Soorten therapieën

De behandelingen van kanker worden in verschillende groepen onderverdeeld, afhankelijk van hun doel, de te behandelen lichaamszone en de locatie waar de therapie plaatsvindt.

Genezende of curatieve behandeling, palliatieve behandeling en aanvullende behandelingen

De eerste groep heeft te maken met het doel van de therapie.

  • Met een genezende of curatieve behandeling is het de bedoeling je te laten genezen of je minstens in remissie te brengen. ‘In remissie’ betekent dat er bij de medische onderzoeken geen kankercellen meer gevonden worden.
  • Een palliatieve behandeling remt het verloop van de kanker af en geeft de patiënt een zo comfortabel mogelijk leven. Deze behandeling krijg je als je ongeneeslijk ziek bent. Ze verlengt je levensverwachting en verbetert je levenskwaliteit.
  • Aanvullende behandelingen zijn geen therapieën van kanker in de strikte betekenis van het woord, maar ze zijn erg belangrijk om je levenscomfort te verbeteren en je je beter te laten voelen. Deze therapieën verzachten de symptomen die veroorzaakt worden door de kanker en/of door de bijwerkingen van de therapie. Voorbeelden van aanvullende behandelingen zijn pijnstillers, geneesmiddelen tegen infecties en tegen misselijkheid.

Systemische en locoregionale behandeling

De tweede groep van therapieën heeft te maken met de behandelde lichaamszone.

  • Een systemische behandeling (of algemene behandeling) werkt op het hele lichaam. Ze kan dus tegelijk tegen de oorspronkelijke tumor en tegen eventuele uitzaaiingen gericht zijn. Chemotherapie en hormoontherapie zijn systemische behandelingen.
  • Een locoregionale behandeling (lokaal en/of regionaal) concentreert zich op de plaats waar de tumor zich bevindt en het gebied errond. Voorbeelden van locoregionale behandelingen zijn chirurgie en radiotherapie.

Ambulante behandeling, thuisbehandeling en behandeling in het ziekenhuis

De derde groep van therapieën heeft te maken met de plaats waar je behandeld wordt. Dat hangt af van de aard van de behandeling, hoe ze wordt toegediend, hoelang ze duurt, de voorbereiding en de eventuele onmiddellijke bijwerkingen van de therapie.

  • Voor een ambulante behandeling moet je naar het ziekenhuis, maar opname is niet nodig. Je mag dus meteen na de behandeling naar huis. Dat is het geval met de meeste chemokuren en radiotherapiekuren.
  • In heel specifieke gevallen kan de chemotherapie thuis gegeven worden.
  • Soms is er voor een therapie een opname in het ziekenhuis nodig. Het ziekenhuisverblijf varieert van enkele dagen (voor een operatie) tot enkele weken (voor een beenmergtransplantatie).

©Vivio

Getuigenissen

Erik
We zijn in 2001. Erik Briers viert zijn vijftigste verjaardag en ‘trakteert’ zichzelf op een gezondheidscheck bij de huisarts. Het begin van een rollercoaster die nog steeds niet is uitgebold.Lees verder