Oorzaken van dikkedarmkanker | Stichting tegen Kanker

Colorectale of dikkedarmkanker - Oorzaken

Dikkedarmkanker

De meeste types van dikkedarmkanker treffen mensen die ogenschijnlijk geen bijzondere risico’s, behalve de leeftijd, vertonen. Ze vormen het resultaat van talloze interacties tussen nog te onderzoeken oorzaken, kankerverwekkende stoffen en genetische factoren die mensen vatbaar maken.

Onze voeding

Wat we eten stelt onze darmen bloot aan een cocktail van kankerverwekkende, chemische stoffen of in tegendeel beschermende stoffen. Daarom speelt voeding waarschijnlijk een rol bij de mogelijke oorzaken van dikkedarmkanker. Verschillende studies hebben aangetoond dat de ziekte vaker voorkomt bij mensen die veel rood vlees en weinig vezels eten. Men moet nog opsporen hoe deze stoffen precies werken. Bekijk alvast onze tips over gezond eten en drinken.

Gebrek aan fysieke activiteit

De ontwikkeling van deze kankers kan bevorderd worden door de doorstroming in de darmen te vertragen. Wie “luie” darm zegt, zegt inderdaad ook verhoging van de contacttijd tussen de kankerverwekkende moleculen in de fecaliën en de darmwand. Als je minder fysiek actief bent, vermindert ook de doorstroming in je darmen.

Erfelijkheid

Ook erfelijkheid speelt een belangrijke rol in de oorzaken van darmkanker. De kans op deze ziekte ligt twee tot driemaal zo hoog bij eerstegraadsverwanten van de zieke. Men schat dat 30 percent van de personen met dikkedarmkanker drager zijn van een genetische afwijking (mutatie van een of meerdere bepaalde genen), overgeërfd van één van hun ouders. Deze afwijkingen zijn niet allemaal even belangrijk. Twee derden van deze afwijkingen gaan ook gepaard met een lichte tot middelmatig verhoogde kans op dikkedarmkanker. Men kan dus gemakkelijk drager zijn van een genetische afwijking, zonder ooit de ziekte te krijgen.

Een derde van deze afwijkingen (dat gaat om ongeveer 10 procent van de patiënten) stellen de personen die er drager van zijn, bloot aan een verhoogd risico. Men spreekt dan van “niet-polyposische erfelijke darmkanker” (vroeger syndroom van Lynch genoemd), of iets minder vaak van “adenomateuze familiale polyposis”.

Wanneer zich een dikkedarmkanker voordoet op een leeftijd ver onder het gemiddelde, mag men deze vorm van kanker vermoeden. Verschillende genetische mutaties die verantwoordelijk zijn voor deze ziektes heeft men al kunnen identificeren. Ze hebben één kans op twee om zich generatie op generatie verder te zetten. Dat is de voornaamste reden waarom een genetisch onderzoek aan de familieleden van deze patiënten moet worden voorgesteld. Mensen die drager zijn van het gemuteerd gen staan onder nauwgezet toezicht (vanaf de kinderjaren als het om familiale polyposis gaat) en krijgen, indien nodig, preventieve behandelingen.

Andere risicofactoren

  • Dikkedarmkankers komen iets vaker voor bij rokers. Vandaar de (nog niet opgehelderde) vraag of er een mogelijk verband bestaat met roken.
  • De aanwezigheid van adenomen (goedaardige poliepen) op het slijmvlies van de darmen. De meeste dikkedarmkankers ontstaan immers op zulke poliepen. Hoe groter het adenoom, hoe groter de kans op ontaarding ervan. De frequentie van poliepen neemt toe met de leeftijd, net zoals dat bij darmkanker het geval is.
  • Chronische ontstekingsziekten van de dikke darm. Men heeft vastgesteld dat darmkankers vaker voorkomen bij patiënten met een lange voorgeschiedenis van colitis ulcerosa of, in mindere mate, de ziekte van Crohn. Deze kankers kunnen op een gemiddeld vroegere leeftijd ontstaan.
  • Een eerste geval van dikkedarmkanker. Een patiënt die genezen is van een eerste dikkedarmkanker, blijft een verhoogde kans hebben om nogmaals een dikkedarmkanker te krijgen, zonder verband met het eerste geval. Dat geldt vooral voor dikkedarmkanker in het rectum.
Laatst aangepast op: 10/10/2018

Getuigenissen

clara
Onze hersenen zijn het centrum van onze gedachten, onze emoties en onze gevoelens. Ze bepalen de werking van alle andere organen en van ons lichaam. Maar hoe belangrijk onze hersenen ook zijn, het maakt ze niet immuun voor kanker. Elk jaar krijgen in België ongeveer 800 mensen te horen dat ze een hersentumor hebben, een goedaardige of een kwaadaardige. Lees de getuigenis van Clara.Lees verder