Seksualiteit: durf erover te praten met het zorgteam!

donderdag, 12 januari 2017

Hoewel het in 2016 evident lijkt om seksualiteit aan te kaarten binnen het therapeutisch behandelplan van kanker, blijkt uit een recente studie op basis van de VICAN 2 enquête, in 2012 afgenomen te Frankrijk bij 4.349 respondenten (18 - 82 jaar) bij wie twee jaar eerder kanker werd vastgesteld, dat dit nog helemaal niet het geval is. Nochtans maakt seksualiteit inherent deel uit van de menselijke basisbehoeftes en van een holistische behandeling van de patiënt.

Commentaar van Stichting tegen Kanker

Veranderde seksualiteitsbeleving

Bij veel kankerpatiënten spelen er heel wat factoren die een impact kunnen hebben op hun seksualiteit. Zowel de ziekte als de behandelingen veranderen immers dikwijls het uiterlijk, veroorzaken vermoeidheid of verstoren het hormonale evenwicht, waardoor niet alleen de patiënt zelf zich seksueel geremd kan voelen, maar ook de relatie met zijn of haar partner onder druk kan komen te staan. 

Soms uiteenlopende behoeftes

Bovendien vermelden veel patiënten dat ze - vergeleken met de periode voor de kankerdiagnose - soms gewijzigde seksuele of intieme behoeften ervaren. Vooral patiënten met borst-, baarmoederhals- en prostaatkanker, bij wie de hormonale behandelingen bijwerkingen inhouden die het seksuele leven beïnvloeden, maken hier melding van. Het blijkt dan ook heel belangrijk hier constructief rekening mee te houden.

Communicatie blijkt van vitaal belang, maar faalt vaak

Vandaar is een goede communicatie van essentieel belang. Toch blijken vele gezondheidsprofessionals dit onderwerp zelf zelden of gebrekkig aan te kaarten. Van de 4.181 patiënten die deelnamen aan bovenvermelde enquête, verklaarde 54,7% dat geen enkele verzorger het onderwerp seksualiteit tijdens hun behandeling had aangebracht. Bovendien bleek een verder gevorderde leeftijd van de patiënt geassocieerd te zijn met desinteresse, zelfs een afkeer voor de kwestie bij de professional. Patiënten, die het onderwerp vaak als gevoelig ervaren, hadden het veelal moeilijk om de kwestie zelf op tafel te brengen. Nochtans blijkt uit heel wat literatuur en getuigenissen dat ze vragende partij zijn om het onderwerp bespreekbaar te maken.

Praten met de patiënt, zijn/haar partner en lotgenotencontact

Idealiter zou seksualiteit zonder schroom aan bod moeten komen van zodra de kankerdiagnose gesteld wordt en doorheen het hele verloop van de ziekte. Vaak blijkt het belangrijk de partner van de patiënt van bij aanvang te betrekken bij deze gesprekken. Daarnaast moet desgewenst ook ruimte zijn voor de patiënt (en de partner afzonderlijk) om individueel te kunnen praten met een professional. Ook groepsgesprekken met andere patiënten of lotgenoten, zoals regelmatig georganiseerd door Stichting tegen Kanker, kunnen patiënten helpen.

Zorgteams sensibiliseren

Elke twee jaar reikt Stichting tegen Kanker ‘Social Grants’ of financiële beurzen uit aan projecten die zich inzetten om het psychosociaal welzijn van patiënten te bevorderen. Zo werd in de editie van 2015 een project gesteund dat het volledige oncologische zorgteam (artsen en paramedici) sensibiliseerde en informeerde over het cruciale belang seksualiteit zonder taboe bespreekbaar te maken in de dagelijkse reguliere zorg.

Meer weten?

Source : Article paru sur le site www.lespecialiste-despecialist.eu le 13 décembre 2016