Zijn de meeste kankers te wijten aan pech? | Stichting tegen Kanker

Zijn de meeste kankers te wijten aan pech?

donderdag, 15 januari 2015

De laatste dagen verschenen er tal van artikels in de pers in verband met een informatie die oorspronkelijk in het gespecialiseerde tijdschrift Science was verschenen : de meeste kankers zouden te wijten zijn aan  "pech". 

Die "pech" kan worden verklaard door het risico van spontaan optreden van afwijkingen in het DNA bij elke celdeling. In sommige organen zijn er heel veel celdelingen heel ons leven lang. Het opstapelen van die spontane afwijkingen als gevolg van « ongeluk » zou dan verantwoordelijk zijn voor de meeste kankers die heel frequent voorkomen in die zelfde organen.

De auteurs van de studie zijn van mening dat zo 2/3 van de kankers het gevolg zouden zijn van onvermijdelijke afwijkingen als gevolg van «pech », en dat slechts het overblijvende derde te wijten zou zijn aan omgevingsfactoren of genetische voorbeschikking. 

Bronnen: Tomasetti C. And Vogelstein B. Variations in cancer risk among tissues can be explained by the number of stem cell divisions. Science 02-01-15. Vol. 347 no. 6217 p. 78-81 ; Knack gezondheid, 02-01-15

Commentaar van Stichting tegen Kanker

Verschillende oorzaken 

Het artikel in Science berust op statistisch onderzoek van een geneticus en een specialist in statistiek. Voor elke celdeling dient heel het DNA gekopieerd te worden om dan overgebracht te worden naar de dochtercellen. Bij elke kopie bestaat een risico op fouten in het DNA. Het is logisch dat hoe meer kopieën worden gemaakt van DNA, des te hoger het risico op afwijkingen en dus ook op kanker. Daarom vergroot het risico op kanker dan ook met toenemende leeftijd.

Maar een kanker kan niet worden verklaard door een enkele factor. Het is altijd een gevolg van een opstapeling van microscopische beschadigingen in het DNA. Verschillende risicofactoren spelen tegelijkertijd een rol en er bestaat een wisselwerking tussen hen om tot kanker te leiden. Sommige van die risicofactoren zijn onvermijdelijk zoals het risico op mutaties (fouten bij het kopiëren van het DNA) tijdens een celdeling. Maar dat verklaart niet alles. Zo is de hypothese van deze onderzoekers niet op dezelfde manier geldig voor al onze organen. Zo komt kanker maar zelden voor in de dunne darm, waar toch heel veel celdelingen plaatsvinden.

Kankerrisico kan worden verminderd 

Bovendien spelen omgevingsfactoren een overduidelijke rol bij een aantal kankers. Zo is roken wel degelijk een belangrijke risicofactor bij longkanker: meer dan 90% van de longkankergevallen komen voor bij rokers of ex-rokers. Een ander voorbeeld: de link tussen huidkanker en overdreven blootstelling aan UV-stralen is overduidelijk. Ook het risico op verschillende andere kankers kunnen we verminderen door gezonde levensgewoonten (niet roken, gezond gewicht, gezonde voeding, voldoende fysieke activiteit, alcoholverbruik beperken, …). Maar rekening houdend met de onvermijdbare risicofactoren (risico op spontane fouten tijdens celdelingen), kunnen we het risico op kanker nooit 100% uitsluiten, zelfs als we zeer gezond leven.

Geen fatalisme maar ook geen overdreven optimisme

We mogen uit deze studie zeker niet besluiten dat alle kankers een fataliteit zijn. De levenswijze speelt ook een zeer belangrijke rol. Maar rekening houdend met de niet te vermijden risico’s biedt een ideale levenswijze spijtig genoeg geen absolute waarborg om geen kanker te krijgen…