menen dat ze wel gespaard zullen blijven van kanker, van gedacht te doen veranderen.
Problemen die de test oproept
Hoewel de test zeker een interessante vernieuwing lijkt, is het nog wat voorbarig om hem al te introduceren bij het grote publiek. De test kan immers leiden tot “valse positieven”, d.w.z. dat het aantal gevallen van longkanker in werkelijkheid lager zal liggen. Daardoor zou er onnodig angst kunnen ontstaan.
Bovendien ontbreken er nog gegevens over de overtuigende kracht van deze test bij rokers. Zal iemand met een verhoogd risico op longkanker zich niet fatalistisch gaan gedragen en dus helemaal niet willen stoppen met roken?
Omgekeerd zou een roker met een laag risicoprofiel hier een aanmoediging in kunnen zin om te blijven roken. Zonder enige zekerheid om op termijn aan longkanker te ontsnappen...of aan een andere aandoening zoals een hartziekte.
Sommige wetenschappers menen ook dat het erfelijk onderzoek is verricht op Nieuw-Zeelanders die, hoewel ze tot het “Kaukasisch” ras behoren, toch een ander genetisch patroon hebben dan wij.
Het grootste probleem met deze test is echter dat men aan rokers doet geloven dat het risico op longkanker voor het grootste deel te wijten is aan erfelijke factoren, eerder dan aan roken. Dat zou tot een bijzonder gevaarlijke redenering kunnen leiden in de zin van: “als het risico op kanker erfelijk bepaald is, zal stoppen met roken daar niets aan veranderen...”.
Momenteel is “Respiragene” enkel via Internet te koop. Op termijn zou het ook beschikbaar zijn in apotheken.
We raden u dan ook aan om erover te praten met uw huisarts vooraleer u het product aanschaft. Het is belangrijk om goed de beperkingen en gevolgen van het gebruik ervan in te schatten.
Rookstop zeker voor de vijftiende zwangerschapsweek
Volgens een Amerikaans onderzoek hebben cannabisrokers 70 % meer risico op de meest agressieve vorm van teelbalkanker.
Bron: Daling JR, et al "Association of marijuana use and the incidence of testicular germ cell tumors"; Cancer 2009; DOI: 10.1002/cncr.24159
Commentaar van de Stichting tegen Kanker
Mannen die sinds hun adolescentie minstens een keer per week cannabis roken, hebben twee keer meer kans op teelbalkanker dan mannen die nooit cannabis hebben gebruikt. Dat blijkt uit de resultaten van een onderzoek dat onlangs verscheen in Cancer.
“Ons werk is zeker niet het eerste dat aantoont dat bepaalde aspecten van onze levenswijze of van het leefmilieu een risico vormen voor teelbalkanker, maar het is wel de eerste maal dat in een onderzoek het verband wordt nagegaan tussen cannabisgebruik en deze vorm van kanker”, aldus dr. Stephen Schwartz, epidemioloog aan het Fred Hutchinson Cancer Research Institute in Seattle. Hij is de voornaamste auteur van dit onderzoek, dat bij bijna 400 mensen liep.
Het gebruik van cannabis zou meer in het bijzonder een rol spelen bij de ontwikkeling van non-seminomateuze kiemcelgezwellen. Deze zeer agressieve vorm van kanker ontwikkelt zich vooral bij mannen tussen 20 en 35.Het aantal gevallen van deze vorm van kanker stijgt trouwens de voorbije decennia. De vaakst voorkomende vorm van teelbalkanker, de seminomateuze variant, evolueert trager en treft mannen tussen de dertig en de veertig.
Sinds de jaren vijftig is de frequentie van deze twee voornaamste vormen van teelbalkanker in de Verenigde Staten, Canada, Europa, Australië en Nieuw-Zeeland met 3 tot 6 % per jaar toegenomen. Tijdens dezelfde periode is het gebruik van marihuana (cannabis) in dezelfde orde van grootte gestegen. Die vaststelling heeft de onderzoekers ertoe geleid om de hypothese naar voor te schuiven dat er een verband bestaat tussen deze drug en teelbalkanker.
Reeds vroeger gekende risicofactoren voor deze ziekte zijn het bestaan van antecedenten in de familie, de afwezigheid van een of twee testikels in de balzak (cryptorchidie) en de abnormale ontwikkeling van de teelballen.
Volgens het onderzoek zou cannabisgebruik een zekere risicofactor zijn voor teelbalkanker. Mensen die sinds hun jeugd regelmatig cannabis gerookt hebben, hebben tweemaal zoveel risico als mensen die nooit gerookt hebben.
De puberteit zou het moment kunnen zijn waarop jongens kwetsbaarder zijn voor de giftige producten in marihuanarook. Een reden te meer om ze te waarschuwen voor het gebruik van deze drug.
Rookstop zeker voor de vijftiende zwangerschapsweek
News: 22-04-09
Volgens een studie in Nieuw-Zeeland en Australië zouden spontane vroeggeboortes en baby’s met een laag geboortegewicht niet frequenter voorkomen bij vrouwen die niet roken als bij vrouwen die stoppen met roken voor de 15de week van de zwangerschap.
Bronnen : Artsenkrant, 07-04-09; BMJ 2009.338:b1081
Commentaar van de Stichting tegen Kanker
De onderzoekers volgden in Auckland (Nieuw-Zeeland) en Adelaide (Australië) 2 504 vrouwen die daarvoor nog geen kinderen hadden gebaard. 80% van deze vrouwen rookte niet, 10% was gestopt met roken voor de 15de zwangerschapsweek en 10% rookte nog na die 15de week. Het aantal vroeggeboortes en het aantal pasgeborenen met een laag geboortewicht bleek identiek in de eerste twee groepen (respectievelijk 4% en 10%), terwijl die percentages in de laatste groep beduidend hoger lagen: 10% vroeggeboortes en 17% pasgeborenen met een laag geboortegewicht.
Deze resultaten zijn dus hoopgevend voor aanstaande moeders die nog stoppen met roken voor de 15de week van de zwangerschap. Deze gegevens dienen echter nog bevestigd in andere meer uitgebreide studies.
Natuurlijk betekent dat niet dat zij moeten wachten tot die periode want hoe vroeger men stopt, des te beter zowel voor de moeder zelf als voor het kind.
Depressie en roken
Roken depressieve mensen meer dan andere? Het antwoord lijkt ja te zijn. Wetenschappers hebben echter de vraag omgekeerd en onderzoeken nu of roken een risicofactor zou kunnen zijn voor depressie...
Bronnen: British Journal of Psychiatry; 193-10:322-326; American Journal of Epidemiology, 2006 163: 421-432; Pediatrics, 2000,106:748 – 755; Lancet, 2001, 357 : 1900-01
Commentaar van de Stichting tegen kanker
In verschillende onderzoeksstudies werd reeds aangetoond dat er een verband bestaat tussen roken en depressie. Restte nog uit te vissen of roken depressie veroorzaakt of dat het eerder depressie is die leidt tot een groter verbruik van sigaretten. Bij onderzoek van een vrouwelijke bevolkingsgroep stelden onderzoekers vast dat, onder de vrouwen die niet depressief waren en begonnen te roken, 15 % een depressie doormaakte binnen de tien jaar. Bij vrouwen die nooit zijn beginnen roken bedroeg dat maar 6,5 %.
Er zijn ook andere onderzoeken uitgevoerd bij mannen en vrouwen die aan depressie leden om de mogelijke oorzaken van hun ziekte na te gaan. Daaruit kunnen we het volgende onthouden:
- rokers en rooksters, die meer dan 20 sigaretten per dag roken, lopen vier keer meer risico op een depressie dan mensen die nooit gerookt hebben;
- het aantal jaren dat iemand rookt en het aantal sigaretten per dag vergroot dat risico;
- ex-rokers en -rooksters lopen een groter risico dan mensen die nooit gerookt hebben.
Jongeren die roken lopen bovendien vier keer meer risico om op latere leeftijd een depressie te krijgen.
Een depressief gevoel kan deel uitmaken van de problemen, die mensen ervaren wanneer ze stoppen met roken. Die symptomen komen zeer vaak voor in de eerste dagen na het stoppen. Ze verdwijnen snel op een spontane manier of na een behandeling met nicotinesubstituten. Een secundair depressief syndroom (vaak 1 à 2 maanden na het stoppen met roken) moet men niet als een ontwenningsverschijnsel beschouwen, maar wel als een echte depressie. Er moet dan ook een gepaste behandeling volgen.
Weet ook dat de maanden die volgen op een depressieve periode niet meteen het geschikte moment zijn om te stoppen met roken.
Wanneer iemand zich slecht in zijn vel voelt, ervaart hij of zij meer moeilijkheden om moeilijke taken uit te voeren. Dat geldt ook voor stoppen met roken. Reden te meer om zich in dat geval te laten helpen door een professional.
Behandeling om te stoppen met roken
De drievoudige therapie (combinatie van nicotinepatch, inhaleren van nicotine en bupropion) zou het stoppen met roken bij zieke rokers vergemakkelijken. De toediening van de verschillende geneesmiddelen zou in dat geval complementair zijn.
Bron: Ann Intern Med 2009;150:447-454.
Commentaar van de Stichting tegen Kanker
In vergelijking met een standaardbehandeling met behulp van een nicotinepatch, zou de combinatie van patch, inhaleren van nicotine en bupropion de kansen op succesvol stoppen met roken bij zieke rokers verhogen.
Bij rokers met een ziekte aarzelen heel wat artsen om een intensieve nicotinebehandeling voor te schrijven uit schrik voor het risico op bijwerkingen. Dat verkleint uiteraard de kans op slagen bij het stoppen met roken. Die situatie kan de ziekte eventueel nog verergeren. Om deze vicieuze cirkel te doorbreken, zijn er al heel wat onderzoeken uitgevoerd om verschillende soorten behandelingen te testen voor patiënten met een hoog risico.
Zo hebben in een Amerikaans onderzoek een honderdtal rokers met een ziekte (zoals een hart- en vaataandoening, een longaandoening of kanker) een behandeling gekregen met bupropion (Zyban) en nicotine onder de vorm van een patch in combinatie met te inhaleren nicotine wanneer daar nood aan is.
Na 26 weken lag het slaagcijfer voor de groep, die deze drievoudige therapie onderging, op 35 %. De groep waar ze enkel met een patch werkten, haalde 19 %.
De onderzoekers stelden vast dat de neveneffecten niet frequenter waren in de groep van de drievoudige therapie. Het lijkt hier alsof de effecten van bupropion op het stoppen met roken verbeterd zijn omdat de nicotine de zin om te roken verkleint. Dat ontwenningsfenomeen heet “craving”.
Dit onderzoek naar meervoudige therapie gaat in de richting van de laatste ontwikkelingen in de geneeskunde op het vlak van stoppen met roken. Sommige patiënten kunnen al genieten van een combinatie van verschillende vormen van nicotinesubstituten. Toch is de combinatie bupropion-nicotine niet echt courant en er zijn nog consistentere onderzoeken nodig (lees: groter aantal onderzochte mensen) om praktische conclusies te trekken. Hetzelfde geldt voor een ander geneesmiddel om te stoppen met roken: varenicline (Champix).
Lichaamsbeweging, warmte en inname van Zyban: gevaar?
Nieuws 13-02-2008
De inname van bupropion (Zyban), een geneesmiddel voorgeschreven aan mensen die willen stoppen met roken, zou zware gevolgen kunnen hebben in combinatie met lichaamsbeweging bij grote warmte.
Bron: Journal of Physiology - januari 2008
Commentaar van Tabakstop
Zyban wordt gebruikt om rokers te helpen bij het stoppen met roken. Mogelijke neveneffecten en bepaalde tegenindicates maken dat dit geneesmiddel alleen op voorschrift en na medische controle verkrijgbaar is.
Een onderzoek aan de Vrije Universiteit Brussel (VUB) heeft uitgewezen dat Zyban een invloed heeft op de weerstand tegen warmte. Wanneer iemand dus Zyban inneemt en een fysieke activiteit uitoefent, zal die alleen maar ongemak voelen wanneer de lichaamstemperatuur bijzonder hoog ligt. Als die fysieke activiteit bovendien plaatsvindt bij hoge temperaturen, is het risico op schadelijke hyperthermie, vooral voor het hart, bijzonder prangend.
Iedereen die Zyban inneemt, moet daar rekening mee houden, zeker mensen die een sportactiviteit uitoefenen, vooral op hoog niveau.
Vragen bij Champix?
Nieuws 19/12/2007
Twee weken geleden werden in de pers en op internet verontrustende berichten verspreid dat Champix, het populaire geneesmiddel om te stoppen met roken het risico op depressie en gedachten aan zelfdoding zou verhogen.
Aanleiding hiervoor waren enkele gevallen die in de Verenigde Staten tot een onderzoek van de FDA (Food and Drug Administration) hebben geleid.
Het EMA (Europees geneesmiddelenbureau) stelt in haar rapport van 14/12 dat er op dit moment geen enkel wetenschappelijk bewijs is, dat er een oorzakelijk verband zou zijn met de inname van varenicline (Champix).
Bron: De Morgen 29/11/2007
Commentaar van Tabakstop
Stoppen met roken, met of zonder behandeling kan ontwenningsverschijnselen geven door een gebrek aan nicotine en onderliggende psychiatrische aandoeningen versterken.
De Stichting tegen Kanker is van oordeel dat het veiligheidshalve aan te raden is dat mensen met een voorgeschiedenis van of neiging tot ernstige depressie dit wel duidelijk melden aan de arts die Champix voorschrijft.
Champix is en blijft een geneesmiddel op voorschrift. De observatie tijdens het gebruik ervan valt dus onder het toezicht van de behandelende arts. Indien iemand die Champix inneemt, tekens van depressie of andere bijwerkingen vertoont, dient hij dat dan ook onmiddellijk aan zijn arts te melden. In geval van twijfel geniet een nicotinevervanger de voorkeur volgens onze expert.
Uit studies en ervaringen van tabakologen blijkt dat Champix de kans op een succesvolle rookstop opmerkelijk verhoogt in vergelijking met andere hulpmiddelen.
Naast het verminderen van de drang en de ontwenningsverschijnselen heeft het ook een bijkomend positief effect: het verlaagt de kans op herval.
Indien de roker toch een sigaret rookt, heeft de nicotine geen effect op de hersenen omdat Champix de opname blokkeert.
De meest voorkomende bijwerkingen van Champix zijn misselijkheid , hoofdpijn en slaapproblemen in de eerste weken. Meestal zijn ze van voorbijgaande aard en moet de behandeling daarvoor niet stopgezet worden.
We willen er wel op wijzen dat zoals alle farmaceutische hulpmiddelen, Champix enkel werkt op de lichamelijke verslaving.
Een ondersteunend rookstopprogramma dat ook de psychische en de gedragsmatige afhankelijkheid opvangt en de motivatie versterkt, vergroot de kans op succes!
De medicatie is dan ook slechts een onderdeel van de aanpak bij het stoppen met roken. Gebruikers van Champix kunnen zich gratis inschrijven op het Life Rewards programma aangeboden door de firma.
Tabakstop (0800/111.00) biedt naast de gratis telefonische counseling met een professionele tabakoloog, ook een on-line zelfhulpprogramma (de RookStopCoach) aan via onze website: www.tabakstop.be.
Durf een ex-roker worden
Nieuws 04-04-2007
Volgens een grote enquête van de Europese Commissie is 68% van de ondervraagde rokers van mening dat de antirookcampagnes hen geen zin hebben gegeven om te stoppen met roken. Robert Molimard, stichter van de Franse rookstopvereniging, maakt een goede analyse: de roker zit geprangd tussen twee angsten. De angst om kanker te krijgen en de angst op te stoppen met roken. Die tweede angst voelt hij, en wel onmiddellijk. Daarom is hij ook veel krachtiger dan de eerste. De roker ervaart de sigaret als iets vitaals en hij beschouwt het woord ?stoppen? als een straf. Stoppen is het risico lopen om een identiteit te verliezen, zorgvuldig jarenlang opgebouwd. Daarom raden heel wat experts (zoals Robert West, professor psychologie aan de University College of London, Robert Molimard, enzovoort) aan om zich goed voor te bereiden op het stoppen. Eerst moet de roker zijn relatie met de sigaret beter begrijpen (ze helpt om gebreken op te vullen en talloze situaties het hoofd te bieden: de welke dan wel?). In tweede instantie moet de roker zien te leren zowel de stresserende situaties als de aangename momenten zonder sigaret door te komen.
Bron: Psychologies Magazine Belgique, 01-02-2007
Commentaar van Tabakstop
Puur rationeel gezien weet de roker wel dat het goed zou zijn voor zijn gezondheid om te stoppen met roken. Vaak ziet hij het stoppen echter als een ontbering of een straf. Daarom kunnen de antirookcampagnes als agressief worden ervaren. Jarenlang heeft de roker de gewoonte gekweekt om met zijn sigaret te leven. Tot op het moment waarop ze onmisbaar lijkt, omdat ze troost biedt op moeilijke momenten en het effect van plezier versterkt in vreugdevolle situaties. Mensen, die willen stoppen, moeten zich de vraag stellen: hoe kan ik me handhaven zonder te roken? Stoppen met roken is geen straf, maar een daad om zich beter te gaan voelen. Het kan een verrijkende ervaring worden waarbij het algemeen welbevinden wordt verhoogd en de gezondheid erop vooruitgaat. Het gebeurt dat mensen zich ongemakkelijk voelen wanneer ze pas stoppen, omdat ze moeten omgaan met nieuwe emoties, die nu niet langer schuilgaan achter het gebruikelijke rookgordijn. Praat er dan gerust over met een rookstopconsulent (een professional, die gespecialiseerd is in rookstopbegeleiding), die u kan begrijpen en begeleiden bij uw beslissing om te stoppen met roken.
Historische topverkoop rookstopmiddelen
Nieuws 25-10-2007
De rookstopmiddelenverkoop van 2007 heeft nu al een historisch hoogtepunt bereikt. Volgens de Apothekersbond werden dit jaar al 341127 pakjes rookstopmiddelen verkocht. Of daarmee ook meer rokers effectief gestopt zijn, is echter een andere vraag.
Bron: De Morgen, 23-10-2007
Commentaar van Tabakstop
Er zouden in de eerste helft van 2007 al 12% meer rookstopmiddelen verkocht zijn dan in 2006.
De meerverkoop is grotendeels te danken aan de Champix hype.
Men heeft geprobeerd te kijken bij mensen die actief zijn op het vlak van rookstopbegeleiding of deze trend bevestigd wordt. Noch de cijfers van Tabakstop, noch de deelnamecijfers aan groepscursussen tonen echter eenzelfde stijging.
Blijkbaar leidt de meerverkoop niet automatisch tot meer mensen die zich laten begeleiden voor rookstop. Integendeel, de groepscursussen beleven een dieptepunt.
Wij betreuren de titel van het artikel: "Historische topverkoop rookstopmiddelen krijgt rokers niet van de sigaret?". Er is namelijk geen follow-up van de resultaten van diegenen die via de apotheker rookstophulpmiddelen kopen. Het zou dus best kunnen dat de massale verkoop van Champix voor extra geslaagde rookstoppers gezorgd heeft.
De kop van dit artikel kan verkeerdelijk de indruk wekken dat nicotinevervangers of Champix weinig effect hebben op een geslaagde rookstop, terwijl het tegendeel wetenschappelijk bewezen is.
Dat de gecombineerde aanpak van lichamelijke en psychische afhankelijkheid de beste rookstopmethode is, zou in elk artikel moeten benadrukt worden. Rookstophulpmiddelen verhogen de kans op succes aanzienlijk: daar zijn alle tabakologen het over eens.
Zware rokers mogen op basis van dit persartikel zeker niet denken dat het weinig zin heeft om geld uit te geven aan rookstophulpmiddelen of aan ondersteuning. Je kan elke werkdag tussen 15 en 19u terecht op ons gratis nummer 0800 111 00 voor onafhankelijk advies ter zake.
|