Het rookverbod voor alle cafés bestaat 10 jaar

Suzanne Gabrielsdonderdag, 1 juli 2021

Opiniestuk van Suzanne Gabriels, expert tabakspreventie Stichting tegen Kanker

Sinds 1 juli 2011 kent ons land een rookverbod in alle horecazaken. De weg erheen was hobbelig, maar ondertussen is het al 10 jaar een feit dat in geen enkel café gerookt mag worden. Twee uitzonderingen zijn voorzien in de wet. Er mag wel gerookt worden in speciale rookkamers en op terrassen waarvan één kant volledig open is.

Zoals in Ierland, het eerste EU land waar de pubs rookvrij gingen, was er veel tegenstand. Maar uit enquêtes, afgenomen voor en na de maatregel, bleek dat de bevolking na het doorvoeren van het rookverbod erg tevreden was. Ook de vrees dat rokers meer thuis en binnenshuis zouden gaan roken, bleek ongegrond. Het tegendeel gebeurde: thuis werd er minder gerookt en het globaal aantal rokers daalde verder de jaren nadien. Het signaal van de overheid om werknemers in de horeca te beschermen tegen passief meeroken was zo op vele vlakken bijzonder effectief.

In Nederland geldt sinds 2008 een rookverbod in de horeca. Aan de uitzondering voor rookruimtes kwam in 2019 een einde na een rechtszaak met volgende argumentatie: enerzijds de sociale druk op niet-rokers om zich bij rokers in de rookkamer te voegen; anderzijds de rook die uit deze kamer blijft ontsnappen zodat werknemers toch passief meeroken; zeker ook wanneer ze de rookruimte kuisen.

Dit jaar begonnen in het Verenigd Koninkrijk enkele “councils” met het opleggen van rookvrije terrassen. Ten gevolge van COVID-19 kon alleen buiten op de terrassen gegeten en gedronken worden. Om de horeca ten volle kansen te bieden, werden extra licenties uitgereikt om te serveren op publieke stoepen. Een zestal “councils” voerden tegelijkertijd de regel in dat op terrassen niet meer gerookt mag worden.

Volgens de rookenquête 2020 van Stichting tegen Kanker [SG2] stond in september vorig jaar 58% van de Belgen achter rookvrije terrassen. Niet-rokers zijn met 75% het meest overtuigd. Het merendeel (57%) van de ex-rokers is pro. En bij de rokers, van wie je zou verwachten dat ze tegen zijn, blijkt meer dan 1 op de 3 (34%) voorstander.

Onze maatschappij zal blijven evolueren en meer omgevingen rookvrij maken: vrijwillig of via wettelijke bepalingen. Stichting tegen Kanker roept alvast op om vooruit te lopen. Rokers en horeca-uitbaters vragen wij om te anticiperen op wat onvermijdelijk nog gaat komen. En onze minister van Volksgezondheid vragen we om rookstophulp beter te ondersteunen, zeker wanneer hij verder zou willen gaan met wettelijke verbodsbepalingen.

Aan de eerste groep, de rokers, is onze boodschap: vermits je toekomst als roker er niet makkelijker op zal worden, stop je beter nog vandaag of morgen dan volgend jaar. Met Tabakstop, onze gratis hulplijn kunnen wij je helpen om van je verslaving af te geraken en je vrijheid terug te winnen.

Aan een tweede groep, de horeca-uitbaters, geven we graag mee dat niet-rokers in onze maatschappij de overgrote meerderheid (4 op 5) vormen en dat het dus vooral niet-rokers zijn die komen consumeren.  Durf daarom te gaan voor die rookvrije terrassen.

Tenslotte een oproep aan minister Vandenbroucke. In het regeerakkoord staat de ambitie van een rookvrije generatie. Deze politieke keuze is al gemaakt. Alles wat nodig is om daar te geraken, zal vroeg of laat volgen, ook een rookverbod op open terrassen. Als COVID-19 ons iets duidelijk heeft gemaakt, is het dat onze solidaire gezondheidszorg limieten heeft. Overheden, zelfs van liberale signatuur, durven meer dan ooit ingrijpen op het leven van ons allen. De mogelijkheid voor een roker om zijn sigaret op te steken, zelfs in open lucht, is met de mondmaskerplicht al onder druk gekomen en zal met toekomstige nieuwe rookverboden nog verder bemoeilijkt worden. Hoog tijd dus om ervoor te zorgen dat nicotinevervangers (zoals nicotinepleisters of –kauwgom) als rookstophulpmiddel terugbetaald worden. Dit zal rokers helpen op rookvrije plaatsen en verhoogt hun kansen op een succesvolle rookstop.