Geen oorzakelijk verband tussen deodorant en borstkanker

De eerste alarmerende berichten rond de vermeende schadelijke effecten van deodorants (om lichaamsgeurtjes te verdoezelen) en antiperspiranten (om overmatig zweten tegen te gaan) verschenen in 1999 op het internet. Er stond te lezen dat beide, deodorants en antiperspiranten, schadelijke stoffen bevatten die borstkanker kunnen veroorzaken. Nadien bleken de beweringen gebaseerd te zijn op een onderzoek bij slechts twintig vrouwen, zonder controlegroep. Na verificatie is gebleken dat deze beweringen niet gebaseerd zijn op betrouwbare wetenschappelijke gegevens.

Geruchten zaaien onrust

Aanvankelijk werd aluminiumchloorhydraat als de grote schuldige gezien. De stof zou zogezegd het zweetproces afremmen, en daardoor verhinderen dat de afvalstoffen naar buiten kunnen op een aantal typische plekken: knieplooi, achterkant oren, liesstreek, oksels. De stof zou bovendien het lichaam binnendringen via kleine letsels na het scheren. 

Ook de zogenaamde parabenen in antiperspiranten zorgden aanvankelijk voor onrust. Antiperspiranten verhinderen het zweten en dus bijgevolg ook de verwijdering van zweet via de oksels. In plaats van geëlimineerd te worden, zouden de giftige afvalstoffen zich vastzetten in die zone, dus in de buurt van de plaats waar de meeste borstkankers ontstaan.

Onrust is onterecht

Volgens wetenschappers is dit verband weinig waarschijnlijk. Borstkankers nestelen zich op een zekere afstand (5 à 7 cm) van de oksels. Daardoor is het weinig waarschijnlijk dat de antiperspiranten de klieren zouden bereiken. Een eventuele opstapeling van giftige stoffen in de klieren zou evenmin het ontstaan van borstkanker bevorderen, omdat deze kanker ontstaat in ander weefsel. 

Het verband tussen borstkanker en lymfeklieren loopt eerder in de andere richting. Een borstkanker ontstaat in borstweefsel (klierweefsel van de borst). Als kankercellen zich losmaken van dit gezwel, kunnen ze zich nestelen in de lymfeklieren die zich bv onder de arm bevinden. Daar kunnen dan secundaire tumoren ontstaan (metastases of uitzaaiingen). Bovendien worden de afvalstoffen via het lymfestelsel afgevoerd: van de borst naar de oksel en niet omgekeerd, zoals verkeerdelijk wordt verondersteld bij een verband tussen deodorant en borstkanker. Zowel de American Cancer Society als het Amerikaanse National Cancer Institute komen tot dezelfde conclusie. Deodorant en antiperspirant kunnen dus zonder risico worden gebruikt.

Oppervlakkig onderzoek weerlegd

Een Brits onderzoeksteam heeft zich recentelijk ook over de problematiek gebogen. Van de twintig vrouwen met een borstkanker die ze onderzochten, bleken er bij achttien sporen terug te vinden van parabenen, een groep producten die in deodorants zit. 

Wat moeten we daarvan denken? Om te beginnen lijkt een onderzoek bij zo’n beperkte groep niet echt zinvol. Wat echter nog vreemder is, is dat er geen getuigenisstalen (gezonde weefsels) zijn onderzocht. Het is dus best mogelijk dat er gelijkaardige concentraties aan parabenen elders in het lichaam terug te vinden zijn, zonder dat er een verband met kanker bestaat. 

Maak je niet ongerust

Parabenen doen ook dienst als bewaarmiddel om de groei van schimmels en bacteriën te verhinderen. Ze komen voor in tal van andere producten zoals ontharingscrème, zonnebrandcrème, aftershave, lippenstiften, haarverf, neus-, oog en oordruppels en in sommige voedingsmiddelen (ham, vruchtensap, siroop, gehakt vlees…). Tot vandaag heeft dit geen noemenswaardige gezondheidsproblemen veroorzaakt. Het feit dat er sporen van parabenen in borstgezwellen worden teruggevonden, betekent nog niet dat er een oorzakelijk verband bestaat tussen parabenen en borstkanker. De verwarring is wellicht te verklaren door het feit dat parabenen een soortgelijke werking als oestrogenen lijken te hebben. Van oestrogenen is een verband met borstkanker bekend. Onderzoek bij een groter doelpubliek, met inbegrip van controlestalen (dus gezond weefsel), moet toelaten om meer zekerheid te krijgen.

Laatst aangepast op: 29/03/2018

Getuigenissen

Begin 2012 werd er bij Gustaaf Smans een poliep in de blaas weggenomen. Een routineprocedure eigenlijk, in eerste instantie was er dus niets aan de hand. Tot 4 april. Vlak voor een etentje voor zijn 40ste huwelijksverjaardag moest Gustaaf voor de uitslag nog even langs de uroloog. Het resultaat: kwaadaardige cellen in de blaaswand... en de start van een zware chemobehandeling en een lange revalidatie.Lees verder